Kolhl vond Lubbers niet „deutschfreundlich”

Ruud Lubbers op een CDA-bijeenkomst in 1989, beeld ANP, Paul Stolk.

Dat oud-premier Lubbers geen voorzitter van de Europese Commissie werd, kwam onder meer door verzet van bondskanselier Kohl. Die vond Lubbers niet „deutschfreundlich”, schrijft de CDA’er in zijn memoires.

In de memoires, die vanaf woensdag onder de titel ”Haagse jaren, memoires van Ruud Lubbers” in de boekwinkel liggen, werpt de Nederlandse oud-premier enig nieuw licht op de affaire die voor hem zo pijnlijk verliep. In 1995 werd niet hij, maar de Luxemburger Santer voorzitter van de Europese Commissie, als opvolger van Delors.

Lubbers had die post, na twaalf jaar premierschap, graag bekleed. Dat hij deze functie niet kreeg, had –zoals bekend– veel te maken met tegenwerking door de toen machtigste man in de EU, de Duitse bondskanselier Kohl.

In zijn memoires zegt de oud-CDA-leider hierover dat hem ter ore kwam dat Kohl hem niet „deutschfreundlich” vond. Lubbers verklaart die houding als volgt: Na de eenwording van Duitsland ging Kohl zich steeds meer gedragen als dé leider van de EU. „Zijn aanzien stijgt enorm. Terecht. Maar daarmee verliest Kohl veel van zijn eerdere collegialiteit. Andere landen, ook Nederland en de Nederlandse minister-president, worden kleiner. Veel van mijn collega’s passen hun gedrag aan de nieuwe verhoudingen aan. Ik niet. Ik verander niet van toonhoogte. Misschien begint dat hem toch te steken.”

In eerdere jaren kon hij overigens wel goed opschieten met Kohl. Dat de relatie verslechterde zou, zo suggereert Lubbers, ook te maken kunnen hebben met het feit dat Kohl de conservatieve partijen bij de Europese christendemocraten wilde halen, terwijl de Nederlandse premier daar tegen was. Ook waren er meningsverschillen over de vestigingsplaats van de Europese Centrale Bank.

De memoires van Lubbers, die op 14 februari 2018 overleed, hebben 25 jaar op de plank gelegen. Ze bestaan uit interviews met hem die door CDA’er Theo Brinkel van 1992 tot 1995 –dus vooral in zijn laatste periode als minister-president– werden afgenomen.

Gevoelig

Na overleg met diverse intimi besloot Lubbers destijds om het boek niet te publiceren omdat het te gevoelig materiaal zou bevatten en beschadigend zou kunnen zijn voor personen die nog in leven en in functie waren.

De bekende oud-premier vertelt in het boek over zijn periode als student economie en over zijn ministerschap in het kabinet-Den Uyl (1973-1977). Hij gaat ook uitgebreid in op alles wat er gebeurde tijdens zijn fractievoorzitterschap (1978-1982) en de drie kabinetten onder zijn leiding, inclusief de spanningen die ontstonden toen hij het partijleiderschap wilde overdragen aan beoogd opvolger Brinkman.

Over de geschiktheid van Brinkman als CDA-leider zou, aldus Lubbers, in 1993 niet alleen bij hemzelf maar ook bij het partijbestuur twijfel zijn ontstaan. Dat Lubbers, midden in de verkiezingscampagne, in het openbaar aankondigde niet op de nummer één van de CDA-lijst te zullen stemmen maar op nummer drie (Hirsch Ballin), betreurde hij later. „Achteraf bezien kan dat stemadvies niet”, zegt hij in de interviews.

Overigens bekende hij ook in 2018 al een keer publiekelijk dat hij destijds tegenover Brinkman „zeer deloyaal” was geweest.

Als Lubbers in zijn memoires zijn politieke leven overziet, typeert hij zichzelf in de eerste periode, toen hij in het kabinet-Den Uyl het departement Econonomische Zaken aanstuurde, als „vakminister.” In de tijd dat hij in de Tweede Kamer fractievoorzitter was, was hij, in eigen ogen, vooral een „CDA-man.” En als premier van Nederland werd hij geleidelijk aan steeds meer een „man van het land.”

Een wetenschappelijke biografie van Lubbers, die in 1995 minister van Staat werd, verschijnt waarschijnlijk in 2023. Johan van Merriënboer en Lennart Steenbergen van het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis in Nijmegen werken daar aan.

2015-06-26-pkFLE3-Gesprek_Lubbers-4-FC_webRuud Lubbers: Idealist met gezond verstand