Klassenfeest laat buitenbeentje niet aan de zijlijn staan

beeld ANP, Marcel van Hoorn
2

Organiseer één of twee keer per jaar een klassenfeest, zodat buitenbeentjes niet buiten de boot vallen. Die oproep doet Laura Batstra, onderzoekster en docent aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG), aan ouders van kinderen op de basisschool.

Kinderen zijn er soms weken mee bezig. Wie nodig ik uit voor mijn verjaardagsfeestje? Als een kind vijf klasgenoten mag kiezen, valt het stille meisje of die onhandelbare jongen snel af. Het gevolg: kinderen die altijd aan de zijlijn staan.

Volgens Batstra, hoofddocent orthopedagogiek aan de RUG, komt dit regelmatig voor. „Voordat ik docent werd, heb ik als behandelaar in de psychiatrie gewerkt. Daar kwam ik in aanraking met ouders die echt verdrietig waren dat hun kind nooit werd uitgenodigd voor een verjaardagsfeestje.”

Batstra, moeder van vier kinderen, organiseerde daarom met een kennis, muziekleraar Wim Venema, een paar jaar geleden op de verjaardag van haar zoontje een feest voor heel de klas. „Toen kwam er een meisje naar me toe. Ze was heel blij want ze had voor het eerst een uitnodiging gehad. Ik was blij voor het kind, maar het was ook heel pijnlijk.”

Naar aanleiding van dat voorval bedacht Batstra een project waarin ze ouders wil stimuleren om een paar keer per jaar een gezamenlijk klassenfeestje te organiseren. Vier klassen van basisschool Het Anker in Zuidhorn doen mee. Ouders die het zien zitten, organiseren op de verjaardag van hun kind een feest voor heel de klas. Ze krijgen daarbij hulp van Batstra en één of meer vrijwilligers. Een partycentrum in Niekerk (Groningen) heeft ruimte beschikbaar gesteld voor de feestjes.

„Door de gezamenlijke feestjes leren kinderen dat iedereen erbij hoort”, legt Batstra uit. „Ook de jongen die altijd stil in een hoekje zit of het meisje met wie je normaal niet snel zou spelen. Door het klassenfeest spreek ik met mijn kinderen over hoe je omgaat met buitenbeentjes. Daar hebben ze de rest van hun leven profijt van.”

Het experiment is onderdeel van Batstra’s collegaonderzoeker, Marc Conradi. „Hij onderzoekt wat het effect is van gezamenlijke feestjes op de sociale samenhang in een klas. Het onderzoek richt zich op de basisschool in Zuidhorn, maar ik roep ouders uit het hele land op om aan het experiment mee te doen. Samen met mijn vrijwilligers heb ik, op kosten van Stichting Kinderpostzegels, een draaiboek opgesteld dat ouders gratis kunnen opvragen.”

Batstra krijgt behalve veel lovende reacties ook kritiek op haar initiatief. „Sommige ouders zeggen dat je kinderen moet leren omgaan met teleurstellingen. Daar ben ik het in principe mee eens. Er is soms echter sprake van systematische uitsluiting waardoor kinderen volledig buiten de boot vallen. Dat gaat verder dan een teleurstelling.”

Volgens de Groningse onderzoekster is het ook niet de bedoeling dat kleinschalige kinderfeestjes worden afgeschaft. „Prikkelgevoelige kinderen hebben helemaal geen baat bij een groot feest. Die vliegen uit de bocht. Dat is tijdens een van de feestjes die ik organiseerde weleens gebeurd. Gelukkig hielp een vrijwilliger hem om weer rustig te worden. Daarom is de richtlijn: 1 vrijwilliger per 5 kinderen.”

„Het is de taak van ouders, leerkrachten en kinderen om in te schatten of de klas baat heeft bij een gezamenlijk feest. „Als de situatie het niet toelaat, moet je het vooral niet doen”, aldus Batstra. Wat ze vooral wil bereiken met het experiment is dat ouders zich ook gaan bekommeren om andere kinderen. „Ik vind het een heel zorgelijke trend dat ouders hun kinderen als prinsjes en prinsesjes zien en zich daarom niet bezighouden met het lot van andere kinderen. Ik hoop dat het project dat verandert.”