Heart Cry: Christen moet bemoedigen én bemoedigd worden

Heart Cry-directeur Arjan Baan. beeld RD
5

Iedereen heeft bemoediging nodig in het geestelijk leven, ook de predikant van de gemeente, meent Jacques Brunt. „Bemoedigen kun je leren.”

Brunt sprak zaterdag tijdens de najaarsconferentie van Stichting Heart Cry. Er waren bijna elfhonderd bezoekers, groot en klein, op conferentiecentrum Kroeze Danne in Ambt Delden. Thema van de pastorale groei- en gezinsconferentie, die vrijdagavond begon en tot zondagavond duurt, was ”De kracht van bemoediging”.

Iedereen heeft bemoediging nodig, aldus Brunt, bestuurslid van Heart Cry. Hij verwees naar Romeinen 1: 11-12. Paulus schrijft daar dat hij ernaar verlangde om bij de gemeente te zijn om „in uw midden samen bemoedigd te worden door het onderlinge geloof, zowel dat van u als dat van mij.” Brunt: „Blijkbaar had ook Paulus gevoelens van verdriet, leegheid, onzekerheid en verslagenheid. Die gevoelens kunnen zomaar bezit van je nemen, ook al zing je: „Ik wandel in het licht met Jezus.”

Opdracht

Net zoals iedere christen bemoediging nodig heeft, zou ook iedere christen anderen moeten bemoedigen, vindt de voorganger. Hier ligt volgens hem een opdracht voor iedere christen. „Je komt er niet mee weg door te zeggen: Dat kan ik niet. God zegt: „Word een bemoediger.” Het is hard nodig in deze tijd met veel eenzaamheid en zelfmoord onder jongeren.”

Bemoedigen kun je leren door te gehoorzamen aan de Bijbelse opdracht, aldus Brunt. „Het vraagt om een wilsbesluit. Als je altijd vanuit je gevoel leeft, kom je nooit bij het hart van de ander uit en blijf je altijd met jezelf bezig.”

Hij riep zijn hoorders op te bedenken welke troost zij tijdens moeilijke situaties ontvangen hadden. Hij herinnerde zichzelf de tijd van het overlijden van zijn vader. Brunt zei toen geleerd te hebben om fijngevoelig te zijn voor wat echte troost biedt. „Je proeft snel of mensen iets zelf hebben ondervonden.”

Zelf is hij eens bemoedigd door een gesprek met een vriend, toen hij de organisatie van een bijeenkomst regelde. Slechts vijftien jongeren hadden zich aangemeld en Brunt voelde zich ontmoedigd. Zijn vriend zei: „Wat geweldig. We hebben meer aanmeldingen dan Jezus discipelen had.” Dat hielp hem om met andere ogen naar de situatie te kijken.

Doorvragen

Brunt adviseerde om anderen actief te vragen naar hun geestelijk leven en er daarbij niet vanuit te gaan dat het goed gaat, ook niet als de ander zegt dat het prima is. „Vraag door naar de situatie. Vraag hoe het leven met de Heere Jezus op dit moment is.”

Ook is het belangrijk om zich eerlijk en kwetsbaar op te stellen. „Wees open over je eigen worstelingen en levensvragen. Het is heerlijk om je hart te kunnen delen met een ander.”

Iedereen kan een bemoediging nodig hebben, zowel de predikant van de gemeente –die dus niet op een voetstuk geplaatst moet worden– als het eenvoudigste gemeentelid. De voorganger vertelde over een meisje met het syndroom van Down dat tijdens huisbezoek wat achteraf zat en niet werd opgemerkt door de predikant en de ouderling. Toen zij ten afscheid naar het meisje zwaaiden, zei zij: „Zonder roer en zonder mast, houd ik me toch aan Jezus vast.”

Mail

Arjan Baan, directeur van Heart Cry, vroeg zich in een kort woord na de toespraak van Brunt af wat de oorzaak is dat velen in reformatorische kring „kritisch zijn ingesteld” als het gaat om het geestelijk leven. Hij sprak de hoop uit dat men nieuwe patronen aanleert die te maken hebben met vriendelijkheid en barmhartigheid. Zo stelde Baan voor om de voorganger na een goede preek een bemoedigende mail te sturen of hem anderszins te bedanken.