Emigrant bakt pannenkoeken voor buren in Athene

Emigrant
Emigrant Judith van Ekris: „Grieken zijn een uitbundig en luidruchtig volkje.” beeld Van Ekris

Na een donkere periode in haar leven besefte Judith van Ekris (62) dat als ze nu geen gehoor zou geven aan de lang gekoesterde wens om zich vanuit haar geloof in te zetten voor de medemens aan de rand van de samenleving –daklozen, armen, verschoppelingen–, het er nooit meer van zou komen. Na een gerichte zoektocht verliet ze huis en haard, om zich te settelen in de Griekse miljoenenstad Athene.

In haar kleine appartement, in een volksbuurt vlak bij het centrum van de hoofdstad, vertelt ze over haar ervaringen: „Toen ik hier ruim een jaar geleden kwam wonen, vroeg ik een bekende hoe ik het beste contact kon leggen met de buren. Hij raadde me aan simpelweg aan te bellen en een bord met iets lekkers aan te bieden. Volgens Grieks gebruik mag het bord dan niet leeg teruggegeven worden. Ik nam de proef op de som en bakte voor alle buren Hollandse pannen­koeken. Er kwam een uitwisseling op gang die nog steeds voortduurt.”

„Grieken zijn een uitbundig en luidruchtig volkje”, zegt Van Ekris lachend, „maar ik voel me hier wel thuis. Het is alsof er een familieband is met de overige bewoners van dit gebouw. Iedereen zorgt een beetje voor elkaar.” Over de Griekse financiële crisis wordt nog steeds druk gepraat. „Meestal gaat het over de tijd van voor de crisis, en de tijd erna. Met de crisis is een nieuw tijdperk aangebroken.”

Van Ekris is werkzaam als vrijwilliger bij het Leger des Heils, dat vlak bij het Victoriaplein is gevestigd. Momenteel zet ze zich daar in voor vluchtelingen, na de zomer zal ze zich gaan richten op projecten voor daklozen en buurtbewoners.

In haar eigen buurt heeft Van Ekris spontaan een eetproject opgezet, toen ze tijdens een wandeling ontdekte dat er drie daklozen in een parkje verblijven. „Ik besloot voor hen te koken en probeer altijd een praatje aan te knopen als ik de maaltijd breng. Intussen is dit project gegroeid en ben ik bezig om het uit te breiden naar een andere buurt, samen met Arthur, die zelf kortgeleden dakloos raakte.”

Van Ekris heeft zich aangesloten bij een kleine protestantse kerk, de Grieks-Evangelische Kerk. „Ik voel me hier thuis, het lijkt veel op mijn kerk in Nederland, de PKN-gemeente in Werkendam. De gemeente probeert ook naar buiten toe kerk te zijn, door middel van een eetproject.”

In materialistische zin is Van Ekris behoorlijk achteruit­geboerd door te emigreren naar Griekenland. „Je moet iets opgeven voor een roeping”, vindt ze, „maar eigenlijk is het hele leven loslaten: een baan, inkomen, en zelfs mensen.”

Wat ze echt mist? „Het voeren van diepgaande gesprekken. Mijn Grieks is daarvoor nog niet goed genoeg.” Maar daar werkt ze hard aan.

Dit is het negende deel in een serie over Nederlandse christenen in het buitenland. Volgende week donderdag deel 10.
 
>>rd.nl/emigrant