Experiment: musicus studeert effectiever door rust en sport

Het Rotterdams Philharmonisch Orkest. beeld ANP, Pieter Stam de Jonge

Het leven een musicus bestaat vaak uit studeren, studeren en nog meer studeren. Dat kan effectiever, blijkt uit een experiment van een topsporter en een topmusicus waar Trouw over schreef.

Contrabassist James Oesi had altijd een druk bestaan: overdag studeren, ’s avonds concerten geven. Hoefde hij maar de helft van het programma mee te doen, dan zat hij tijdens het tweede deel van het concert buiten de zaal te studeren. Maar tevreden was hij „zelden.”

Dankzij een ontmoeting met oud-schaatser en neurowetenschapper Beorn Nijenhuis raakt Oesi betrokken bij diens experiment om effectiever te studeren. Een van de onderdelen van het experiment is het aanpassen van het studieritme. Want uren achtereen studeren levert volgens de sporter helemaal niet het beste resultaat op. Beter is het om werken en pauzeren af te wisselen: drie kwartier studeren, dan een kwartier pauze.

Sporters en musici zijn tot op zekere hoogte vergelijkbaar. Voor beiden geldt dat ze geconcentreerd moeten werken en geen fouten mogen maken. Ook moeten ze specifieke bewegingen aanleren.

Oesi gooit op advies van Nijenhuis zijn hele studeerschema om: in plaats van te werken van 10 uur ’s ochtends tot 2 uur ’s middags studeert hij in blokken van drie kwartier met daarna een kwartier rust. Tussen de middag sport hij en doet hij een halfuur de ogen dicht. Vooral sporten blijkt belangrijk voor de effectiviteit van het studeren: de musicus doet dat in zijn nieuwe ritme dan ook maar liefst vier keer per week.

Behalve het tijdig rust nemen en het sporten is ook een psychologische component van belang. Oesi leert zich bij het studeren te focussen op één studie-element, bijvoorbeeld de linkerhand, versieringen of het uit het hoofd leren van een stuk. Dat studiedoel stelt hij van tevoren vast.

De combinatie van studeren, rusten en sporten wierp zijn vruchten af: het energieniveau van Oesi is na een half jaar met het nieuwe schema stabieler en hoger.

Dat door voldoende te rusten en te sporten het effect van studeren toeneemt, kan voor veel muzikanten een eye-opener zijn. Musici, zeker die werkzaam zijn in de professionele wereld, worden vaak blootgesteld aan veel stress. Ze moeten hard werken om rond te komen en hebben door hun status als zzp’er –wat voor het gros van de musici geldt– vaak weinig financiële zekerheid. Door de coronacrisis is dit alleen maar erger geworden. Exacte cijfers over het aantal burn-outgevallen onder musici zijn niet bekend, maar naar schatting krijgt 9 procent van de zelfstandigen te maken met burn-outklachten zoals lichamelijke en geestelijke vermoeidheid, slecht slapen en prikkelbaarheid.

In plaats van er nog een tandje bovenop te doen, kan het voor musici dus lonender zijn om juist gas terug te nemen en tijd in te bouwen voor lichamelijke inspanning.