In Zeeuws-Vlaanderen werken reformatorische christenen eensgezind samen

In het buitengebied
Ds. H. H. de Haan: „Een van de redenen waarom ik hiernaartoe moest, was mijn eigen gezin.” beeld RD, Anton Dommerholt

Kerkelijke concurrentiegevoelens zijn onder reformatorische christenen in Zeeuws-Vlaanderen nauwelijks te vinden. In verschillende verbanden wordt eensgezind samengewerkt. „Dat is een gunstig effect van de minderheidspositie. Meer dan in de Biblebelt ben je hier op elkaar aangewezen.”

Hij is al jaren weg uit het noorden, maar de tongval van ds. H. H. de Haan (65) uit Zaamslag verraadt nog altijd zijn Friese komaf. Hij groeide op in Dokkum, waar het gezin lid was van de plaatselijke christelijke gereformeerde kerk. Zijn ouders brachten hem een katholieke gezindheid bij. „We hadden goede contacten met de hervormde gemeenten van Wouterswoude en Driesum.”

De helft van de bevolking van het stadje was destijds synodaal gereformeerd. „Er waren mensen onder die dicht bij de Heere leefden, maar op de middelbare school was ik toch wel een beetje een buitenbeentje. Omdat ik bij het scheurkerkje aan de Stationsweg hoorde: „die fienen.” Zo werden we gezien.” Tegelijk had het gezin door de bloemenwinkel van vader De Haan contact met Dokkumers van allerlei snit. „We werden ermee opgevoed dat je aan iedereen vriendelijkheid hoort te bewijzen, maar je niet moet schamen voor dat wat de Bijbel ons leert. Daar ben ik nog altijd heel dankbaar voor.”

De situatie van de christelijke gereformeerde kerk in Zaamslag is in een aantal opzichten vergelijkbaar met die uit zijn jeugd. „Ook deze gemeente ligt in een uithoek en staat onder de bevolking als zeer behoudend bekend. Een groot deel van de leden en de gehele kerkenraad voelt zich zeer verwant met de richting van Bewaar het Pand.”

Interkerkelijke samenkomst

Onkerkelijke bewoners van de zuidelijke landstreek beschouwen heel Zaamslag als een bolwerk van protestantse orthodoxie. „Dit dorp werd het Staphorst van Zeeuws-Vlaanderen genoemd. Ook de hervormde gemeente en de gereformeerde kerk waren behoorlijk behoudend; dat is nu minder het geval.”

Toch heeft de christelijke gereformeerde predikant goede contacten met hervormde gemeenteleden. „Rond de Kerst leid ik soms een interkerkelijke bijeenkomst in de hervormde kerk. Dan valt me altijd op dat er heel goed wordt geluisterd. Na afloop heb ik meer dan eens aangename gesprekken, net als na begrafenissen. Dan heb ik vaak een bont gezelschap onder mijn gehoor, want het gemeenschapsgevoel is hier nog sterk. Dat zie je ook bij doopdiensten en de kerstfeestviering van de zondagsschool.”

Het merendeel van de jonge kinderen van de christelijke gereformeerde streekgemeente gaat naar de Ds. D. L. Aangeenbrugschool in Terneuzen, opgericht door de plaatselijke gereformeerde gemeente in Nederland. Een minderheid van de ouders kiest voor de vrijgemaakt gereformeerde school in Axel. Een enkel kind gaat naar de school in het dorp. „Op die keus rekenen de ouders elkaar niet af. We vragen ons als kerkenraad soms wel af of het verschil in schoolklimaat later geen problemen gaat geven. Als het om vervolgonderwijs gaat, stimuleren we de keus voor het Calvijn College in Goes of Krabbendijke. Daar wordt onderwijs gegeven op een geestelijke, nuchtere manier. Maar een kind moet wel bestand zijn tegen de lange dagelijkse reis daarnaartoe.”

Trefpunt

De basisschool in Terneuzen fungeert voor reformatorische christenen in Zeeuws-Vlaanderen als trefpunt. Van kerkelijke concurrentiegevoelens is vrijwel geen sprake. „Binnen een werkgroep voor evangelisatie onder vluchtelingen die hier asiel hebben gekregen, werken leden van de gereformeerde gemeenten in Terneuzen en Oostburg, de vrije oud gereformeerde gemeente en de gereformeerde gemeente in Nederland van Terneuzen en onze eigen gemeente in Zaamslag broederlijk samen. Meer dan in de Biblebelt ben je hier op elkaar aangewezen. Dat is een gunstig effect van de minderheidspositie.”

In het eigen dorp zette de christelijke gereformeerde kerk samen met de hervormde gemeente en de gereformeerde kerk vrijgemaakt een diaconaal maaltijdenproject voor ouderen op. „Dat loopt tot nu toe goed. Waar mogelijk proberen we samen te werken. Dat gebeurt hier meer dan in vorige gemeenten die ik als predikant heb gediend.”

Een huwelijk tussen iemand uit een behoudend reformatorische gemeente en een man of vrouw uit een PKN-gemeente levert vaak winst op voor de christelijke gereformeerde kerk. „Ze zien ons als een tussenoplossing. Binnen mijn eigen gemeente huwen de meeste jonge mensen iemand uit een van de reformatorische kerken. Een huwelijk met een onkerkelijke komt vrijwel nooit voor. Misschien juist door de ietwat geïsoleerde positie. Wel is mijn ervaring dat vooral bij jonge mensen soms duidelijke geestelijke leiding nodig is.”

Toekomst

Afgezet tegen het aantal leden heeft christelijk gereformeerd Zaamslag met drie ouderlingen en drie diakenen een forse kerkenraad. „Daar zij we heel dankbaar voor. We hebben een moeilijke periode gehad, maar nu is er gelukkig weer eensgezindheid.” Ook over de toekomst van de gemeente is ds. De Haan niet somber gestemd. „We hebben heel veel jonge gezinnen, er worden de laatste tijd veel kinderen geboren en de offervaardigheid is groot.”

Het leven in de periferie ervoer de christelijke gereformeerde predikant geen dag als een last. Integendeel. „Je wordt hier vaker dan elders genoodzaakt om uit te leggen wat het christelijk geloof inhoudt. Soms komt dat over, pas nog bij een begrafenis. Dat troost me. Op zulke momenten ben ik echt blij dat ik hier woon. Gode zij dank zijn onze zes kinderen allemaal kerkelijk gebleven en kunnen we met hen van hart tot hart over de Heere en Zijn dienst spreken. Dat is een wonder van Gods genade. Er is een tijd geweest waarin het anders was. Een van de redenen waarom ik hiernaartoe moest, was mijn eigen gezin. In Zaamslag is de situatie ten goede gekeerd. Zo wonderlijk zijn Gods wegen.”

Gegevens

Naam: christelijke gereformeerde kerk Zaamslag

Ontstaan: in 1822 (geïnstitueerd in 1869)

Aantal (doop)leden: 168

Aantal kerkgangers: ca. 125

serie In het buitengebied

Dit is deel 10 van een serie over orthodox-christelijke gemeenten buiten de Biblebelt. Volgende week dinsdag deel 11.