Wat weten we nog niet van de maanlanding?

50 jaar maanlanding
Astronaut Buzz Aldrin poseert bij de Amerikaanse vlag op de maan.  beeld NASA

Missie Apollo 11 is na 50 jaar legendarisch. De kleine stap bleek groter dan gedacht en had heel wat voeten in de aarde.

„That’s one small step for a man”

De woorden die Neil Armstrong uitsprak toen hij als eerste mens een voet op de maan zette, zijn legendarisch en worden nog vaak aangehaald. Toch is er 50 jaar na dato nog steeds discussie over zijn beroemde zin. Zei Armstrong nu „man” of „a man”? Die ene letter maakt het verschil tussen ”mensheid” en ”een mens”. Alle verwarring ten spijt beseffen de meeste welwillende luisteraars wel degelijk de betekenis en het belang van de historische woorden.

Hoe het ook zij, niet iedereen is ervan overtuigd dat Armstrong als eerste mens op de maan van zich liet horen. Astronoom Bob Berman concludeerde dat Buzz Aldrin, de tweede man op de maan, de eerste woorden moet hebben uitgesproken. Nadat de Eagle-maanlander de grond raakte, gaf hij zijn collega’s de opdracht: „Okay, engines stop.” Niet zo visionair, maar wel zo belangrijk.

Als er tijdens de ruimtereis onverhoopt iets mis was gegaan met Apollo 11 dan zouden de beroemde woorden nooit hebben geklonken. President Richard Nixon had voor die gelegenheid al een tekst klaarliggen: „Het lot heeft bepaald dat de mannen die naar de maan zijn gegaan om deze in vrede te verkennen, op de maan zullen blijven om in vrede te rusten.”

De Eagle bereikte de maan. Daar liet Neil Armstrong deze zo zacht landen dat de afstand tot de grond groter bleek dan was berekend. De kleine stap voor de mensheid veranderde daardoor in een sprong van ruim een halve meter.

Buzz Aldrin bracht die sprong er bovendien niet met droge voeten af. Nadat hij op de maan sprong, deed hij eerst een kleine boodschap in het ingebouwde urinaal van zijn ruimtepak. Door de sprong bleek het urinaal echter gescheurd, waardoor de urine in zijn ruimteschoenen liep.

Gelukkig voor de mannen bleek de maankorst sterk genoeg om het gewicht van de maanlander en de astronauten te dragen. Armstrongs moeder kon ook opgelucht ademhalen: ze was bang geweest dat zoon Neil door zijn gewicht –ruim 160 kilogram– door de bodem zou zakken.

Astronaut Pete Conrad, die met de Apollo 12-missie naar de maan vloog, bleek ook wat moeite te hebben met de stap op de maan. Zijn droge commentaar: „Dat was misschien een kleine stap voor Neil, maar voor mij is het een heel grote.”

Stukje vliegtuig naar de maan

In 1903 maakten de gebroeders Wright hun eerste vlucht. Het leek Neil Armstrong daarom gepast een stukje hout van hun pioniersvliegtuig in zijn persoonlijke bezittingen mee te dragen. Naast het hout nam hij ook een stukje stof van het vliegtuig mee – symbool voor de enorme voortgang in de 66 jaar tussen de eerste vlucht van de gebroeders Wright en de eerste vlucht naar de maan.

Niet alle details van de maanlanding konden op aarde worden voorzien. Alle gedetailleerde plannen ten spijt moest maanlander Eagle op de maan uitwijken naar een betere landingsplaats. Laagvliegend boven de maankorst werd gezocht naar een minder rotsachtige plek. Er was echter één maar: als de brandstoflimiet voortijdig werd bereikt, zou de landing automatisch worden afgebroken en moest de Eagle terug naar de Columbia, die om de maan cirkelde. Na de landing bleek er nog voor 25 seconden brandstof te zijn.

Eenmaal uitgestapt voerden commandant Armstrong en piloot Aldrin een aantal experimenten uit. Hun activiteiten duurden in totaal 21 uur en 36 minuten. De tijd die de mannen op het maanoppervlak zelf doorbrachten, was beduidend minder omdat ze af en toe terug moesten naar hun maanlander.

Voordat de Eagle aan de terugreis begon, lieten de astronauten verschillende voorwerpen op het maanoppervlak achter. Naast foto’s van personen en medaillons van astronauten die tijdens voorbereidingsmissies om het leven kwamen, waren dat ook audio-opnamen in verschillende talen. In ruil daarvoor namen ze maansteen en maanstof mee terug. Buzz Aldrin vertelde in 2015 hoe hij daarvoor bij aankomst op aarde douaneformulieren moest invullen.

Na de landing moesten de drie astronauten, inclusief Michael Collins, die nooit zelf op de maan had gestaan, drie weken in quarantaine om verontreiniging door micro-organismen van de maan te voorkomen. Niemand wist immers zeker of het maanoppervlak steriel was en dus werd het zekere voor het onzekere genomen. Later zou uit onderzoek blijken dat er geen enkele vorm van leven op de maan is.

Van Apollo 1 naar Apollo 11

Van alle ruimtemissies spreekt de Apollo 11 misschien het meest tot de verbeelding. Toch was het oorspronkelijk niet de bedoeling dat de Apollo-missies een mens op de maan zouden brengen. Toen het programma in 1960 werd aangekondigd, werd de ambitie uitgesproken om de mensheid in een baan om de maan te brengen, niet op de maan zelf.

In het volgende jaar hield president John F. Kennedy echter zijn beroemde toespraak waarin hij aangaf dat „nog voor het eind van dit decennium” een mens op de maan zou moeten staan én weer veilig terug op aarde zou komen. Het was een gewaagde uitspraak. Op de Rus Joeri Gagarin, de Amerikaan Alan Shepard en wat fruitvliegen, apen en honden na was er nog nooit een levend wezen in de ruimte geweest. Om de Russen, die eerder dan de Amerikanen in de ruimte waren geweest, af te troeven, werd er flink gas gegeven.

In 1967 voerden drie astronauten een test uit in de cabine van hun ruimtevaartuig. Daarbij brak brand uit, waarbij de astronauten omkwamen. Hun ‘vlucht’ werd ter herinnering ”Apollo 1” genoemd. Die naamgeving lokte binnen de NASA een discussie uit over de naam van de volgende vlucht. Er waren namelijk al diverse ruimtevluchten geweest. Besloten werd dat de volgende missie ”Apollo 4” zou heten. De lancering van de Apollo 4, op 9 november 1967, verliep niet zachtzinnig: kilometers verderop stonden gebouwen te trillen.

Apollo 5, bedoeld om de maanmodule te testen, was geslaagd, de onbemande Apollo 6-missie iets minder: het ruimtevaartuig stuiterde 30 seconden, er vielen twee motoren uit en de derde trap van de raket wilde niet starten. Apollo 7 was succesvoller en bracht als eerste missie mensen naar de ruimte.

Op 24 december 1968 maakten drie astronauten in de Apollo 8 een rondje om de maan. De mannen maakten een wereldberoemd geworden foto van de aarde en lazen de eerste verzen uit Genesis 1, volgens astronaut Jim Lovell „de basis van het christendom, het jodendom en de islam.”

Apollo 9 en 10 waren testmissies waarin de werking van alle systemen werd getest. Daarmee waren de voorbereidende werkzaamheden ten einde. De basis voor de eerste bemande landing op de maan was gelegd.

Klik hier om verder te lezen over 50 jaar maanlanding