„Pastoraal Concilie Noordwijkerhout gedreven door progressieve agenda”

Geruchtmakende stemming over het celibaat tijdens het Pastoraal Concilie in Noordwijkerhout. beeld ANP
2

Het Pastoraal Concilie in Noordwijkerhout (1966-1970) werd gedreven door een progressieve agenda om het celibaat af te schaffen. „Op mondiaal niveau ging de Rooms-Katholieke Kerk echter een andere weg.”

Dat betoogt de Roermondse kerkhistoricus dr. P. W. F. M. Hamans in zijn recent verschenen boek ”Het Pastoraal Concilie van de Nederlandse kerkprovincie (1966-1970) en het bisdom Roermond in de jaren zestig” (stichting De Boog, Utrecht). Hij beschrijft daarin hoe in de roerige jaren zestig in de Rooms-Katholieke Kerk in Nederland alles op de schop ging. Een geest van vrijheid en mondigheid kreeg vat op velen. „Een deel van de kerk verbond zich met de heersende liberale maatschappelijke ideologie.”

‘Noordwijkerhout’ zou de besluiten van het Tweede Vaticaanse Concilie (1962-1965) moeten doorvoeren in de Nederlandse kerkprovincie. Het ging bij die kerkvergadering in Rome om geloofsvernieuwing en geloofsversterking. In Nederland resulteerde dit echter in een eenzijdige aanpassing van de kerk aan de moderne samenleving, zo kritiseert Hamans. „De tekenen van de tijd werden, naast de Heilige Schrift en traditie, tot een soort derde bron van de openbaring verheven.” Het Pastoraal Concilie werd een kerkvergadering met inspraak van gelovigen en veel belangstelling van de pers.

Hamans ziet vooral het Pastoraal Instituut van de Nederlandse Kerkprovincie (PINK) als de kwade genius achter de vernieuwingsdrift. PINK „voerde een doelgericht beleid om de eigen visie op de toekomst van de kerk in Nederland te realiseren.” Er was sprake van een „revolte”, die haaks stond op het gezag van de paus en het algemeen aanvaarde geloof in de wereldkerk. Men streefde naar een „nieuwe kerk.” Een leidinggevende elite „manipuleerde” het gelovige volk in Nederland, aldus Hamans. De directeur van PINK, Walter Goddijn (1921-2007), speelde in de ogen van Hamans een vooraanstaande rol in de discussie over de afschaffing van het celibaat van priesters waartoe het concilie besloot. „Goddijn was een socioloog die in wereldlijke machtsstructuren dacht, die hij op de kerk wilde toepassen.”

Hamans heeft kritiek op de laksheid van de bisschoppen, ook die van kardinaal Alfrink, de leider van de rooms-katholieken in Nederland. „De herders keken toe hoe hun kudde een doodlopende weg insloeg en zich verwijderde van de wereldkerk.” Alfrink kreeg geen gehoor in Rome voor een geclaimde uitzonderingspositie voor Nederland. Het celibaat is een gave aan de kerk, zo werd in alle toonaarden vanuit het Vaticaan duidelijk gemaakt.

Anticonceptie

De encycliek ”Humanae vitae” (1968) van paus Paulus VI kwam als een donderslag bij heldere hemel voor de vernieuwers in Noordwijkerhout. De pijn zat vooral in het verbieden van de anticonceptie. De Belgische pater Daniel Maes beschreef de volgens hem negatieve gevolgen van de anticonceptie in 2017 in zijn boek ”Hoe een paus gelijk kreeg”. Naar aanleiding van 50 jaar encycliek ”Humanae vitae” verwoordt Stéphane Semincks in zijn recente boek ”Liefde is … jezelf geven. De christelijke visie op het huwelijk” (stichting De Boog) op gelijke wijze een christelijke visie op het huwelijk en verantwoord ouderschap.

Anticonceptie, met als expliciet doel de voortplanting uit te sluiten, strijdt met de volkomen zelfovergave van man en vrouw in de seksualiteit, aldus Semincks. De zogenaamde vrije seksualiteit heeft geleid tot een explosieve groei van het aantal echtscheidingen. „We zijn weer teruggekeerd bij de beginperiode van het christendom, toen christelijke families als zuurdesem in de grote massa van een beschaving in verval, de drijvende kracht waren van de eerste Evangelisatie.”