Column: Geloven is niet fijn

Een levensreis als die van Abraham, door het ledige, kan alleen in geloof worden afgelegd. beeld iStock

Zijn wij eerlijk tegenover onze kinderen als het gaat om het volgen van Christus? Ik betwijfel het als ik kijk naar hoe ik dit doe in de opvoeding. Meestal spreek ik daarover te zoet en te week. Ik verzwijg dat ze zich moeten instellen op een zware en eenzame weg. Wie tot Christus behoort, wordt in de wereld geschoren. Ter wille van Zijn naam kun je geluk of een ongestoorde carrière mislopen. Geloven is niet fijn. Het brengt je waar je niet heen wilt (Joh. 21:18).

Zelf behoor ik tot de generatie verwende christenen. Het geloof heeft mij nooit iets gekost. In het licht van het Evangelie erg merkwaardig.

Die tijd lijkt hoe dan ook voorbij. Het ongeloof heeft in ons land eerst ruim baan voor zichzelf gevraagd en verkregen. Nu zitten we in de fase waarin alles wat herinnert aan een christelijk verleden uitgebannen wordt. Uiteindelijk eist het ongeloof alleenheerschappij. Er komt geen moment waarop het ongeloof zegt dat het wel genoeg is. Groen van Prinsterer waarschuwde dat het atheïsme gelijkstelling van alle godsdiensten predikt, maar een ”doodsvijandin” van het levende geloof zou blijken. Hij zat er niet ver naast.

Spreken wij hierover eerlijk met onze kinderen? De seculiere wind loeit door onze instellingen. Mijn kinderen zullen méér geloof nodig hebben dan ik. Lang konden wij koersen op tastbare zekerheden. We ademden in een cultuur die door het christendom was gestempeld. In eigen kring redeneerden we de spanning tussen geloof en wetenschap weg. Secularisatie vond slechts plaats in kerken die niet, zoals wij, pal stonden voor Schrift en belijdenis. Moderne media bleven buiten de deur. Het was geen vraag hoe de Bijbel gelezen moest worden. Bij ons geen twijfel over de vrouw in het ambt, homoseksualiteit of het theocratisch gedachtegoed. Wij wisten hoe God Nederland geregeerd wilde hebben en hoe Hij de kerk in stand hield. Bovendien hadden we eigen onderwijs en media, die ervoor zouden zorgen dat het gereformeerde wereldje onwankelbaar in stand zou blijven.

Inmiddels zijn wij niet meer zo zeker. We stamelen over het gezag van de Bijbel en de wil van God. In deze godvergeten wereld dreigt ons geloof ons zomaar tussen de vingers door te glippen. We zijn een minieme minderheid in een seculier land en God lijkt een reiziger die slechts één nacht blijft (Jer. 14:8).

Gelovigen bevinden zich tussen twee werelden. Losgemaakt van al het oude en vertrouwde, en nu op weg naar het land dat God hun wijzen zal. Net als Abraham, die niets anders deed dan scheiden. Scheiden van zijn vader, van zijn neef Lot en van Hagar. Slechts koersend op Gods onzichtbare belofte. Verder niets om zich aan vast te klampen.

Zo’n levensreis, door het ledige, kan alleen in geloof worden afgelegd. Dat beangstigt. Wij zoeken daarom vastigheid buiten de belofte van God. Maar dat werkt niet. Slechts als wij leeg zijn van onszelf en ons verleden, kunnen wij leven uit de belofte.

Daarom moeten wij onze kinderen weer leren om te leven in leegten. Niets voor ogen, alleen Gods belofte. Zwervend als Abraham, zonder ergens tot rust te komen. We moeten het afleren om de leegten die ons bang maken met iets anders dan Zijn beloftewoord op te vullen. We zijn niet geroepen om afdakjes te bouwen, maar om de komst van Gods Koninkrijk te verwachten.

Op Golgotha zijn alle gestaltes afgebroken. Dan komt er ruimte voor de Geest. Zó kan ook in onze tijd geestelijke winst worden geboren. Als we beseffen dat veel comfort en tastbare zekerheden uit het verleden ons konden afleiden van het louter koersen op Gods belofte, op het Jeruzalem dat boven is.

Wéés een Abraham, niet wetend waar hij komen zou. Het antwoord op het Woord is het naakte geloof. Het geloof dat volhoudt waar alles ophoudt. Gods Geest is niet tastbaar en wij mogen de Geest niet opsluiten in gestalten. In een ijzig seculiere tijd moeten we het uithouden met de schijnbare zwakheid van het Woord, zonder er vormen, liturgie of allerhande beleving aan toe te voegen. Christus kennen wij niet meer naar het vlees.

De auteur is directeur van de NPV en senator voor de SGP. Reageren? rubriekforum@refdag.nl