Visser schetst dilemma verhuizing marinierskazerne in Kamer

Barbara Visser. beeld ANP, Robin van Lonkhuijsen

Staatssecretaris Barbara Visser van Defensie noemde de geplande verhuizing van de marinierskazerne van Doorn naar Vlissingen dinsdag in de Tweede Kamer opnieuw „een dilemma.”

„Ik baal van het proces”, aldus Visser. De bewindsvrouw moest dinsdag op verzoek van SGP-Kamerlid Chris Stoffer opdraven in de Tweede Kamer om tekst en uitleg te geven over de kabinetsplannen rond de geplande verhuizing van de marinierskazerne naar Vlissingen.

Onlangs lekte uit dat Visser in de ministerraad had voorgesteld om de verhuizing terug te draaien. Dat zou bij verschillende bewindslieden op weerstand zijn gestuit, waarna besloten zou zijn een definitieve beslissing uit te stellen. Ook zou Visser gaan kijken naar mogelijke compensatie voor Zeeland.

Gebonden

Pas eind maart komt er echte duidelijkheid, herhaalde Visser dinsdag. Stoffer moest zich daarbij neerleggen. Op zijn vraag naar huidige stand van zaken, zei Visser zich gebonden te voelen aan de afspraak om naar Zeeland te verhuizen. Tegelijkertijd benoemde ze haar verantwoordelijkheid voor de „toekomstbestendigheid en continuïteit” van het korps mariniers. Visser benadrukte dat er nog geen besluit is genomen naar aanleiding van dit dilemma.

Stoffer wilde verder van de staatssecretaris weten of zij het met hem eens is dat Zeeland, mocht de verhuizing niet doorgaan, een ruime compensatie moet krijgen. Die moet zijns inziens qua werkgelegenheid en economisch perspectief „minstens even groot” zijn als de effecten van de verhuizing van de kazerne. Visser wilde daar niet op ingaan. Wel moeten de afspraken met Zeeland „hoe dan ook worden gerespecteerd”, stelde ze.

Open vizier

Daarbij is van kabinetszijde sprake van „een open vizier”, waarbij er nog „allerlei uitkomsten” mogelijk zijn, reageerde zij op vragen van CU-Kamerlid Joël Voordewind.

Volgens Visser zijn de mariniers veel van huis, en willen zij, als zij in Nederland zijn, dicht bij hun familie zijn. „Daarom zijn er ook zorgen over een verhuizing naar een plek die verder weg is dan waar ze nu zitten, in Doorn.”