Van Dam-orgel Longerhouw gerestaureerd

In Longerhouw wordt vrijdagavond het gerestaureerde Van Dam-orgel (1868) weer in gebruik genomen. beeld Niels de Vries

In Longerhouw wordt vrijdagavond het gerestaureerde Van Dam-orgel (1868) weer in gebruik genomen. Het instrument is net op tijd compleet hersteld, voor het totaal onbespeelbaar zou zijn geworden.

De protestantse gemeente van de dorpen Schettens, Schraard, Longerhouw en Wons heeft echt iets te vieren deze week. Immers, de grote wens om het orgel in de kerk van Longerhouw weer in volle glorie te kunnen horen is gerealiseerd. „Net op tijd”, zo zegt André Buwalda, voorzitter van het college van kerkrentmeesters. „Het orgel was heel, heel slecht. Hij deed het nog wel, maar daar was ook alles mee gezegd.”

Als het gaat om orgelrestauraties heeft directeur Bert Yedema van Orgelmakerij Bakker & Timmenga uit Leeuwarden al heel wat voorbij zien komen, maar een orgel in een zó belabberde staat als in Longerhouw niet vaak. „Er werd nog op gespeeld door de organiste, maar eigenlijk was het instrument feitelijk al onbespeelbaar.” Het was alleen nog te horen omdat de vaste organiste, Thom Mensonides-Reitsma, er geluid uit wist te krijgen bij de erediensten. „De mechanieken waren zó gecorrodeerd dat ze speelde op torsie in plaats van op beweging van de mechanieken – wat normaal is bij een orgel”, aldus Yedema.

Onvermoeibaar

Kerkrentmeester Buwalda vertelt hoe de organiste zich er onvermoeibaar voor inzette dat het instrument gerestaureerd zou worden. „Ze heeft er zo voor gevochten.” Mensonides-Reitsma speelt namelijk al sinds 1963 op het instrument. „Al 55 jaar lang. Niemand kent dit orgel zo goed als onze organiste.” En niemand wist waarschijnlijk ook zo goed dat het orgel „gered moest worden” voor latere generaties.

Het is een typisch dorpsorgel gebouwd naar de behoefte van de negentiende eeuw, met invloeden van de romantische tijd. Het heeft twee klavieren met aangehangen pedaal en dertien registers waarvan acht op het ondermanuaal (onderklavier) en vijf op het bovenmanuaal (bovenklavier). Voor de aanneemsom van 2775 gulden bouwde L. van Dam en Zn. het instrument destijds.

Onleesbaar

In oktober vorig jaar begon Bakker & Timmenga met de restauratieklus. Bert Yedema: „Eigenlijk is er sprake van een complete restauratie. Het enige wat we nu niet gedaan hebben is de balg. In het restauratie-adviesrapport dat begin deze eeuw werd opgesteld, bleek dat het leer nog goed was. Wel hebben we de balg helemaal nagekeken.”

De balg is ook een onderdeel van het orgel dat er, indien nodig, apart nog uitgehaald kan worden op een later moment, aldus Yedema.

Daarnaast werden de twee windladen (hoofdwerk en dwarswerk) hersteld. Wat de mechanieken betreft werden nieuwe messingdraden aangebracht. „De twee klavieren, de toetsen van het orgel, waren tien jaar geleden al door ons gerestaureerd en hebben we nu weer schoongemaakt.”

De registerknoppen die Van Dam destijds op dit orgel aanbracht waren ook speciaal. „Je ziet ze vaak van porselein of dat er registerplaatjes onder de knoppen worden geschroefd. Hier waren ze van papier en totaal onleesbaar geworden. We hebben dit nu gereconstrueerd in de stijl van toen.”

Al het pijpwerk werd schoongemaakt en indien nodig uitgedeukt. De pijpen die zichtbaar zijn in het front van de orgelkas werden allemaal gepolijst. „Ze blinken nu als nooit te voren.”

Uniek

Wat de restauratie in Longerhouw uniek maakte, is dat Yedema een instrument aantrof dat in de 150-jarige historie nog nooit gerestaureerd was. „Er is wel groot onderhoud aan het orgel uitgevoerd in al die jaren, maar nooit zo dat er iets aan het instrument drastisch werd gewijzigd.”

Bakker & Timmenga plaatste in 1928 nog wel twee extra stemmen in het orgel: een Vox Céleste 8 en een Trompet 8. „Op een plek die Van Dam bij de bouw opengelaten had voor een uitbreiding.”

Dat het orgel na 150 jaar nog altijd bespeelbaar was, geeft volgens Yedema ook aan hoe goed de kwaliteit was van de orgels van de hand van Van Dam. De Leeuwarder orgelmakerij is op dit moment nog bezig met de restauratie van het Van Dam-orgel in Cornwerd (1865) en hoopt deze dit jaar ook af te ronden.

Tegelijk met de restauratie heeft het orgel in Longerhouw nu ook de oorspronkelijke kleur teruggekregen: imitatie-mahonie. Het schilderwerk werd uitgevoerd door kunstschilder Randolph Algera uit Heerenveen. Daarmee is de witte kleur die het orgel decennialang had, verleden tijd. „Mensen weten niet beter dan dat dit orgel wit van kleur is”, aldus Buwalda. Niemand wist volgens de kerkrentmeester nog hoe het orgel er vroeger uitzag.

Subsidie

De kosten van de restauratie bedroegen in totaal zo’n 140.000 euro. De provincie Friesland betaalde daar zo’n 60.000 euro van. De kerkelijke gemeente kon aanspraak maken op de zogenaamde ”Drie-keer-is-scheepsrecht-subsidiepot”. Twee keer eerder viel Longerhouw af voor een subsidie. De kerkelijke gemeente hield zelf ook acties om de restauratie mogelijk te maken. Zowel onder de kerkleden als de dorpsbewoners was er veel enthousiasme voor.

De afronding van de orgelrestauratie valt bijna gelijk met de afronding van de fusie met de kerkelijke gemeente van Wons, die na de zomer voltooid wordt. De fusiegemeenten heeft dan drie kerkgebouwen in bezit. De kerk van Wons wordt ondergebracht in een stichting, maar zal wel worden gebruikt.

In totaal zijn er op papier dan straks ongeveer 450 leden. Een keer per vier weken is er een eredienst waarin het Van Dam-orgel in Longerhouw te horen zal zijn.

De ingebruikname is vrijdagavond. Thom Mensonides-Reitsma en Theo Jellema (adviseur bij de restauratie) bespelen het orgel. Directeur Bert Yedema van Bakker & Timmenga zal vertellen over de achtergronden van de restauratie. Aanvang is 19.45 uur.