Groen lint in het Groene Hart voor wilde bijen en hommels

4

De Elfenbaan, een 19 kilometer lange sliert groen tussen snelweg en spoorlijn, moet de bedreigde wilde bij betere kansen geven. De Stichting Zuid-Hollands Landschap richt de strook van Leiden naar Bodegraven zo in dat de insecten er voedsel kunnen vinden en graag nestelen.

Boswachter Maarten Laming huivert als hij op De Elfenbaan uit zijn zware Land Rover stapt. Het is guur, nevelig en waterkoud in de strook groen die bij de brouwerij van Heineken ligt ingeklemd tussen de snelweg N11 en de spoorlijn naar Leiden. Met het voortrazende verkeer op een steenworp afstand is het er niet erg sprookjesachtig.

De Elfenbaan, een keten van weilandjes, rietvelden, slootjes en poelen, is een sliert van bijna 20 kilometer die van Bodegraven naar Leiden loopt en hoogstens 100 meter breed is. Bij Alphen aan den Rijn is dat vanwege de in- en uitvoegstroken zelfs niet meer dan 5 meter.

„De wilde bij heeft het moeilijk en we willen een omgeving creëren waar hij zich thuis voelt”, aldus Laming, boswachter uitvoering kuststreek van het Zuid-Hollands Landschap. „Dat moet in het winterseizoen gebeuren, zodat het klaar is als de bijen in het voorjaar weer uitvliegen.”

Nederland telt niet minder dan 359 verschillende wilde bijen, waarvan een groot deel wordt bedreigd. Met meer bloemrijke bomen en planten, stapels takken en boomstammetjes en ruige bermen wordt het gebied voor bijen veel aantrekkelijker. „Wilgen bijvoorbeeld bloeien al heel vroeg in het voorjaar. Het is de bedoeling dat er het hele jaar door bloemen zijn waar bijen en hommels hun voedsel, nectar en stuifmeel, kunnen vinden.”

Op de weilanden mogen alleen schapen en koeien grazen, paarden bijten het gras te kort af. Om te voorkomen dat het vee de voor bijen belangrijke planten opvreten, zijn er in de weilanden al wat ”bijencirkels” afgerasterd met een doorsnede van een meter of tien. In de ene zijn al wilgen en rozenbottels aangeplant. Op andere plaatsen zijn de afrasteringen om bestaande bomen heen gezet. Er komen nog flink wat bijencirkels bij. „Onze vrijwilligers en teams van mensen met psychische problemen knotten de bomen op verschillende momenten, zodat elk voorjaar een deel in bloei staat.”

Delen van het lange groene lint die niet geschikt zijn om er dieren te laten grazen, worden kunstmatig kort gehouden. „Wanneer we een aantal keren per jaar kronkelende stroken maaien die elkaar deels overlappen, worden sommige stukken wel drie of vier keer gemaaid en andere overgeslagen: daar ontstaat ruigere vegetatie. Die variatie leidt tot een grote diversiteit aan planten met door het jaar heen bloemen.”

Van het reservaat dat zo ontstaat, profiteren ook vogels, kleine zoogdieren en vossen. Wie weet trekt het ook de bever, die al in de Reeuwijkse Plassen huist, of de otter, die de Nieuwkoopse Plassen bewoont. De strook kan ook verschillende natuurgebieden met elkaar verbinden. Laming beseft dat de wens soms de vader is van de gedachte: „Ik ben een realist: als je niets doet, weet je zeker dat het niets wordt.”

Op zijn smalst

De Stichting Zuid-Hollands Landschap beheert De Elfenbaan voor Rijkswaterstaat. „Wij hebben de expertise en kunnen met de natuur én met de pachters omgaan.” Ook het waterschap Rijnland, gemeenten en ProRail hebben er belangen. Bovendien lopen er belangrijke kabels en een gasleiding doorheen. „Dit is Holland op zijn smalst”, lacht Laming opgewekt. „Zelfs Heineken, dat vier windmolens op zijn terrein heeft staan, praat mee.”

Het landschap is druk doende het groene lint zo in te richten dat bijen er als vanzelf naar toe gezogen worden. Enkele jaren geleden zijn de eerste stappen gezet, nu zoekt de organisatie sponsors om er echt een klap op te geven. Dat gebeurt ook elders in de provincie, zoals bij het kasteel van Rhoon in de Hoeksche Waard en de duinen op Oostvoorne.

Het Zuid-Hollands Landschap staat met zijn inspanningen voor de wilde bij niet alleen. De provinciale Landschapsbeheerorganisaties houden in maart voor de tweede keer bijenwerkdagen, waarbij vrijwilligers, gemeenten en bedrijven bloemrijke kruiden zaaien en bomen en stuiken aanplanten, zodat de beestjes meer voedsel vinden. Om extra nestgelegenheid te creëren worden er bijenhotels gebouwd, open zandplekken gemaakt en steile wandjes aangelegd.

Roerdomp

Terwijl hij met zijn wagen voorzichtig het fietspad afrijdt dat Zoeterwoude met Leiden verbindt, rent een waterhoen het pad over en dwingt Laming bijna tot stilstand. „Verderop stapte in het voorjaar zomaar een roerdomp uit het riet”, herinnert hij zich. Opgetogen imiteren zijn handen de statige stap van de normaal zo schuwe vogel.

„Kijk, deze sloten liepen vroeger door tot aan de andere kant van de snelweg”, wijst de boswachter. Een aantal is afgedamd en veranderd in poelen waar het vee kan drinken en waar insecten en padden, kikkers en salamanders het naar hun zin hebben. Om te voorkomen dat regenwater van de snelweg de sloten vervuilt, wordt het peil in de sloten langs De Elfenbaan met dammetjes wat hoger gehouden.

Op de bovenleiding van het spoor zit een bijna witte buizerd, de veren wijd om warm te blijven. Laming beziet het met plezier. „De natuur komt overal. Verderop zitten veel hazen en vossen zijn er ook.”

De Elfenbaan is niet een volledig aaneengesloten groen lint. Voor bijen is die onderbreking niet onoverkomelijk, want aan de andere kant van de snelweg zijn ook bermen en slootkanten waar ze voedsel kunnen vinden. Bij wijze van experiment heeft de aannemer die het grove werk voor het Landschap uitvoert, met repen kunststof perkjes aangelegd rondom de lantaarnpalen langs de snelweg en die ingezaaid met bloemrijke planten. „Hij hoeft die stukjes niet te maaien en de bijen vinden er nectar: een win-winsituatie.”

Het lawaai van het voortrazende verkeer maakt de bijen niet zo veel uit, denkt de boswachter, en ondanks de uitststoot van het verkeer kan de groene zone een belangrijke bijdrage leveren aan het behoud van hommels en wilde bijen. „Een rotonde met bloemrijke planten doet dat al. Zelfs een verwilderd hoekje in de tuin of wat bloeiende planten op het balkon helpen de wilde bij.”

Wilde bij

Nederland telt 359 soorten wilde bijen, maar een groot deel ervan wordt in zijn voortbestaan bedreigd. De insecten spelen, net als de tamme bijen van de imker, een belangrijke rol bij de bestuiving van gewassen. Wilde bijen zijn er in soorten en maten. Het gitzwarte maskerbijtje meet maar een halve centimeter, de hommel is vijf keer zo groot.

Honingbijen leven in volkeren die de taken hebben verdeeld: eitjes leggen voor de volgende generatie is voorbehouden aan de koningin. De wilde bij leeft vaak alleen en dus legt het vrouwtje haar eitjes in het eigen nest en zorgt er ook zelf voor dat de larven groot worden. Dat nest richten veel wilde bijen ondergronds in. Ze graven het zelf of gebruiken verlaten muizenholen. Bijen die bovengronds leven maken nesten in plantenstelen, rottend hout en allerhande kieren en spleten.

Sommige wilde bijen zijn zo kieskeurig dat ze maar naar één soort bloem vliegen om nectar en stuifmeel te halen.

>>nederlandzoemt.nl/doe-mee/bijenwerkdag