Geen kwaad zonder de duivel

„Het werk van God ontlokt de gelovige aanbidding en verwondering.” beeld iStock

Toen God de volmaakt goede schepping in het aanzijn riep, accepteerde Hij het dat de duivel als de eeuwige destructor Zijn werk kon en zou molesteren, stelt ds. F. Maaijen.

Een van de prangende vragen is hoe er in Gods goede schepping zoveel kwaad kan zijn. Dat is al enorm veel als het alleen nog maar gaat over het kwaad in de schepping na de zondeval. Maar als God alles heeft geschapen in een evolutieproces van miljoenen jaren, is er sprake van gigantisch veel kwaad, pijn en lijden in de schepping gedurende dat lange proces.

Heeft God dat zo gewild? Vanuit de Bijbel geloven en belijden wij dat God alles goed, zelfs zeer goed geschapen heeft. Maar hoe kan er dan zoveel kwaad in die schepping aanwezig zijn? Het kwaad dat mensen doen, het zogeheten morele kwaad, maar meer nog het kwaad waaronder de schepping lijdt, het zogeheten kosmische kwaad. Veel theologen zeggen dat de schepping inderdaad goed is, maar dat het kwaad daarbij hoort. God heeft dat zo gewild, en als Hij zegt dat het zo goed is, dan is het goed.

Kwaad zonder oorzaak

Is zoveel kwaad verenigbaar met onze goede God? Is het te verenigen met hoe God is, als we aannemen dat God alles goed vermengd met zoveel kwaad geschapen heeft? De ”survival of the fittest” als een belangrijk element van de evolutietheorie staat haaks op de ontferming en bewogenheid van God met het zwakke, lijdende en hulpbehoevende.

De Bijbel kent zeker schaduwkanten in het beeld van God. God kan streng zijn; Zijn toorn is ontzagwekkend. God kan inderdaad kwaad bewerken. Met als climax zelfs de verdelging van heel de schepping in de zondvloed. Maar, en dat lijkt mij belangrijk, dat is dan altijd een reactie van God op het morele kwaad van Israël, van andere volken, van de mensheid. God zou nooit zonder reden iets kwaads scheppen! De reden van het kwaad dat God aanbrengt, is daarom ook altijd in de Bijbel terug te vinden.

Blijft dus de vraag staan of God ook de Schepper is van het kwade zonder aanleiding of oorzaak. Is het kwade in de schepping oorspronkelijk van aard? Ontspringt het kwaad aan God? Volgens mij moet het antwoord nee zijn.

Duivel

Over deze vragen kunnen we niet nadenken zonder te spreken over de duivel. Het wezen van de duivel is uitgedrukt in de naam die hij draag. Duivel betekent: hij die alles kapot maakt. God is de goede en volmaakte Schepper, de duivel is het absolute tegenovergestelde. En die duivel is er vanaf het begin bij. Om het zo te zeggen: vanaf de grondlegging der wereld. Zo je wilt: gedurende heel het evolutionaire proces.

Onwillekeurig zou je vanuit Genesis 3 kunnen denken dat de duivel pas op de proppen komt bij de zondeval, maar het lijkt mij onwaarschijnlijk. Als God de schepping zou hebben bereid in een evolutionair proces van miljoenen jaren, zou de duivel voorafgaand aan de zondeval dan miljoenen jaren passief zijn geweest?

De aloude vraag is of de duivel zelfstandig zo destructief kan handelen. Hij kan toch alleen iets doen voor zover God hem dat toelaat?

Consequent en vastberaden heeft de klassieke theologie God niet tot auteur van de zonde willen maken. Terecht. Maar, opmerkelijk, in het huidige debat over schepping en evolutie kan God wel voor auteur van het kosmische kwaad worden gehouden! We moeten echter niet God, maar de duivel als auteur van het kwaad zien.

Goed en kwaad

De schepping van God is goed. Dat is nog altijd zo, zelfs al waren er tien zondevallen geweest. Het werk van God ontlokt de gelovige aanbidding en verwondering. Nog altijd ervaren we zo de schoonheid van de schitterende natuur, zijn we onder de indruk van de duizelingwekkende grootsheid van de kosmos, zijn we ontroerd bij elke baby die is geboren. Een gelovige natuurwetenschapper doet zingend zijn werk. Ook al weten we van de gebrokenheid en het kwaad, toch zingen we van harte het scheppingslied van Genesis 1 en het loflied van Psalm 8. De totale goedheid van God laten we staan, maar we erkennen dat daarnaast ook de duivel bestaat.

En met deze gedachten keren we terug naar het begin. God heeft niet het kwade in de schepping ingebakken. Zelfs de gedachte dat God het door de duivel bewerkte kwaad heeft toegelaten, is misschien nog niet helemaal de juiste gedachte. Zou het niet zo zijn dat God wist van het bestaan van de duivel, en alles waartoe de duivel in staat en geneigd is, en toch besloot de schepping in het aanzijn te roepen? Zijn werk is goed, volkomen goed, maar Hij accepteert het feit dat een ander dat goede werk kan en zal molesteren. Zoals een architect een prachtig gebouw ontwerpt, ook als hij weet dat vandalen het zullen beschadigen, dat zelfs oorlogszuchtige lieden het kunnen bombarderen.

Dodelijke kennis

Dat God en de duivel vanaf het begin werkzaam zijn, is ook de betekenis van die ene boom in het paradijs. De mensheid kreeg deel aan de kennis van goed en kwaad, kennis aan het werk van God en aan het werk van de duivel. Die kennis is niet alleen maar problematisch, die kennis is dodelijk. Dat openbaart God ons in Genesis 3. Dat is ons deel, ons lot in de eerste Adam. Het is niet gering wat de duivel al zo lang als de eeuwige destructor teweegbrengt. Als Schepper ontplooit en draagt God deze geschonden en gehavende schepping.

De auteur is als predikant verbonden aan de hervormde gemeente Oude Kerk te Zwijndrecht.