OpinieWat zeg je dan?

Waarom verkiest God niet iedereen?

De Bijbel leert toch dat God uit is op het behoud van alle mensen (1 Timotheüs 2:4, 2 Petrus 3:9)? Maar waarom verkiest God dan niet gewoon iedereen?

Webvignet voor de rubriek Wat zeg je dan? met een kruis op de voorgrond met op de achtergrond een schaduw van een vraagteken
beeld RD, Getty Images

Wie nadenkt over de uitverkiezing, raakt gemakkelijk in een doolhof. Daarom is het goed om eerst te selecteren aan de ‘poort’: niet iedereen hoeft deze doolhof in te gaan.

Misschien heb jij genoeg aan „Het heil is des HEEREN” (Jona 2:9) en weet je dat je jouw redding geheel van God mag én moet verwachten. Of misschien heb je genoeg aan wat Spurgeon zei: „Ik weet de reden niet waarom ik gered ben, behalve dat God het zo gewild heeft.”

Is dit niet genoeg? Ga dan de doolhof binnen, maar niet zonder Gids! Er is geen betere Gids dan God Zelf, Die spreekt in de Schriften. Met de lamp van Gods Woord zul je niet verdwalen.

Openbaring

Terug naar de vraag. God verkiest, en wil tegelijk ook dat alle mensen zalig worden. Hoe kan dat en waarom wil God dat?

Om zulke ingrijpende vragen te beantwoorden, moeten we naar de basis: hoe weten wij iets over God? Doordat de Heere Zich openbaart. Openbaren is als het wegschuiven van het gordijn. Het was er altijd al, maar nu zie je het pas.

Dat geldt voor Wie God is, maar in zekere zin ook voor Zijn werken. God weet van eeuwigheid af wat Hij zal doen (vergelijk Handelingen 15:18). Als de Vader Zijn Zoon naar deze aarde zendt, dan maakt God daarmee de verborgenheid van Zijn wil bekend (Efeze 1:9).

Gods openbaring is genoeg voor onze zaligheid, maar niet voor onze nieuwsgierigheid

Weten we nu alles over God? Nee, want God laat van Zichzelf precies dat zien wat nodig is om zondaren te redden. Zijn openbaring is genoeg voor onze zaligheid, maar niet voor onze nieuwsgierigheid. Ook in Zijn openbaring handhaaft God Zijn majesteit en ondoorgrondelijkheid.

Jij vindt het vast niet goed als iemand zomaar nieuwsgierig rondneust in je leven. Nog veel sterker geldt dit richting God. Hij is immers de heilige God en wij zijn nietige en zondige mensen. Paulus herinnert ons daaraan (Romeinen 9:20). Wij zijn schepselen en Hij is de Schepper.

Waarom verkiest God dan niet alle mensen? Om daarachter te komen, moet je alles weten over Gods besluit. Maar dáárover is niets geopenbaard. Dit te willen weten is grenzeloze nieuwsgierigheid. Sterker nog: als je wilt weten wat God alleen weet, wil je zelf God zijn.

Laten we eerlijk zijn, we denken vaak dat wij veel bewogener zijn dan God. Maar dan zijn we niet eerlijk. Laten wij niet heel gemakkelijk onze ongelovige buren verloren gaan? God daartegenover heeft na het gruwelijk misbruiken van Zijn goedheid in het paradijs beloofd het Kostbaarste wat Hij had te geven. Dat is onovertroffen bewogenheid.

Besluit en uitvoering

Maar in 2 Petrus 3:9 en 1 Timotheüs 2:4 staat toch dat God wil dat alle mensen zalig worden? Voor een antwoord moeten we terug naar Gods openbaring. God leeft niet op een tijdlijn zoals wij mensen. Wij leven van vandaag naar morgen en laten gisteren achter ons. God leeft in een eeuwig heden.

Voor de openbaring van Gods besluiten maakt dat een groot verschil. Gods voornemens liggen reeds vast in de eeuwigheid, maar worden pas bekend door de uitvoering ervan. Wie er uitverkoren waren in Efeze, wist Paulus niet. Maar na zijn Evangelieprediking kende hij er in ieder geval een aantal. God kent alle dingen van tevoren, wij mensen altijd achteraf. Over Gods verborgen voornemens weten wij niets.

Verzameling van generieke houten figuren in de vorm van mensen met een figuur die buiten de groep staat.
„Wie er uitverkoren waren in Efeze, wist Paulus niet. Maar na zijn Evangelieprediking kende hij er in ieder geval een aantal.” beeld Getty Images

Geduld

Is dat reden voor onzekerheid? Nee. Ook al kennen wij Gods voornemen niet, dan mag én moet je toch goed van God denken. Dit laten Petrus en Paulus in deze teksten zien. Zij spreken over Gods wil op grond van Zijn werken.

Petrus weet niet waarom de wederkomst nog niet heeft plaatsgevonden, maar hij weet wel dat dit een daad van Gods geduld is. Hoe weet hij dat? Hij weet wie de Heere Jezus is. Achter het uitblijven van de wederkomst moet wel heilige bewogenheid liggen. Dat hebben wij niet verdiend, maar zó is de Heere. Want let erop dat deze verlenging van de genadetijd niet maar voor een paar mensen geldt. Het is een daad richting de hele mensheid. God laat zien dat hij de dood van de zondaar niet wil. Maar Zijn geduld betekent niet dat iedereen zalig wordt. Geduld is uitstel van het oordeel, niet het opheffen ervan.

God wil niet slechts dat sómmigen, maar dat állen die geloven behouden worden

Paulus richt zich ook op Gods werken. Sinds de komst van Christus wil God dat het Evangelie –de ”kennis der waarheid”– de hele wereld over gaat. God wil niet slechts dat sómmigen, maar dat állen die geloven behouden worden. Daarom wil God nu dat iedereen deze waarheid hoort om daardoor behouden te worden. Daarom moet er voor alle mensen gebeden worden (vers 1). Dit is de zegen van het Nieuwe Testament. Let wel, het is een geestelijke zegen met een beperkte tijdsduur. Er komt een keer een einde aan. Daarom geldt tot slot: Strijd om in te gaan in het Koninkrijk van God, want straks zullen velen het alsnog proberen, maar dan zal het niet meer kunnen (Lukas 13:24).