Metgezel ontmoetingsdag: „George Whitefield als tweede Luther”

Ds. J. R. Rutt (tweede van l.), voorganger bij de Strict Baptists in het Engelse Lamberhurst, sprak donderdagavond in Alblasserdam met leden van de stichting Vrienden van The Gospel Standard. Nadien ging ds. Rutt voor in een kerkdienst, waarin hij stilstond bij Markus 1:24. beeld Cees van der Wal

Overal waar George Whitefield preekte, verspreidde hij zegen en leven. „De Heere heeft hem willen gebruiken om een stervende kerk uit de dood op te wekken.”

Dat stelde ds. P. den Ouden, hersteld hervormd predikant te Katwijk, donderdag op de jaarlijkse ontmoetingsdag rond het tweemaandelijks blad ”Metgezel”, een uitgave van de stichting Vrienden van The Gospel Standard. The Gospel Standard is het kerkelijk orgaan van de Strict Baptists in Engeland.

In de tijd dat George Whitefield leefde (1714-1770), heerste er in de kerk van Engeland een onbeschrijflijke ingezonkenheid, aldus ds. Den Ouden. „De meeste predikanten leidden een werelds leven; ze lazen niet of nauwelijks in de Bijbel. Het maatschappelijk verval was eveneens ontstellend. De samenleving had volgens hem met alle godsdienst afgerekend. Het christelijk geloof werd belachelijk gemaakt.” Hier en daar waren nog getrouwe predikanten, onder wie John Howe. Hij was degene die de Heere voor Whitefield wilde gebruiken.

Op zestienjarige leeftijd ging Whitefield in Oxford studeren. Daar kreeg hij contact met Charles en John Wesley, die met nog een paar studenten elke week bij elkaar kwamen om te lezen en te bidden. De groep werd door andere studenten spottend ”de heilige club” genoemd. „In Oxford”, vertelt Whitefield later in een preek, „heeft Jezus Christus Zich voor het eerst aan mijn ziel geopenbaard en mij tot nieuw leven gewekt”. Ds. Den Ouden: „De jonge Whitefield werd de weg tot Christus gewezen, maar hij wist niet hoe hij bij Hem moest komen. Tot hij op een dag erg last had van dorst en dacht aan Christus aan het kruis. Whitefield viel op zijn bed en riep uit: „Mij dorst!” Toen kwam God.”

De meeste kerken sloten de deur voor Whitefield, maar hij wist dat de Heere een andere deur geopend had. „Overal ging hij erop uit om het verlorene te zoeken. Hij preekte hoofdzakelijk in de openlucht voor duizenden mensen, tot in Amerika. Het was werkelijk een Pinkstertijd. De Heere deed dagelijks tot de gemeente toe die zalig werden.”

Als 25-jarige was Whitefield in Northampton te gast in de pastorie van Jonathan Edwards, die bekend stond als de grootste theoloog van Nieuw-Engeland. „Het werd het begin van wat bekend staat als de grote opwekking”, aldus ds. Den Ouden.

De noodzaak van wedergeboorte en de rechtvaardiging door het geloof alleen, waren in die tijd vergeten waarheden, stelde de predikant. „De Heere heeft Whitefield als een tweede Luther willen gebruiken om het licht van het Evangelie weer op de kandelaar te zetten. Velen in zijn tijd hebben Whitefield beschouwd als een tweede Paulus. Hele streken kwamen geestelijk tot bloei. Zo heeft de Heere hem willen gebruiken om een stervende kerk weer uit de dood op te wekken.

Ds. Rutt

In de avondbijeenkomst sprak ds. J. R. Rutt, Strict Baptistvoorganger uit het Engelse Lamberhurst. Hij is de verbindende schakel van The Gospel Standard tussen Engeland en Nederland en medewerker van het blad Metgezel. Hij stond in zijn overdenking stil bij Markus 1:24.