Recensie: Gerben Budding in Achterberg

De Friese orgelmaker Willem Hardorff bouwde tussen 1845 en 1878 23 nieuwe orgels. In 1860 maakte hij met gebruikmaking van 17e-eeuws pijpwerk een bescheiden instrument (negen stemmen) voor Baijum. Het orgel verhuisde via Hallum (1878) en Bergum (1928) in 1958 naar de hervormde kerk van Achterberg.

Orgelbouwer Van den Heuvel breidde het instrument in 1976 uit, waarna de plaatselijke organisten in 1986 een vrij pedaal toevoegden. In 1992 plaatste Bart Kleijer een bescheiden tweede klavier als dwarswerk. Het instrument telt nu zestien stemmen.

Hervormd Achterberg besteedt met een cd aandacht aan het dorpsorgel, dat voor een deel ruim 150 jaar bestaat. Aangezien Gerben Budding, hoofdorganist van de Grote Kerk in Gorinchem, als organist ook actief is in de dorpskerk van Achterberg, tekent hij voor de live opgenomen cd. Op verzoek van de initiatiefnemer nemen barokke werken van vader (J. S.) en zoon (C. Ph. E.) Bach en Bachs leerling Krebs een grote plaats in.

Het instrument klinkt behoorlijk klassiek, wat je gezien de dispositie niet zou verwachten. Budding weet met Krebs’ koraalfantasie over ”Herr Jesu Christ, Dich zu uns wend” de klank naar zijn hand te zetten. Dat geldt niet minder voor Sonate IV van Carl Philip Emanuel en voor vader Bachs Italiaanse Aria, Concerto in G-Dur nach Vivaldi en het koraal ”Vor Deinen Thron tret ich hiermit”. Dit koraal speelt hij buiten­gewoon doorleefd.

Budding vult de cd verder met werken van Rinck (Introduction, Thema en Variationen), Blankenburg (Psalm 24) en De Lange sr. (sonate ”Sollt’ ich meinem Gott nicht singen?”).

Achterberg kan met zo’n professionele cd voor de dag komen.

Gerben Budding bespeelt het Hardorff-orgel (1860) van de Nederlands Hervormde Kerk te Achterberg; PDR Records (11PDR105); € 12,- (incl. verzendkosten); bestellen: bartkleijer@hotmail.com

Variatie, uit: Introduktion, Thema und Variationen

C. H. Rinck

Allegro, uit: Concerto in G-Dur nach Vivaldi

J. S. Bach

Maestoso Moderato, uit: Sonate über den Choral: "Sollt' ich meinem Gott nicht singen?"

S. de Lange sr.