Oververhitting van aarde vraagt om verkoeling

Een innerlijke heroriëntatie op ons doen én denken is nodig nu de oververhitting van de aarde deze zomer voelbaar is geworden. beeld ANP Jasper Juinen

Nederland leeft op te grote voet. Het sneuvelen van weerrecords herbergt die ongemakkelijke waarheid. Christelijke bronnen wijzen de weg naar een sober leven, stelt Erik Oevermans.

Er sneuvelen deze zomer heel wat records. Het tempo waarin ze elkaar opvolgen, is de afgelopen jaren in een stroomversnelling geraakt. Daarmee vlakt het begrip record ook wat af. Het wordt gewoner, bijna vanzelfsprekend.

Naast alle hitte- en droogterecords was er deze zomer nog een ander record: de Earth Overshoot Day. De organisatie Global Foodprint Network berekent elk jaar de datum waarop de mensheid op aarde evenveel hulpbronnen verbruikt als de aarde in één jaar kan aanmaken. De datum viel dit jaar op 1 augustus. Wereldwijd. Voor Nederland lag hij zelfs in april. De gemiddelde Nederlander consumeert er kennelijk gulzig op los.

Al deze records herbergen een ongemakkelijke waarheid. De mensheid leeft op te grote voet. In 1970 viel deze dag nog op 29 december. Toen kon één aarde onze vraag nog aan. Maar na nog geen vijftig jaar heeft de mensheid al bijna twee aardes nodig. Dat is veelzeggend.

Grens

De laatste decennia wordt naar mijn overtuiging een wet harder dan ooit overtreden. De wet van de natuur. Noem die een verordening Gods. Een grens gelegd in de schepping. De aarde biedt grote speelruimte om cocreator te zijn. Dat is een gave van God. Een verantwoordelijkheid ook. Maar de aarde kan niet alles aan. De datum van de overschrijdingsdag toont aan dat de aarde wordt overvraagd. En dat overvragen leidt tot oververhitting. De aarde kermt en de scheuren springen in de grond.

Hoewel ik geen klimaatwetenschapper ben, wijzen de meeste gepresenteerde onderzoeken de mens aan als de voornaamste oorzaak van de klimaatrecords. „Wij zijn het probleem”, zei econoom Kees de Kort eens bondig. Maar dat willen we niet horen, voegde hij eraan toe. Wij met ons gedrag van gemakzucht, consumentisme en zelfzuchtigheid. Is dat geen ongemakkelijke waarheid?

Bij de Amerikaanse schrijver Boorstin keert de idee van gemak terug in zijn werk: we willen gemak, en geen belemmeringen. We willen het leven zelf een beetje comfortabeler maken. De technologie stelt ons in staat om dat te bereiken en de natuur naar onze hand te zetten. Het vliegtuig neemt bijvoorbeeld de belemmering van afstand weg. Supermarkten leveren het gemak om eten te consumeren zonder dat we het zelf eerst met zweet moeten verbouwen. In veel opzichten is dat ook een zegen. Maar het kent eveneens een schaduwzijde. Doordat bijna alles wordt gefaciliteerd door de techniek is de omgang met de natuur losser en afstandelijker. Zo zijn we gaan denken dat de aarde onze vraag makkelijk aankan, met overvraging als gevolg.

Schijnwereld

Het comfortabeler maken van het leven behelst ook wat de Duitse filosoof Oswald Spengler de kunst van het tijdverdrijf of de zelfvergetelheid noemt. Bij Boorstin heet dat het maskeren van de ”facts of life”. We creëren daarmee een schijnwereld en hebben de wereld ogenschijnlijk in eigen hand. We kunnen produceren en construeren wat we willen. Zo ontstaat er consumptief gezien een schijnbaar oneindig aanbod. Maar schijn bedriegt. We hebben het niet in eigen hand en de eindigheid is er wel degelijk. De aarde kent inherente grenzen. Maar door onze zelfvergetelheid zijn we daarvoor doof geworden en is het contact met de aarde verloren gegaan. We zijn vergeten dat we stof zijn.

Het maskeren van de ”facts of life” zit diep in ons. Ongemakkelijke feiten worden toegedekt. Maar de waarheid is meestal ongemakkelijk. In geestelijk opzicht is dat zo: Jezus’ woorden schuren nogal eens. Deze zomer dringt zich ook de ongemakkelijke waarheid van Gods schepping aan ons op en de wetten die Hij daarin heeft gelegd.

Ook het tv-programma ”Het filosofisch kwintet” besteedde deze zomer aandacht aan het klimaat. Belangrijke inzichten met systematische oplossingen kwamen op tafel. Aan het eind van de uitzending was het ‘kwintet’ het in ieder geval over één ding eens: het moet soberder. En fors ook. Maar hoe krijgen we dat voor elkaar?

De overgang naar sober duurzaam gedrag gaat niet zomaar. Daarom kiest de historicus Philipp Blom in het aangehaalde programma voor de radicale linkse weg. Alleen een straf- en beloningssysteem van overheidswege levert volgens hem soberder gedrag op. Wellicht bewerkstelligt dat wat verandering. Maar veel wezenlijker is de vernieuwing van het denken. Een heroriëntatie op ons doen én denken nu de oververhitting van de aarde deze zomer voelbaar is geworden. En precies daarvoor reikt het christelijk geloof bronnen aan.

Zonnelied

De middeleeuwse monnik Franciscus van Assisi met zijn Zonnelied kan ons helpen om de verstoorde relatie met de natuur te herstellen. Of theoloog en dichter Willem Barnard, die in een van zijn dagboeken schrijft over het Joodse liturgische jaar, waarbij er in de zomer ruimte voor stille tijd is en aandacht voor vasten en verootmoediging. Met aandacht ook voor de plaats voor nieuw leven en opstanding. Een plaats die niet ten prooi gevallen is aan verslaving en uitbuiting. Of denk aan Calvijn met zijn in de vergetelheid geraakte gedachten over soberheid, matigheid en ingetogenheid. Natuurlijkheid, ootmoedigheid en matigheid moeten nieuw leven worden ingeblazen.

De overvraging van de aarde vraagt om een stapje terug te doen. In ons doen en denken. En in die stap met soms ongemakkelijke vragen is een radicale heroriëntatie nodig op oude soms vergeten motieven in het christelijk geloof. Die kunnen verkoeling geven.

De auteur is masterstudent filosofie en theologie.