Proeftuin voor duurzaamheid in Delft

Manager Santoo in The Green Village in Delft. Studenten testen innovaties in woningen op het universiteitscomplex. beeld Roel Dijkstra
6

The Green Village is een proeftuin voor vernieuwingen op het gebied van duurzaamheid. Het groene dorp op de campus van de Technische Universiteit Delft (TUD) telt onder andere een aantal huizen waar studenten wonen die nieuwe dingen testen.

Vergeleken met andere gebouwen op de campus is The Green Village (het groene dorp) maar klein. Maar het is wél belangrijk voor allerlei innovatieve projecten om duurzaamheid in de samenleving een impuls te geven. The Green Village werkt samen met overheden, onderwijs en bedrijfsleven. „In een regelluwe zone kunnen deze partijen veel van elkaar leren”, zegt Serge Santoo, die als manager aan het project verbonden is.

Opvallend is dat alle huizen op het terrein bewoond zijn. Op een donkere winterdag lopen we naar het huis waar vier studenten zijn gehuisvest. „We testen of het mogelijk is dat de huizen qua energie zelfvoorzienend zijn”, legt Santoo uit, terwijl hij naar de goed geïsoleerde huizen met zonnepanelen wijst.

Huis laadt auto op

Op zo’n dag met weinig zonneschijn wordt er natuurlijk niet genoeg elektriciteit opgewekt om alle apparaten in de woningen te laten draaien. Geen nood: we lopen verder naar een laadpaal voor het opladen van accu’s van elektrische auto’s. De elektriciteit komt van een dak met zonnepanelen. De accu’s kunnen niet alleen opgeladen worden, maar ook ter plaatse ontladen en zo elektriciteit leveren. „Deze auto’s staan in verbinding met de woning”, zegt Santoo. „Zo nodig kunnen zij energie leveren als alle studenten tegelijk een pizza in de oven schuiven.”

Op een dag als vandaag zal ook dat niet voldoende zijn, maar daar is aan gedacht. We lopen verder tot bij een schuurtje waarin allerlei grote bakken met water staan. „Door het bij elkaar brengen van zout en zoet water wordt er elektriciteit opgewekt. Dat gebeurt in Nederland bijvoorbeeld ook in het IJsselmeer, bij de Afsluitdijk. Hier gebeurt dat in kleinschalige vorm. De duurzame energie wordt opgeslagen in water met keukenzout. De batterij is 100 procent duurzaam en veilig. De blue battery staat in verbinding met de energievoorziening in de studentenhuizen. Zo kunnen ze een bijdrage leveren aan de oplossing van het energieprobleem.”

Santoo hoopt dat deze manier van opslag van elektriciteit in de samenleving toegepast kan worden, maar zover is het nog niet. „Een van de te nemen hobbels is wie er verantwoordelijk is voor de opslag van de energie in accu’s. Moet de netbeheerder dat gaan doen of een andere partij? Misschien moet de regelgeving wel veranderd worden. Dat is een van de redenen dat de overheid aangeschoven is. Deze testfase is heel belangrijk. Allerlei partijen overleggen hier samen om de problemen op te lossen, ook bedrijven die in de maatschappij elkaars concurrenten zijn.”

Op het terrein staat ook een huis uit de jaren zestig. Aan de zonzijde is er een kas omheen gebouwd. „Net zoals groentekassen worden verwarmd door de zon, zo wordt ook dit huis verwarmd”, legt Santoo uit. Hierdoor is er minder andere verwarming nodig.

Naar schatting kost het aanbrengen van de kas bij het huis 40.000 euro. Het is mogelijk dat buren er aanstoot aan nemen. Toch wordt de optie onderzocht. „Wie weet komen er financieringsmogelijkheden voor dergelijke vormen van energiebesparing.”

Jarenzeventighuizen

De drie huizen uit de jaren zeventig ogen wat gewoner. De energiebesparing is aan het oog onttrokken. „Hierin wonen Hans, Linde en Ellen. Zij proberen de heatcycle uit”, zegt Santoo. „Elk huis heeft warm afvalwater, van douche of bad, afwasmachine en vaatwasmachine. Normaal wordt dat via het riool afgevoerd. Dat betekent echter energieverlies. Deze huizen hebben een installatie in de kruipruimte die de warmte uit het afvalwater haalt en toevoegt aan het schone water. Het afvalwater verdwijnt met een temperatuur van 4 graden Celsius in de riolering. Het schone water begint aan een cyclus door het huis met een warme temperatuur. Er is dus minder energie nodig om dit water op de gewenste temperatuur te brengen.”

Het is belangrijk om dit goed uit te proberen, vindt Santoo. „Je wilt niet alleen weten hoeveel er bespaard wordt, maar ook of er geen ongewenste neveneffecten zijn, zoals een apparaat dat ’s nachts veel lawaai maakt waardoor de buren wakker worden. De mensen wonen er nu ongeveer anderhalve maand en zijn heel tevreden. Maar de proef is nog niet ten einde.”

Losse zonnepanelen

Een ander innovatief snufje is de supersola: een losse bak met zonnepanelen. De huurders kunnen de bak met panelen op een plat dak zetten en desgewenst nieuwe panelen bijkopen. Het is volgens Santoo vooral praktisch voor mensen die een huis huren. Zij kunnen bij een eventuele verhuizing hun zonnepanelen meenemen omdat deze niet aan het huis vast zitten. Ook voor mensen met niet zo veel geld kan het een mooie oplossing zijn, omdat ze niet alle zonnepanelen in één keer hoeven aan te schaffen.

In het voorjaar start bij deze woningen een proef met een groene, isolerende muur. Santoo: „Die muur moet isoleren en tegelijk levend groen toevoegen. Dat heeft effecten op CO2 en stikstof in de stad. En hopelijk trekt de groene muur bijen en andere insecten en vogels aan en betekent hij een toevoeging voor de biodiversiteit. Het lijkt simpel, maar het is de vraag hoe het in de praktijk uitpakt. De muur moet in ieder geval onderhoudsarm zijn.”

Waterstraat

Op het terrein van The Green Village is niet alleen aandacht voor wonen, maar ook voor mogelijke effecten van klimaatverandering, zoals hoosbuien in de zomer. De Waterstraat zit vol proefvlakken met waterpasserende tegels. „Onder sommige proefvlakken zitten blokken met holtes waarin het water van een hoosbui terecht kan komen. Een ander vlak maakt gebruik van schelpen, waardoor het water gemakkelijk verder de grond in kan zakken en daar schoon wordt opgeslagen”, verklaart Santoo terwijl hij bij een opstelling met schelpen aan een kraantje draait waar regenwater uitkomt.

„De laatste jaren zien we in diverse plaatsen dat de riolering die hoosbuien niet aankan, waardoor de straat overstroomt en er verontreinigd water op straat komt. Hier worden proefstukken weg met verschillende soorten stenen getest om te bekijken hoe snel het water wegstroomt in de grond. We wachten daarvoor geen hoosbui af, maar zetten een regeninstallatie neer die bakken vol water laat neerkomen.”

Een ander element dat met de temperatuurverandering te maken heeft, is het hitteplein dat deze maand aangelegd wordt. Hier worden proeven genomen om de matigende invloed van het groen op de hitte in de stad te meten.

Aan de slag

De winterwandeling is ten einde. In zijn kantoorruimte –uiteraard ook in The Green Village– legt Santoo nog eens uit waarom hij dit project zo belangrijk vindt. „Met alleen technische oplossingen komen we er niet. Er spelen veel meer factoren mee, zoals de regelgeving, de samenwerking tussen de diverse partners en de financiering. Het gaat uiteindelijk altijd om de mensen.”

Santoo vindt het belangrijk dat de innovaties er komen. „Wij hebben verantwoordelijkheid voor de wereld om ons heen. We moeten samen werken aan een leefbare wereld. Dat gebeurt hier in een vertrouwenwekkende omgeving en het kan later uitgerold worden in Borculo, Breda en Barneveld. Ik heb er vertrouwen in dat de duurzame wereld dichterbij komt. We moeten met z’n allen aan de slag. Alleen discussiëren is niet genoeg.”