Defensie Curaçao alert op crisis Venezuela

De zonnige façade van het vakantie-eiland Curaçao kent veel schaduwzijden.  beeld Riekelt Pasterkamp
2

De crisis in Venezuela raakt ook Curaçao. Defensie rekent met de bouw van opvanglocaties.

De zonnige façade van het vakantie-eiland Curaçao kent veel schaduwzijden. Rivaliserende drugsbendes die elkaar het leven zuur maken, schietpartijen (onlangs nog met vijf doden tot gevolg), corrupte politieagenten en een lastig politiek klimaat zijn maar enkele van de problemen waar het land (twee keer groter dan Texel) mee te maken heeft.

En nu is er ook de crisis in het naastgelegen Venezuela. Een groeiende stroom mensen verlaat het land. Al zeker 200.000 Venezolanen staken de grens met Brazilië, Peru en Colombia over. Een klein deel waagt zich per boot naar Curaçao. Slechts 80 kilometer azuurblauw water zit er tussen het autonome eiland binnen het Koninkrijk der Nederlanden en de noordkust van Venezuela. Een mogelijke vluchtelingencrisis kan het kleine eiland met 160.000 inwoners niet aan.

Dat ziet ook brigadegeneraal der mariniers Peter Jan de Vin. Als kersverse commandantzeemacht in het Caraïbisch gebied –CZMCarib in defensiejargon– is hij de hoogste Nederlandse militaire vertegenwoordiger op Curaçao. De Vin (1962) is tevens directeur kustwacht en commandant van een op Amerikaanse leest geschoeide task group die antidrugsoperaties in het Caraïbisch gebied uitvoert.

Op Twitter maakte De Vin eind vorige maand melding van de aanhouding door de kustwacht van „26 ongedocumenteerden” in een bootje. Venezolanen die de situatie in eigen land niet meer vertrouwen en naar Curaçao vluchten. „Deze mensen hebben we overgedragen aan de autoriteiten van het land Curaçao”, zegt De Vin op de marinebasis Parera in Willemstad. Vorig jaar zijn overigens 539 Venezolanen teruggestuurd. „Intensievere patrouilles van de kustwacht laten geen beeld zien van een sterke toename van illegale migratie over zee.”

Maar wat te doen als er niet 26, maar 2600 ongedocumenteerden tegelijk aankomen? „Dan hebben we een uitdaging en gaan we met z’n allen improviseren. Als defensie bereiden we ons natuurlijk voor. Als de regering van Curaçao ons daarom vraagt, kunnen we opvanglocaties opzetten. Mocht de nood aan de man komen, dan zijn er snel extra mensen en middelen vanuit Nederland.”

Want veel spullen heeft CZMCarib niet. Een paar schepen, een vliegtuig en een helikopter. En ongeveer 800 militairen en burgermedewerkers. „Schaarse mensen, schaarse capaciteiten, schaarse middelen”, zegt De Vin. „En het bad (inzetgebied van ongeveer 1000 bij 1500 kilometer, RP) is groot. Dus moeten we slim en efficiënt opereren.” Om de vier maanden komt er een marineschip uit Den Helder. Zr. Ms. Zeeland kampte vorige maand bij aankomst op Curaçao met motorstoring en was niet inzetbaar. De voorganger ging eerder terug naar Nederland, zodat er in de West een gat van bijna twee maanden viel.

Dat de beleving in Den Haag een andere is dan in Willemstad, is een open deur intrappen. De Vin glimlacht. „Bij kraakhelder weer kun je Venezuela zien liggen.”

Aruba

Ook Aruba heeft te maken met Venezolaanse vluchtelingen. Minister Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties kan zelf de situatie bekijken als hij deze week de zes eilanden van het Caraïbisch deel van het Koninkrijk bezoekt. Vrijdag is Plasterk op Curaçao en gaat hij langs bij de kustwacht en premier Rhuggenaath. Die laat zich overigens zeer voorzichtig uit over de politieke en sociaal-economische wantoestand in Venezuela, een land waarmee het „grote gezamenlijke belangen deelt.”

De Verenigde Staten kondigden sancties af tegen het Venezolaanse bewind van president Maduro. Trump, die Maduro een dictator noemt, dreigde vorige week zelfs met militaire interventie. Voor de werkgelegenheid op Curaçao is de raffinaderij, die wordt geëxploiteerd door het Venezolaanse staatsoliebedrijf PDVSAA, van grote betekenis. Die kan bij economische sancties in de knel komen. Het contract van Venezuela met de raffinaderij, die voor Willemstad onmisbaar is, loopt tot 2019.