„De satan heeft altijd de beste liedjes”

Bezoekers tijdens het popevenement Concert at Sea op de Brouwersdam, juni 2018. beeld ANP, Jonas Roosens

Welke geest zit er achter popmuziek? Over die vraag sprak de kenner van hiphop, hardcore en metal Lean Macleane (39) donderdagavond in de Gomarus Scholengemeenschap in Gorinchem voor oudercollectief ”Bewust Gezin”. „Popmuziek heeft miljoenen jongeren in haar greep.”

De artiest Aleister Crowley had volgens Macleane als motto ”Doe wat je wil”. „Hij stond bekend als de slechtste man ter wereld en is een van de grondleggers van de hedendaagse cultuur. Hij beïnvloedde de Rolling Stones en de Beatles en in onze tijd idolen als Kanye West, Jay-Z, Rihanna en Beyoncé.”

Lean Macleane wond er gisteravond geen doekjes om: „Die artiesten hebben hun ziel verkocht aan de duivel. Ze zingen het zelf: I sold my soul to the devil, I’ll never get it back. Dat zien ze dan weer wel.”

Macleane weet waar hij over spreekt: vanaf zijn tiende dompelde hij zich onder in de popmuziek en werd hij een kenner van hiphop, house, hardcore en metal. Tot hier twintig jaar geleden verandering in kwam. Nu confronteert hij zijn gehoor met de strijd die wordt gevoerd om de ziel van de jeugd. „Het is oorlog. We zijn afgeweken van God. Allemaal. We zijn gevangen, dat is het uitgangspunt. Maar Gods recht op jou blijft bestaan.”

De duivel doet er alles aan om bezit van je te nemen, houdt Macleane de stampvolle zaal voor. „In de kerk werkt hij geleidelijk, stap voor stap. Jij moet onopvallend naar de hel. Popmuziek is daarvoor een ideaal middel. Satan heeft altijd de beste liedjes, zei Anton LaVey, oprichter van de satanskerk. Hij is altijd bezig om mensen te manipuleren.”

Gods geboden worden in de popmuziek met voeten getreden, constateert MacLeane. „Seks, geweld, rebellie en godslastering zijn aan de orde van de dag. Het sijpelt je hersens binnen. Je wordt beïnvloed zonder dat je het weet. Muziek doet iets met je, brengt je in een andere wereld. De herhaling hypnotiseert. Popmuziek heeft miljoenen jongeren in haar greep.”

Ook de reformatorische jeugd, weet Macleane. De afgelopen jaren hield hij een enquête onder 1.800 jongeren van de hoogste klassen van de basisschool en het middelbaar onderwijs. Van de basisschoolleerlingen luistert 72 procent naar popmuziek; van de leerlingen van het voortgezet onderwijs 94 procent. Om te tonen hoe triest dat is, vertaalde hij gisteravond teksten van popsterren, analyseerde symbolen en toonde videoclips.

Screenshots

Sommige filmpjes zijn zo schokkend dat ze worden getoond via screenshots. Macleane geeft voorbeelden uit de top 40: confronterende teksten, ontluisterende video’s vol occultisme, satanische rituelen en blasfemie. Sommige jongeren neuriën onwillekeurig mee. „Wie kent dit nummer?”, vraagt Macleane. Niemand steekt z’n hand op. Macleane zelf is de eerste. Dan durven er meer. Ook volwassenen.

Macleane houdt ook teksten van vaderlandse bodem tegen het licht. Onder meer Jan Smit, Marco Borsato en de rappers Boef en Ronnie Flex kunnen de toets der kritiek allerminst doorstaan.

Macleane noemt als voorbeeld Borsato die het nummer ”Wit Licht” zong tijdens het spektakelstuk The Passion. Borsato’s doorboorde handen steken felrood af bij z’n witte pak. „Ik moet denken aan Psalm 1: Die roekeloos met God en godsdienst spotten.”

Eveneens kritisch is Macleane over gospelmuziek –waaronder Elly en Rikkert en Sela– waar 40 procent van de refojeugd naar luistert. „De musici bedoelen het goed, maar de boodschap is vaak eenzijdig. Bij veel opwekkingsliederen gaat het om mij en ik. Het contrast met de psalmen is groot.”

Volgens Macleane is er een norm om muziek te beoordelen. „De mens is geschapen om God te loven en te prijzen. Muziek moet God de eer geven.”