CU presenteert nieuwe beginselverklaring

ChristenUniepartijvoorzitter Adema (r) en de voorzitter van het Wetenschappelijk instituut voor de ChristenUnie, Beekers over de nieuwe beginselverklaring van hun partij: „We leggen nu meer nadruk op de begrensde taak van de overheid dan de opsteller van de NGB, Guido de Brès, in zijn tijd deed.” beeld RD
2

„Eigentijdse woorden geven aan oude idealen.” Dat is volgens ChristenUniepartijvoorzitter Adema het doel van de nieuwe beginselverklaring die zijn partij deze zaterdag presenteert.

Waar de ChristenUnie met Nederland en de wijde wereld naartoe wil, staat in het kernprogramma van de partij. Dat stamt uit 2002. Bijna drie jaar geleden koos de partij een andere grondslag. De verwijzing naar de Drie Formulieren van Enigheid verdween, zodat ook rooms-katholieken en evangelischen zich zonder gêne bij de partij kunnen aansluiten. De nieuwe grondslag verwijst naar de geloofsbelijdenis van Nicea.

In aansluiting op deze discussie nam het partijbestuur het besluit om een nieuwe beginselverklaring op te stellen. Die komt in plaats van het huidige kernprogramma. In het nieuwe document verwoordt de partij haar politieke uitgangspunten en idealen. Na een proloog is er een hoofdstuk over de democratie en de betekenis van vrede. Vervolgens komen er drie thema’s aan bod: ”Dien de samenleving”, ”Deel de vrijheid” en ”Bescherm het leven”. In juni bespreekt de partij het concept. De behandeling van eventuele wijzigingsvoorstellen en de stemming staan gepland voor de novembervergadering.

„De beginselverklaring geeft in heldere en eigentijdse bewoordingen onze idealen weer. Daarin verwijzen we ook naar de bronnen waaruit we putten. Dat zijn naast de Bijbel en de belijdenisgeschriften ook boeken van mensen die hebben nagedacht over de betekenis van christelijke politiek”, aldus partijvoorzitter Piet Adema.

Het stuk is volgens de partijvoorzitter niet bedoeld om na vaststelling in de onderste bureaula te verdwijnen: „Bestuurders en ChristenUnievertegenwoordigers kunnen er inspiratie uit putten voor hun dagelijkse werkzaamheden. Het mooie ervan is ook dat we het aan buitenstaanders kunnen geven die willen weten waar we voor staan. Het kernprogramma is vooral intern gericht; we willen met deze verklaring ook mensen buiten de partij bereiken. We hebben een boodschap voor de wereld.”

De opsteller van de beginselverklaring is de directeur van het wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie, Wouter Beekers. „De ChristenUnie is een politieke partij van christenen. Daarin is de CU –net als de SGP– uniek ten opzichte van andere partijen. Daarmee zeg je iets over je vertrekpunt. Voor ons is dat de Bijbel. Gods Woord heeft ook politieke betekenis. Om dit uitgangspunt door te vertalen naar verkiezingsprogramma’s is een tussenniveau nodig. Daar is dit document voor bedoeld. Ook moeten alle politieke vertegenwoordigers van de partij dit document ondertekenen, zodat ze erop aanspreekbaar zijn.”

De overheden zijn geroepen tot het vereren van God, zo blijkt onder meer uit de Psalmen. Een van de voorgangers van de ChristenUnie, het GPV, legde daar ook nadruk op. Waarom komt die specifieke oproep niet terug?

Beekers:„Ik vind dat ook een mooie notie. We hebben geprobeerd met nieuwe woorden aan te geven waar het in de kern om gaat. Daarom beginnen we het document met de belijdenis dat de Bijbel niet alleen betekenis heeft voor ons persoonlijk geloofsleven, maar dat het een Boek is met zeggingskracht voor heel de samenleving.”

Adema: „Het stuk eindigt met Psalm 85. „Zijn heerlijkheid zal wonen in dit land/ het heilig land waar goedheid trouw ontmoet/ het recht de vrede met een kus begroet.” In het zoeken naar recht en vrede wordt God ook geëerd.”

In de verklaring wordt verwezen naar artikel 36 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. In dat artikel staat onder meer dat de overheid ervoor moet zorgen dat het Evangelie overal gepreekt wordt. Hoe wil de ChristenUnie dat gestalte geven?

Beekers: „Deze discussie raakt aan de scheiding van kerk en staat. Sinds 1848 is die in de Grondwet vastgelegd. We kijken welke noties in zo’n artikel doorklinken en hoe we daar nu handen en voeten aan kunnen geven. De overheid moet het goede dat de kerk aan de samenleving bijdraagt, honoreren. Dat is de wijsheid die wij eruit meenemen.”

Gaat de rol van de overheid zoals in artikel 36 verwoord, dus anno 2018 te ver?

Beekers: „We leggen nu meer nadruk op de begrensde taak van de overheid dan de opsteller van de NGB, Guido de Brès, in zijn tijd deed. Maar daarmee kiezen we niet voor een neutrale overheid. Bij de vele morele keuzes die de overheid moet maken, brengen wij onze Bijbelse waarden en normen in het debat.”

Komt u door dit document dichter bij de SGP te staan of verderaf?

Adema: „We leven vanuit dezelfde bron, maar er zijn en blijven politieke en culturele verschillen. Zoals het nu gaat, namelijk met elkaar samenwerken om de christelijk geïnspireerde politiek te versterken, is beter dan samenvoeging. We bedienen elk een eigen achterban.”

En richting het CDA?

Adema: „Het CDA komt voort uit dezelfde traditie als wij, namelijk de christelijk-sociale beweging. Maar de partij is inmiddels interreligieus. Een belijdend moslim kan wel lid kan worden van het CDA, maar niet van de ChristenUnie.”

Sommigen verwijten de SGP cultuurpessimisme. Lijdt de CU niet aan het spiegelbeeld, cultuuroptimisme?

Beekers: „We zijn wel in de wereld, maar niet van de wereld. De apostel Paulus zegt in het begin van de Romeinenbrief dat het besef van goed en kwaad in het geweten van ieder mens zit. Daar kan de christelijke politiek aansluiting bij zoeken. Op grond daarvan kan Gert-Jan Segers in het debat over prostitutie zeggen dat we toch allemaal tegen mensenhandel zijn? En op grond daarvan kan Kees van der Staaij in de discussie over de site Second Love, die overspel propageert, vragen of de we waarde van trouw aan elkaar helemaal vergeten zijn. Zo wordt een appel gedaan op het geweten.”

Adema: „In de brief van Jeremia wordt de Joden in Babel gevraagd om te bidden en het goede voor de stad te zoeken. Je moet je dus inzetten voor de samenleving. Daarmee sluit je niet aan bij de cultuur, integendeel. We komen heel veel zaken in de politiek tegen die ver van onze idealen staan en ons pijn doen. Maar om je idealen dichterbij te brengen, moet je soms samenwerken met mensen die een heel ander vertrekpunt hebben. De ChristenUnie gaat niet tornen aan haar idealen. We benoemen ze in dit document juist opnieuw.”