Catalanen vervroegd naar de stembus

In diverse Catalaanse steden braken protesten uit na het afzetten van premier Quim Torra. beeld EPA, David Borrat

Opnieuw moet Catalonië vervroegd naar de stembus. Want weer is een premier afgezet door een beslissing uit Madrid. Ditmaal van het Spaanse hooggerechtshof.

Onverwacht was het vonnis niet, maar daarom niet minder omstreden. Maandag zette het hooggerechtshof in Madrid de Catalaanse regeringsleider Quim Torra uit zijn functie wegens een „delict van ongehoorzaamheid.” Duizenden gingen in Catalonië de straat op om te protesteren.

Waaruit bestond het misdrijf van de separatistische premier dat volgens de rechtbank ernstig genoeg was om een democratisch gekozen leider af te zetten? Torra had in verkiezingstijd een spandoek te laat verwijderd van de voorgevel van de Catalaanse regeringszetel in Barcelona. De tekst van het spandoek luidde: ”Vrijheid voor politieke gevangenen en ballingen”. Voor de centrale kiescommissie JEC was dit een partijdige boodschap die indruiste tegen de vereiste neutraliteit van politieke machthebbers. Voor de Catalaanse regering was het vrijheid van meningsuiting.

Na anderhalf jaar juridisch getouwtrek besliste het hooggerechtshof dat Torra met onmiddellijke ingang en gedurende achttien maanden geen publiek ambt mag uitoefenen. Torra is daarmee de tweede achtereenvolgende premier van Catalonië die voortijdig het veld moet ruimen. Zijn voorganger Carles Puigdemont werd in oktober 2017 afgezet door de Spaanse regering-Rajoy. Die stuurde tegelijk het Catalaanse parlement naar huis.

404011437_webFormatie Spanje aan zijden draad na afzetting Catalaanse premier

Gevangenen

Die ingreep uit Madrid volgde onmiddellijk op de onafhankelijkheidsverklaring van het Catalaanse parlement van 27 oktober 2017. Premier Puigdemont en een deel van zijn regering vluchtten naar België. De overige leden van zijn kabinet, onder wie vicepremier Oriol Junqueras, werden in Spanje tot zware gevangenisstraffen wegens „oproer” veroordeeld. Zij zijn de ”politieke gevangenen en ballingen” waarnaar het spandoek van Torra verwees.

De veroordeling van premier Torra betekent vrijwel zeker dat Catalonië vervroegd naar de stembus moet. De twee onafhankelijkheidspartijen van de huidige regeringscoalitie zijn niet van plan een nieuwe kandidaat-premier naar voren te schuiven. En de unionistische partijen hebben onvoldoende zetels in het parlement in Barcelona om een alternatieve meerderheid te vormen.

De meest voor de hand liggende datum van de stembusgang is 7 februari. In zijn afscheidsrede riep Torra de Catalanen op om deze verkiezingen te beschouwen als een „nieuwe volksstemming over de onafhankelijkheid.”

Torra, die zichzelf beschouwde als een tijdelijke plaatsvervanger van Puigdemont, gaf toe dat hij veel plannen niet waar heeft kunnen maken. „Ik heb de Catalaanse Republiek niet effectief kunnen maken”, zei hij, „hoewel ik bereid was de consequenties ervan te aanvaarden.” Afgezien van de deining om het spandoek zijn er tijdens het mandaat van Torra geen harde politieke confrontaties met de Spaanse staat geweest. De onafhankelijkheidspartijen waren onderling te zeer verdeeld om een vuist te kunnen maken.

Bovendien heeft de stroom van rechtszaken veel energie opgeslurpt. In totaal zijn 2850 Catalaanse politici en activisten door de Spaanse justitie vervolgd. De meesten om hun aandeel bij de organisatie van het verboden referendum uit 2017 of wegens protesten na de opsluiting en veroordeling van de Catalaanse leiders in oktober 2019. Volgens critici zijn de straffen buitensporig en is de bewijsvoering in veel gevallen zwak. Amnesty International en de Verenigde Naties hebben herhaaldelijk bij de Spaanse autoriteiten op vrijlating van de Catalaanse politici aangedrongen.

Ook bij de veroordeling van Torra zetten sommige rechtsgeleerden vraagtekens. De kiescommissie is een administratief orgaan, geen rechtbank. Daarom kan zij wel een boete opleggen, of de politie opdracht geven om bijvoorbeeld een spandoek te verwijderen. Maar de kiescommissie kan geen orders geven aan leden van de uitvoerende macht, zegt hoogleraar grondwettelijk recht Javier Perez Royo. En dus kan er bij Torra ook geen sprake zijn van een misdrijf van ongehoorzaamheid. Om die reden is het voormalige lid van het hooggerechtshof Jose Antonio Martin Pallin „verbijsterd” over het vonnis. Verder betwijfelt hij of een spandoek dat oproept tot vrijheid voor politieke gevangenen als „partijdig” kan worden beschouwd. Welke democratische partij kan daar immers tegen zijn? Intussen mag de Spaanse premier Pedro Sanchez hopen dat de verhoudingen met de Catalaanse fracties in het parlement in Madrid niet al te zeer verstoord zijn geraakt. Het openbaar ministerie –waarvan Sanchez in een interview suggereerde dat het naar zijn pijpen danste– had een flink aandeel in de veroordeling van Torra. Dat kan hem nu opbreken. Binnenkort wil Sanchez zijn begroting door het parlement loodsen. En daarvoor heeft hij de steun van de Catalaanse partijen hard nodig.