Ouweneel gaat „broederlijke” strijd aan met Van den Brink over evolutieleer

Ouweneel (links) en Van den Brink. beeld RD

Prof. dr. Willem Ouweneel heeft „pittige meningsverschillen” met prof. dr. Gijsbert van den Brink over de evolutieleer, maar voert met hem een „broederlijke” strijd, beklemtoonde hij maandag in Nijkerk tijdens een debat.

Het boek ”Adam, waar ben je?”, dat prof. Ouweneel schreef, werd maandag in Nijkerk gepresenteerd tijdens een vergadering van christelijke boekhandelaren. De evangelicale theoloog lichtte zijn boek toe, waarna de Amsterdamse theoloog Van den Brink de motieven van zijn boek ”En de aarde bracht voort” uit de doeken deed.

Prof. Ouweneel bestrijdt in zijn boek de gedachte dat als er geen historische eerste mens Adam is, dat het toch mogelijk is de boodschap van Genesis 1-3, Romeinen 5 en 1 Korinthe 15 te handhaven. Hij hielp maandag het misverstand uit de wereld dat hij zijn boek geschreven zou hebben tegen prof. Van den Brink. „Mijn boek zou ook geschreven zijn als het boek van Van den Brink niet verschenen was. Het is namelijk geboren in Noord-Amerika en behandelt allerlei discussies die daar spelen en die Van den Brink ook aan de orde stelt. Het boek verschijnt ook in het Engels.”

Prof. Ouweneel schaarde zich achter de „traditionele” visie op de schepping die ontkent dat er „een algemene evolutie is van aap naar Adam.” „Dat is de algemeen aanvaarde visie van Joden en christenen en daaraan wil mijn boek een bijdrage zijn. Van den Brink wil op zich geen ruimte bieden aan de evolutieleer, maar vraagt alleen: Als de evolutieleer waar is, is het christelijk geloof dan te handhaven? Van den Brink zegt: Dat valt dik mee. Ik zeg: Dat valt dik tegen.”

In zijn boek bestrijdt prof. Ouweneel naar eigen zeggen niet de evolutieleer, maar wel het evolutionisme. „De evolutie is echter intens verweven is met de evolutie-ideologie. Als je Genesis 1 tot 3 loslaat, dat wil zeggen in de traditionele leeswijze, dan valt het hele huis van het christendom omver. Van den Brink wil die hoofdstukken óók niet loslaten, maar zijn visie op Genesis 1 tot 3 lijkt geen sikkepit op de historische Adam en zondeval. Atheïsten hebben de consequenties beter door dan christenwetenschappers die beide standpunten willen combineren.”

Niet meegelezen

Prof. Van de Brink betreurde het maandag dat hij niet heeft kunnen meelezen met het boek van Ouweneel, terwijl prof. dr. M. J. Paul dat wel heeft gedaan met zíjn boek. „Dan zou uw boek evenwichtiger geworden zijn.” Hij typeerde zijn eigen boek als een irenisch boek. „Dat heeft Ouweneel ook van mijn boek gezegd toen we elkaar voor het eerst hierover troffen. Ik noem de evolutieleer nadrukkelijk een hypothese, maar ik houd er wel rekening mee dat die klopt. De meeste biologen gaan daar zelfs van uit. Ik vraag dan vervolgens: Wat voor gevolgen heeft het voor het christelijk geloof?”

Prof. Van den Brink wees er op dat Ouweneel in 2010 nog zei dat hij „niet zeker wist” dat er een algemene evolutie van de mens was geweest. „Eerst was hij een jongeaardecreationist, in 2010 wist hij het nog niet zeker of er een algemene evolutie was en nu wijst hij dit standpunt radicaal af. Waar zijn we eigenlijk met Ouweneel aan toe, vraag je je wel af. Laten we hopen dat hij nog doorevolueert”, grapte hij.

Prof. Ouweneel stond op het punt een omslag te maken, concludeerde prof. Van den Brink. „Waarom deinsde hij terug voor de consequenties? Jammer, hij had ons kunnen helpen, want hij is in zijn Schriftvisie ook niet naïef en onderscheidt historische genres en literaire conventies in de Bijbel.” Prof. Van den Brink probeerde een „hoopvol” boek te schrijven. „Als studenten tijdens hun slaap ineens nachtmerries krijgen bij de gedachte dat ze hun Heiland kwijtraken als ze de evolutieleer accepteren, zeg ik: je raakt Hem níét kwijt. Voor veel studenten is de evolutietheorie gesneden koek, terwijl ze toch volwaardig christen kunnen zijn.”

Er zou volgens prof. Ouweneel eigenlijk een strikt biologisch boek over de evolutie moeten komen, maar „ik ben al lange tijd uit de biologie en Gijsbert is er nooit in geweest.” Het probleem is dat de wetenschap van de biologie zo gespecialiseerd is dat niemand het overzicht meer heeft.

Zijn punt is vooral: „Waarom heeft God in de Bijbel zo duidelijk laten optekenen dat Adam en Eva rechtstreeks uit de aarde en niet uit een hogere diersoort zijn voortgekomen? Ik wilde óók een hoopvol boek schrijven: je kunt goed christen zijn zonder in de evolutieleer te hoeven geloven.”