Zeldzame flora krijgt nieuwe kans bij Veenendaal

De Binnenveldse Hooilanden, tussen Veenendaal en Wageningen, worden heringericht als natuurgebied. Het is doel dat bloemen, planten en dieren terugkeren. Het project ging donderdag van start.  beeld Waterschap Vallei en Veluwe
2

De aannemer is al aan het graven, donderdag gaat officieel de ‘eerste schop’ de grond in. De Binnenveldse Hooilanden, tussen Veenendaal en Wageningen, worden, met medewerking van boer en burger, ingericht als natuurgebied. Zeldzame flora krijgt er een nieuwe kans.

Boeren, natuurliefhebbers en Staatsbosbeheer zijn niet direct natuurlijke bondgenoten. Toch maakten ze samen de inrichtingsschets voor de 280 hectares van de Binnenveldse Hooilanden, die ze ook gezamenlijk gaan beheren.

Het plan is erop gericht dat voor Nederland zeldzame natuurtypen die er vroeger waren, in het gebied terugkeren: trilvenen, dotterbloemhooilanden en blauwgraslanden, en daarmee naar verwachting ook een grote diversiteit aan bijzondere planten en dieren.

Reigerachtige roerdomp

De reigerachtige roerdomp en de blauwborst, een zangvogel verwant aan de nachtegaal, zijn in de toekomst in de Hooilanden te zien, hoopt het Waterschap Vallei en Veluwe.

Net als de otter, de kleine groene poelkikker en de grote modderkruiper, een vis die zich thuisvoelt in ondiepe watergangen met veel modder en (water)planten.

„Het zou ook mooi zijn als de watersnip er terugkomt”, zegt Rob Janmaat van de stichting Mooi Binnenveld, een van de betrokken partijen.

Zeven soorten orchideeën

„Maar we zetten vooral in op de flora. Vroeger waren hier velden met orchideeën. Wat verderop, tegen Veenendaal aan, beheren we sinds enige tijd al 40 hectare natuur. Daar zien we dat het werkt. Er zijn reeds zeven soorten orchideeën aangetroffen, maar ook de klokjesgentiaan en de parnassia. Dat zijn goede voorboden voor de Hooilanden.”

Het gebied ligt in het laagste deel van de Gelderse Vallei, waar kwelwater vanaf de Grebbeberg en de Wageningse Berg naartoe stroomt.

Een belangrijke maatregel is dat de voedselrijke bovengrond wordt afgegraven. „Daardoor wordt de grond armer, maar ook natter, omdat er eerder kwel aan de oppervlakte komt. Juist op dit soort schrale, natte gronden kunnen zeldzame planten gaan groeien”, aldus Dirk-Siert Schoonman, heemraad van het waterschap Vallei en Veluwe.

Grondwaterstand

Verder worden sloten en greppels gedempt. De grondwaterstand wordt daardoor hoger. De kwel wordt zo lang mogelijk vastgehouden.

Een nieuwe waterloop in het gebied is grotendeels gebaseerd op de historische Kromme Eem, die zorgde voor de afwatering richting de Rijn voordat het kanaal de Grift er werd gegraven.

De afgegraven grond blijft in het gebied. Reijer Jochemsen van de Agrarische Natuurvereniging Binnenveld: „Die wordt gebruikt om percelen van boeren op te hogen, zodat voor hen zogenoemde natschade zoveel mogelijk wordt voorkomen.”

Grazen

Zeven boeren vormen een coöperatie die 50 hectare van de Hooilanden gaat beheren. Op een deel daarvan, 15 hectare, laten ze jongvee en schapen grazen. Ook maaien de agrariërs gras, dat ze aan hun koeien voeren.

Eveneens 50 hectare komt in handen van Mooi Binnenveld, dat daarvoor 400.000 euro bijeenbracht. Dat geld is, via certificaten, merendeels afkomstig van burgers uit omliggende plaatsen. „Maar er doen ook mensen uit Groningen en van Goeree-Overflakkee mee”, aldus Janmaat. De gemeente Wageningen droeg 60.000 euro bij.

Staatsbosbeheer, dat al veel grond in de Hooilanden bezit, circa 180 hectare, is de derde partner. De provincie Gelderland bracht de natuurbeheerorganisatie, de boeren en de natuurliefhebbers aan één gesprekstafel voor een gedeeld plan voor de Hooilanden.

„Als we zeggen dat het hele proces vlekkeloos is verlopen, dan is dat overdreven. Er zijn onderweg verschillende beelden en verwachtingen geweest, er waren wat strubbelingen en er was ook een crisis. Maar die hebben we telkens open en eerlijk besproken, met uiteindelijk begrip voor de verschillende posities”, vat de inrichtingsschets de aanloopperiode samen.

Niet blij

„De boeren in het gebied waren er niet blij mee dat hun landbouwgrond natuur zou worden”, bevestigt Jochemsen. „In een democratisch proces is echter zo besloten. We wilden niet afzijdig blijven, daarom praatten we mee. We passen onze bedrijfsvoering zo goed mogelijk in de nieuwe situatie in. Dat sluit ook aan bij de maatschappelijke tendens dat boeren meer betrokkenheid tonen bij duurzame landbouw en natuurontwikkeling.”

In het gebied worden wandel-, struin- en fietspaden, een trekpont, een vogelkijkscherm, een vogelkijkplek en picknickplekken aangelegd.

De waardevolste natuurplekken blijven voor het publiek afgesloten. De uitvoering van het project duurt twee jaar.