Pleidooi voor wetenschap gebonden aan de Bijbel

omslag

Wat is wetenschap? In ieder geval meer dan „simpelweg ontdekken hoe alles in elkaar zit”, stelt biologiedocent Kees Fieggen. In het boek ”In de voetsporen van Kepler” legt hij haarfijn uit dat de wetenschap op zoek is naar algemeen geldende uitspraken, theorieën. Theorieën komen tot stand door ideeën voortdurend te toetsen aan de werkelijkheid.

„De moderne natuurwetenschap is er mede gekomen dankzij het werk van christen-wetenschappers, die onbekommerd onderzoek deden én vasthielden aan wat God in zijn Woord zegt”, schrijft Fieggen. Zij stonden voor een vrije wetenschap, maar wel in gebondenheid aan de Bijbel.

Door humanisme en verlichting ontwikkelde de wetenschap zich van het „na-denken van Gods gedachten” tot een autonoom gebruik van de menselijke rede. Dat gaat mis wanneer de mens zelfstandig gaat nadenken over de oorsprongsvraag. „De veronderstelde evolutie vraagt ons om terug te kijken in de tijd. Dan zijn herhaalbare experimenten niet mogelijk. De bijzondere scheppingsdagen lenen zich niet voor gewoon wetenschappelijk onderzoek.”

Onvoorwaardelijk houdt de auteur vast aan de Bijbel. Hij toont ontzag voor de wetenschappelijke feiten, maar nog meer voor de Schepper; de Bijbel is zijn toetssteen voor de wetenschap. Dat is vandaag de dag, nu in christelijk Nederland de Bijbelse waarheden worden getoetst aan wetenschappelijke theorieën, ten zeerste te waarderen.

Boekgegegens

In de voetsporen van Kepler. Over wetenschap oorsprong en wat de Bijbel leert, Kees Fieggen; uitg. Kepler Boeken; 112 blz.; € 12,-.