EU-parlementariërs verdeeld over rede Juncker

Nederlandse Europarlementariers reageren verdeeld op de plannen die Europees Commissievoorzittter Jean-Claude Juncker ontvouwde in zijn jaarlijkse ‘Staat van de Unie’. Hij pleit daarin vooral voor versterking van de Europese Unie.

VVD’er Hans van Baalen is kritisch. „Dit is geen beleid maar een meerkeuzetoets. Juncker wil vol op het gaspedaal en dat is niet goed voor Europa.”

Esther de Lange (CDA): „Realistisch verhaal, met een paar noodzakelijke voorstellen op gebied van cyberveiligheid en een betere controle op buitenlandse investeringen.”

Bas Eickhout van GroenLinks stelt vast dat Europa succesvol is geweest voor handel en bedrijfsleven, maar tekortschiet op sociaal vlak. „Dat betekent dat we nu echte stappen moeten zetten naar een sociaal Europa.”

De SP vindt dat Juncker de plank „volledig misslaat” met zijn plan voor een „complete superstaat, inclusief een Europese minister van Economische Zaken en Financiën”. Dennis de Jong van die partij hekelt het „gebrek aan solidariteit met de miljoenen mensen in armoede in de EU en het ontbreken van een humanitair antwoord op de vluchtelingencrisis.”

PVV’er Marcel de Graaff noemt Juncker „rupsje nooitgenoeg: altijd meer EU. Dat betekent steeds meer ellende.”

D66 is een stuk positiever. Sophie in ’t Veld ziet een „progressieve, Europese lente”, die een kans biedt om Europa „grondig te hervormen”. „Alleen een sterk Europa kan weerstand bieden aan de onvoorspelbare Trump, de dreiging vanuit Noord-Korea, de vluchtelingenstroom en de klimaatproblemen.”

De PvdA ziet ingrediënten om ongelijkheid te bestrijden. „Een cruciale voorwaarde voor een succesvolle Europese Unie.” Agnes Jongerius is blij dat de commissie ziet dat bedrijven en burgers beter moeten worden beschermd tegen de nadelige gevolgen van globalisering. Ook verwelkomt ze het plan voor een „grensoverschrijdende arbeidsinspectie”. „Belangrijk om brievenbusfirma’s en sociale dumping aan te pakken.”

Peter van Dalen (ChristenUnie-SGP) is niet blij met Junckers wens om kiezers bij de Europese verkiezingen de mogelijkheid te geven op politici uit andere landen te stemmen.