Weerwoord: Christen balanceert tussen wegduiken en provoceren

beeld NPO
2

Een martelaar is iemand die standvastig van zijn geloof getuigt en daarom buitengesloten en vernederd wordt of zelfs gedood. Is dit de weg van iedere christen?

JA

Hoewel veel christenen nooit een marteldood zullen sterven, heeft iedere christen in een minderheidspositie regelmatig met afwijzing en agressie in allerlei soorten en maten te maken. Zowel mentale als fysieke gevangenschap kan het gevolg zijn. Mentale gevangenschap als men je volledig negeert en je in het publieke domein geen stem meer krijgt. Fysieke gevangenschap als je wordt opgesloten alsof je een crimineel bent. Recent gebeurde dit met de christengouverneur van de Indonesische hoofdstad Jakarta, die twee jaar gevangenisstraf kreeg omdat hij als niet-moslim een bepaalde interpretatie van de Koran bestreed.

De apologeet Tertullianus bracht in 197 na Christus de kritiek op christenen in verband met de algemene vijandschap tegen de waarheid. Zoals Paulus ook schreef: „Allen die godzaliglijk willen leven in Christus Jezus, die zullen vervolgd worden” (2 Tim. 3:12). Blijkbaar roepen christenen iets van woede en agressie over zich af, zelfs wanneer ze niet veel anders doen dan anderen: hun argumenten onderbouwen en debatteren volgens de regels der kunst. Ook in Nederland duiken met een zekere regelmaat in de media felle negatieve opmerkingen en beelden over christenen op. Christenen zouden intolerant en onredelijk zijn. Zij hebben als kleine minderheid een te grote mond. Bijna altijd zijn het opmerkingen die niet steunen op een redelijke argumentatie. Blijkbaar heeft de mensheid iets onlogisch tegen christenen.

Een andere reden dat christenen met afwijzing en tegenstand te maken krijgen, is hun levenswijze en roeping. Zij geloven dat Gods geboden heilzaam zijn voor iedereen. Ze geloven en belijden dat God de God is van de gehele wereld. Hun missie ten aanzien van Gods geboden is nooit alleen gericht op God en henzelf, maar ook op de naaste, de samenleving en de schepping. Deze houding brengt hen als vanzelf in botsing met andere ideologieën en religies.

NEE

Toch is het uitkijken met een al te stellige bewering dat een christen geboren is om martelaar te zijn. Waar christenen een meerderheid zijn, komt martelaarschap nauwelijks voor. Maar ook waar christenen in de minderheid zijn, is het niet vanzelfsprekend dat ze moeten lijden vanwege hun geloof. In de Vroege Kerk tekent zich reeds een tweedeling af: er waren christenen die het martelaarschap begeerden én er waren christenen die ervan wegvluchtten. Er waren er die zich vrijwillig aangaven, maar ook die anderen uit gevangenschap loskochten, onderdoken of op vlucht sloegen. Had Jezus Zelf niet gezegd: „Wanneer zij u dan in deze stad vervolgen, vliedt in de andere” (Matth. 10:23)?

Het thema van het wel of niet verloochenen van Jezus als gevolg van verdrukking is eind vorige eeuw indrukwekkend beschreven in het boek ”Stilte” van Shusaku Endo. Het is het verhaal van twee jonge jezuïeten uit Portugal die in 1637 in Japan op zoek gaan naar hun leermeester. Het gerucht gaat namelijk dat hij zijn geloof onder druk van martelingen heeft afgezworen. Rodrigues, een van de jezuïeten die bij de zoektocht betrokken zijn, komt in een diepe crisis. Hij komt erachter dat zijn motieven om te lijden voor Jezus niet zuiver zijn. Hij is niet deemoedig, maar juist trots en ijdel. Uiteindelijk kiest hij voor een veel nederiger rol dan het martelaarschap als hij gedwongen wordt op een afbeelding van Jezus te trappen. Hij weigert niet. Maar het is dan wel de Jezus Die de verloochening van zijn volgeling verdraagt en vergeeft.

Martelaarschap is nergens in de Bijbel een actief doel van de christen. Het overkomt hem of haar. Nooit klinkt het gebod de verdrukking of vervolging te zoeken. Daarentegen klinkt wel de oproep om zowel de Naam van Jezus te belijden als het heil van de naaste te zoeken. En als er druk op de ketel komt, maken christenen in deze wereld verschillende afwegingen. Niet alle geloofsissues vragen om een uitspraak als van Luther: „Hier sta ik, ik kan niet anders.”

DUS

Een christen geeft de exclusiviteit van het christelijk geloof niet op, noch door zich geheel aan te passen aan zijn seculiere omgeving, noch door zich geheel terug te trekken uit de samenleving en zich op die manier te vrijwaren van wrijving. Een christen balanceert tussen wegduiken en provoceren. Over wat je wanneer moet doen, zijn geen sluitende en altijd gelden- de uitspraken te doen. Wel staat overeind dat christenen burgers zijn van de hemel. Zij behoren bij God en leven hier op aarde in gemeenschap met de opgestane Christus. Zij leven niet als bange schapen, maar ze houden elkaar vast als oliedruppels op het water (McCheyne). En daardoor is het leven vreugdevol, ook al ondervind je hier afwijzing, verdrukking en vervolging.