Emoties: het laatste dijkgat is dicht

Watersnoodramp 1953
Caisson 4 (links) ligt tegen caisson 1 geparkeerd en zal op de avond van deze 6e november 1953 naar het gat tussen 2 en 3 (rechts) geduwd worden. Met het afzinken van de betonnen bak werd 65 jaar geleden het laatste dijkgat gedicht dat was ontstaan door de watersnood op 1 februari 1953. beeld Watersnoodmuseum
6

Een scheepsfluitconcert barst los; dan klinkt het Wilhelmus. Zo werd in de nacht van 6 op 7 november 1953 de sluiting van het laatste dijkgat gevierd. Zo klonk het dinsdag, 65 jaar later, op dezelfde plaats opnieuw, in het Watersnoodmuseum.

Daan von Eugen schiet nog steeds vol als hij terugdenkt aan de goede afloop van een uiterst spannende operatie: door precies op het juiste ogenblik een enorm betonnen caisson te laten zinken, werd het diep uitgesleten gat bij Ouwerkerk gedicht. Eindelijk kon Duiveland worden drooggemalen, ruim negen maanden na de watersnood.

Von Eugen was erbij, en hij vertelde er dinsdag over. De jonge Amsterdammer –krap 20– bracht zijn praktijkjaar als hts’er in Zeeland anders door dan hij dacht: met het maken van zinkstukken. Zijn handen, zonder eelt, lagen binnen de kortste keren open. „Haal ze maar door het zoute water”, was het advies. En verder moest hij, want zijn maats wachtten niet.

Toen het laatste dijkgat na een eerdere mislukking dan toch eindelijk werd gesloten, was Von Eugen erbij als opzichter. „Dat blazen van de boten, dat roept nog steeds emotie op.”

Caissons uit de oorlog

Honderden streekbewoners –ze pasten niet in de zaal– woonden dinsdag de herdenking bij. De meesten maakten de ramp mee. Sommigen waren ook ooggetuige toen het dijkleger het laatste gapende gat bedwong. Nu luisteren ze stil naar de sprekers, bekijken de filmpjes, knikken als een tafereel herkenning en herinneringen oproept.

Nederland stond na de watersnood voor de opgave zo’n honderd dijkbreuken te herstellen. Alleen Schouwen-Duiveland al telde 27 gaten in de buitendijken, 27 in de binnendijken.

Tal van methoden werden geprobeerd. De grootste bressen –na al die maanden het diepst uitgesleten– konden slechts op een rigoureuze manier worden bedwongen. Vanuit Engeland werden acht caissons overgevaren, restanten uit de Tweede Wereldoorlog. Eén brak in stukken; de andere werden afgezonken. Waarvan vier hier bij Ouwerkerk; de vier die nu samen het Watersnoodmuseum herbergen.

Spanning

Filmbeelden laten zien hoe de guillotineafsluiting werd toegepast: boem, in één keer de val dicht. Precies op het moment dat het getij tussen eb en vloed stilstond moest het gebeuren. Koningin Juliana was erbij, premier Drees ook, en meer politici. Bij het hoogtepunt, dat zomaar kon mislukken.

De wind was guur, de avond donker. Drie caissons waren al afgezonken. Nummer vier lag tegen nummer één geparkeerd. Wachtend op het juiste moment.

Om 22.00 uur kwam de kolos in beweging. Sleepboten duwden hem het gat in. Om 23.20 uur werden de afsluiters opengedraaid, zodat water het betonnen bak van onderaf vulde. Dat ging niet vlekkeloos; er bleek toch nog ebstroom te staan. Maar het caisson zakte, tot op de bodem. Om 23.57 uur was het gat dicht. De bak werd van bovenaf met zand gevuld, terwijl stortsteen en keileem de voet versterkten. En intussen juichten de toeschouwers, joelden de stoomfluiten en klonk de beierende klok van het zwaargeteisterde Ouwerkerk.

Kees van Gijzen, zeventienjarig matroos, diende op een van de sleepboten die de caissons de Noordzee oversjorden. „Het was gewoon m’n werk”, zegt de nuchtere Maassluissenaar. Jan van der Horst, zestien jaar jong, stond op een bak met keileem die werd leeggestort. „Het was dag en nacht werken geweest”, zegt hij nu.

De ellende die hij op 1 februari in Zierikzee had gezien, is hem haast nog meer bijgebleven. „Dat is een litteken. Ik was in een café waar de evacués werden binnengebracht. Als je je realiseert wat die mensen voor de kiezen hadden gehad...”

Museumdirecteur S. Louwerse krijgt de filmbeelden overhandigd die chirurg Suurenbroek uit Goes maakte, in Vlissingen, Wolphaartsdijk en Kruiningen toen de ramp het gebied trof, en dik negen maanden later, toen de caissons naar het gat van Ouwerkerk werden gevaren. Beelden van een historisch moment.

Koninklijke Harmonie Kunst en Eer uit Zierikzee speelt het Wilhelmus. Net als het in die nacht deed, maar nu minder vals. Het volkslied klonk, het vaderland leefde mee. Het water was bedwongen.