CDA groot dankzij lokale verankering

Gemeenteraadsverkiezingen
De politiek leider van het CDA, Buma, spreekt zijn partijgenoten toe tijdens de uitslagenavond in Den Haag: „Het is een resultaat om trots op te zijn.”  beeld Sebastiaan de Groot

Ontspannen. Zo is de sfeer bij het CDA. De enige spannende vraag is of de christendemocraten zich weten te handhaven als partij met de meeste gemeenteraadszetels.

Het aantal christendemocraten dat woensdagavond op de landelijke uitslagenavond bijeenkomt in het partijbureau aan het Buitenom in Den Haag, bedraagt enkele tientallen. Daar zitten dan ook nog de Haagse CDA’ers bij die hun uitslagenavond op het partijbureau houden.

Wat opvalt is dat er niet uitsluitend ouderen en autochtonen zijn, maar dat ook jongeren en allochtonen de moeite hebben genomen om naar het partijbureau te komen. „Die mix is hier heel gewoon”, zegt een kenner van het CDA in Den Haag.

Nog voor de eerste exitpolls vanuit de gemeenten naar buitenkomen, vanaf 21.00 uur, staan bier, wijn en fris uitgestald op een grote tafel. Iedereen mag zich daaraan laven. CDA-Kamerlid Van Toorenburg vindt dat er sowieso reden is voor een feestje. „In de campagne hebben we veel meegemaakt, al die ervaringen wisselen we hier met elkaar uit.”

Er komen weinig landelijke kopstukken op de CDA-avond. Alleen staatssecretaris Keijzer van Economische Zaken is de vrijwel de hele avond paraat en staat iedereen te woord. Minister Grapperhaus van Justitie laat ook even zijn gezicht zien.

De CDA’ers zien al snel dat hun partij zich als een van de landelijke partijen redelijk tot goed weet te handhaven. Insiders zijn wel bezorgd over de polarisatie en versplintering in de gemeenteraden: „Dat komt de bestuurbaarheid niet ten goede.”

Wat opvalt is dat het CDA in grote steden niet sterk is vertegenwoordigd. Van Toorenburg ziet dat niet als een probleem: „In de grote steden zijn wij nooit sterk geweest.” Maar een belangrijk partijstrateeg denkt daar anders over: „Als het CDA landelijk weer wil doorbreken, moeten we de steden wel meekrijgen. Het CDA werd in 2001 en 2002 landelijk de grootste omdat toenmalig partijleider Balkenende het zo goed deed in de grote steden. Het CDA moet weer nieuwe en jonge kiezers aan zich weten te binden.”

CDA-watcher Kroeger wijst erop dat de CDA-strategie erop is gericht de zorgen van de burger serieus te nemen. Maar dat is volgens hem niet genoeg. „Ik ben door en door protestant, maar weet nog goed dat in 1978 paus Paulus Johannes II aantrad. Hij preekte over de engelen bij de geboorte van de Heere Jezus. Die zeiden tegen de herders: „Wees niet bang.” Ze namen de zorgen van de herders dus serieus. Maar ze voegden er wel wat aan toe: „Wij verkondigen u grote blijdschap.” Ze hadden dus ook wat moois, wat fijns te vertellen. Dat moet het CDA ook doen, want de christendemocratie heeft een fantastisch recept voor een verwarde samenleving. Het christendom is een verhaal met perspectief.”

Rond elf uur maken de beveiligers een baan door het publiek. Daar arriveert politiek leider Buma, met in zijn gevolg onder anderen vicepremier De Jonge. Buma klimt op een eenvoudig podium en spreekt de aanwezigen moed in: „We zien een verdere versplintering, maar het CDA weet zich als landelijke partij prima te handhaven, Het is een resultaat om trots op te zijn.” Applaus is zijn deel.

Partijvoorzitter Peetoom weet wel hoe het komt dat het CDA weinig zetels verliest: „Zoals het er nu uitziet, blijft het CDA de landelijke partij met de meeste raadszetels. Dat wij veel minder last hebben van terugloop in vergelijking met andere partijen, heeft alles de maken met onze lokale verankering.”