Bied lhbt’er veilige plek in kerken en gezinnen

Het is voor reformatorische lhbt’ers goed wanneer zij open durven te zijn over hun geaardheid en liefde vinden in plaats van afwijzing, reageert Elze Reinders.

Op 27 maart was er een flyer van Civitas Christiana bij het Reformatorisch Dagblad gevoegd. Daarin roept deze stichting op tot protest tegen reclames van het kledingbedrijf Suitsupply waarop zoenende mannen te zien zijn.

Het zien van deze flyer heeft veel losgemaakt in het land. Maar ook bij mij (mijn hele familie leest deze krant). Ik moest denken aan mijn eigen ervaring en het raakte en verontrustte me.

Als biseksuele vrouw groeide ik op binnen de Christelijke Gereformeerde Kerken, in een veilig nest met liefhebbende ouders. Toch durfde ik pas vier jaar geleden, na mijn dertigste, eindelijk uit de kast te komen als biseksueel. Dat het zo lang duurde voordat ik zelf eerlijk kon zijn, kwam doordat ik mij lang niet veilig genoeg voelde om mijn ware aard te tonen. Mij was namelijk heel vaak duidelijk gemaakt dat het zondig was dat ik mij tot vrouwen aangetrokken voelde, al kende ik de term ”biseksualiteit” pas sinds mijn twintigste.

Op een gegeven moment wist ik dat, als ik niet mezelf kon en mocht zijn, mijn leven zou eindigen. Het schuldgevoel werd ondraaglijk en ik raakte er zwaar depressief door. Ik ben daar niet alleen in: het percentage zelfdodingen onder lhbt-jongeren is zeer hoog (lhbt staat voor lesbisch, homo(seksueel), bi(seksueel) en transgender). Daarom was zowel de flyer als de tegenreactie van crowdfunders mijns inziens schadelijk. Beide acties zorgen voor polarisatie en roepen heftige reacties op, waarvoor uiteindelijk reformatorische (kast-)lhbt’ers de prijs betalen. Als reformatorische gelovigen voelen zij zich niet veilig bij seculiere activisten, en als lhbt’ers niet in hun eigen kerk.

Stichting Verscheurd

Toen ik uiteindelijk niet meer anders kon dan open zijn, was dat voor mijn omgeving een behoorlijke schok. De vraag was natuurlijk direct of ik mijn biseksualiteit in praktijk bracht. Doordat ik daarover van het begin af aan duidelijk was geweest, kon ik daar met mijn ouders, andere familieleden en vrienden over praten. Zij gaven allemaal aan van me te houden, hoe dan ook. Dit was voor mij een enorme opluchting.

De eerste jaren was het wel vrij moeilijk om hierover te praten met mijn reformatorische omgeving; we hadden allemaal onze gevoeligheden. Inmiddels zijn de gesprekken opener en groeien we weer naar elkaar toe. Dat vraagt wat, van alle partijen. Het vergt goed luisteren, respect en loslaten waar dat nodig is.

Na mijn coming-out raakte ik betrokken bij het werk van Stichting Verscheurd. Daar vond ik mijn eerste plek als openlijke lhbt’er. En daar leerde ik het belang van het zien van de mens, niet ”het probleem homoseksualiteit”. De manier van gesprekken voeren is me bijgebleven, ook nadat ik daar mijn vrijwilligerswerk beëindigd had. Het heeft ervoor gezorgd dat ik met mijn omgeving ben blijven praten, ondanks onze verschillende opvattingen en hoe lastig het ook is. We hebben allemaal geleerd dat de liefde voor elkaar elk verschil overstijgt.

Kwetsbaar

Het is voor reformatorische lhbt’ers goed wanneer zij open durven te zijn over hun geaardheid en liefde vinden in plaats van afwijzing. De innerlijke strijd die aan zo’n moment voorafgaat, mag niet onderschat worden. Met een reactie kun je dan iemand opbouwen of afbreken. Men komt, terwijl met weet heeft van eventuele verschillen in opvatting, toch naar voren met iets zeer kwetsbaars.

Het is belangrijk om eerst de mens te zien. Flyers zoals die van Civitas Christiana bij een reformatorische krant bemoeilijken zo’n cruciale eerste liefdevolle reactie richting deze jonge, kwetsbare mensen.

Over de verschillen in opvatting kan het gesprek daarna altijd nog op een goede wijze worden gevoerd. Daarbij moet worden bedacht: lhbt’ers in de kerk weten ontzettend goed wat er in de Bijbel staat en wat hun kerk leert. Vaak worstelen zij zelf ook nog hevig met hun identiteit en hun geloof. Om hen en hun omgeving te ondersteunen, zijn er organisaties zoals Stichting Verscheurd en Contrario, die pleiten voor dialoog, zonder een standpunt in te nemen. Zij bieden lokaal ondersteuning, zowel individueel als in de kerk of het onderwijs.

Ik wens een veilige plek in kerken en gezinnen voor mensen die nog niet uit de kast zijn. Waar de veiligheid om meer gaat dan de vraag of men het met hem of haar eens is, waar de mens gezien wordt en niet het probleem. Waar de liefde sterker is dan het verschil. Want de liefde is levensreddend.

De auteur (1982) is oprichter van gastouderopvang Yedida in Medemblik. Ze groeide op binnen de Christelijke Gereformeerde Kerken en was vrijwilliger bij Stichting Verscheurd. >>verscheurd.nl >>contrario.nl