Nieuwe ronde voor Geert Wilders
AMSTERDAM – Onverwacht strandde in oktober vorig jaar het proces tegen Geert Wilders in verband met zijn omstreden uitlatingen over de islam. Vanaf maandag wacht de PVV-leider bij de Amsterdamse rechtbank een nieuwe ronde. Die kan pijnlijke momenten opleveren.
Eén ding staat vast: de PVV-leider bezorgt rechters in Nederland behoorlijk wat maagkrampen.
Op de valreep nam de rechtszaak tegen Wilders vorig jaar oktober een spectaculaire wending. Mr. Bram Moszkowicz, raadsman van de PVV-leider, kreeg gedaan dat de rechters onder aanvoering van mr. Jan Moors naar huis werden gestuurd. Aanleiding was het veelbesproken etentje in mei vorig jaar.
Daarbij tafelde de getuige-deskundige arabist prof. Hans Jansen met prof. mr. Ton Schalken, raadsheer bij gerechtshof in Amsterdam. Schalken was een van de magistraten die het openbaar ministerie (OM) in januari 2009 beval Wilders alsnog te vervolgen. Terwijl het OM eerder had gemeld daar geen brood in te zien.
Toen Moszkowicz in oktober vorig jaar de rechtbank in Amsterdam vroeg arabist Hans Jansen –aanwezig in de zaal– als getuige te horen, honoreerden de rechters dat verzoek niet meteen. Met succes wraakte Moszkowicz daarop de rechtbank. De zaak begint dus opnieuw.
In de Telegraaf kondigde Wilders aan dat hij raadsheer Schalken als getuige wil laten oproepen. Het ziet er dus naar uit dat er opnieuw het nodige vuurwerk komt bij de Amsterdamse rechtbank. Als die getuige wordt toegestaan, betekent dat dat een hogere rechter aan de tand wordt gevoeld. Een precaire situatie, die pijnlijke momenten op kan leveren.
In Amsterdam boterde het vorig jaar oktober van meet af aan al niet tussen Wilders en de rechters. Vanaf dag één stond de zaak onder hoogspanning. Toen rechter Moors zich –in verband met Wilders’ keus om te zwijgen– liet ontvallen dat het erop leek dat de PVV-leider de discussie uit de weg ging, ontstak die in toorn. Wilders noemde het „schandelijk” dat Moors zijn zwijgrecht „becommentarieerde.”
De wraking van de rechters zorgde voor veel beroering bij de Amsterdamse rechtbank. Het hakt erin als directe collega’s een rechterlijke college een draai om de oren geven.
Enkele weken geleden stelde de commissie-Meijerink dat de rechtbank de grote media-aandacht voor het proces heeft onderschat. Aannemelijk is dat de drie nieuwe rechters – voorzitter A.A.M. van Oosten en zijn collega’s G.P.C. Janssen en J.C. Boeree– op scherp zullen staan. Komende maandag zullen onder meer de getuigenverzoeken van de verdediging aan bod komen.
Wilders moet terecht staan voor groepsbelediging van moslims en aanzetten tot haat of discriminatie van allochtonen. Het gaat onder meer om zijn uitlating: „De kern van het probleem is de fascistische islam, de zieke ideologie van Allah en Mohammed, zoals neergelegd in de islamitische Mein Kampf: de Koran.”
Het OM zal, net als in oktober vorig jaar, vrijspraak vragen. De aanklagers vinden dat forse kritiek op religies moet kunnen, ook als gelovigen zich daardoor gekwetst voelen.
Menig strafrechtgeleerde vindt het maar niks dat de PVV-leider voor de rechter staat. Een van hen is prof. dr. Meindert Fennema, hoogleraar politieke theorie aan de Universiteit van Amsterdam en auteur van het boek ”Geert Wilders. Tovenaarsleerling”. „In het politieke debat moet je elke vergelijking kunnen maken, ook als die anderen niet bevalt. Dat hoort bij een vrije democratie. Als religiekritiek niet mogelijk is, lijken we op de vroegere Sovjet-Unie”, zei hij eerder in deze krant.
Daarentegen acht mr. dr. Fokko Oldenhuis, bijzonder hoogleraar religie en recht aan de Rijksuniversiteit Groningen, vervolging „noodzakelijk”. „Wilders kan wel vinden dat hij alles mag zeggen, maar dat is onzin”, zei hij eerder in deze krant. „Ieder grondrecht heeft zijn grenzen, ook het recht op vrijheid van meningsuiting. Deze zaak gaat echt ergens over.”