„Wanhoop bij vluchtelingen op Lesbos neemt toe”

Syrisch vluchtelingengezin op het Griekse eiland Lesbos. beeld AFP, Aris Messinis
2

Een 11-jarig meisje dat in een paniekaanval flauwvalt en een 16-jarige jongen die zich in brand steekt. Martha van den Herik heeft ermee te maken in vluchtelingenkamp Moria op Lesbos, waar steeds meer ontheemden suïcidaal gedrag vertonen.

Syriërs, Irakezen, Afghanen, Congolezen. Het Griekse eiland Lesbos telt zo’n 10.000 vluchtelingen, van wie er ruim 8000 bivakkeren in en rond kamp Moria, ooit bedoeld voor de opvang van 2000 tot 3000 ontheemden. Organisaties die er werken maken zich grote zorgen om de verslechterende situatie.

Nicolien Kegels van Artsen zonder Grenzen zei dinsdag tegen de NOS dat ze in het kamp regelmatig met suïcidepogingen wordt geconfronteerd en dat zelfs kinderen zich van het leven proberen te beroven. Ouders vertellen „dat hun kinderen de wil om te leven aan het verliezen zijn en vragen ons om hulp. We zien kinderen die zichzelf beschadigen, een logische reactie op trauma’s.”

Ellen Spoelstra (27), logistiek-administratief coördinator van Stichting Bootvluchteling op Lesbos, herkent het beeld. „In de kliniek komen geregeld ouders die vertellen dat hun kinderen onhandelbaar zijn en zeggen dat ze dood willen. Het gaat dan om kinderen vanaf vier jaar.”

Ernstig depressief

De problemen nemen alleen maar toe, terwijl het hulpaanbod verre van toereikend is, stelt Spoelstra. „Nadat vluchtelingen hier aankomen zie je hun lichamelijke en mentale gezondheid verslechteren. Veel mensen zijn psychotisch, ernstig depressief. Ook paniekaanvallen en automutilatie –mensen die zichzelf snijden– komen veel voor.”

Schrijnend noemt Spoelstra de situaties van ontheemden die specialistische medische zorg nodig hebben, maar die niet krijgen. Ze noemt als voorbeeld vluchtelingen met kanker die onbehandeld blijven en een jonge nierpatiënte die verstoken blijft van dialyse.

Dat de situatie in Moria steeds verder verslechtert, merkt ook Martha van den Herik (26) uit Opheusden. Ze werkt sinds april 2017 als vrijwilliger in Moria, tot voor kort voor de organisatie Euro Relief, en is nu met verlof in Nederland. Binnenkort keert ze terug om voor een andere organisatie in Moria aan de slag te gaan.

2017-12-21-BIN5-marthavandenherik-5-FC-V_web„Zusje, wil je voor me bidden?”

In het kamp maakt Van den Herik veel schrijnende situaties mee. „Recent viel een meisje van 11 jaar vlak voor mijn neus flauw tijdens een paniekaanval.” Ook hoort ze „dagelijks” over suïcidepogingen van vluchtelingen. „Hoe voller het kamp wordt, hoe frequenter mensen zichzelf iets aandoen.” Ze kent geen situaties van overlijden door suïcide. „Doordat het kamp overvol is, zijn er altijd mensen in de buurt. Je ziet geregeld een vluchteling naar de dokter lopen met iemand die zich in zijn pols gesneden heeft of een overdosis medicijnen heeft ingenomen.”

Verkracht

Anderhalve maand geleden moest Van den Herik een 16-jarige Afghaan ophalen uit het ziekenhuis en terugbrengen naar Moria. „Hij had zichzelf in brand gestoken. Na één nacht op de psychiatrische afdeling moest hij terug naar het kamp. Het enige wat hij meekreeg, waren druppels voor zijn ogen. Verder moest hij zich maar zien te redden.”

In het verhaal van de Afghaan proefde de vrijwilliger wanhoop. „Hij vertelde dat hij door zijn familie vooruit was gestuurd in de hoop iets voor hen te kunnen betekenen. Hier ziet hij dat dit niet mogelijk is en hij voelt zich gigantisch tekortschieten richting zijn familie. Hij werd overgeplaatst van een afdeling in het kamp waar hij één uur per dag les kreeg naar een gedeelte zonder onderwijs. Daardoor sloeg bij hem de wanhoop toe.”

Psychiatrische hulp is in het kamp nauwelijks beschikbaar. „Alleen mensen die totaal de weg kwijt zijn, kunnen bij een psychiater terecht. Onder hen zijn mannen en vrouwen die in het kamp meerdere keren zijn verkracht. Vrouwen en meisje kunnen er niet alleen naar de wc gaan, ook overdag niet. Dat is niet veilig.”

Van den Herik zag de leefomstandigheden de laatste maanden verslechteren. „Doordat het kamp overvol is, is er minder goede opvang voor extra kwetsbaren, zoals gezinnen met pasgeboren baby’s of een demente oma.”

Elke hoek van het kamp is bezet. „Eerder was er nog weleens een plek waar we een volleybalnet ophingen of met jongens konden voetballen, maar die ruimte is er niet meer. Plaatsen waar het rioolwater loopt, werden eerder niet gebruikt. Nu is er wat grond overheen gegooid, zijn er pallets geplaatst en zitten daar ook mensen in tentjes. Je hebt geen keus.”

Thee drinken

Mensen verblijven steeds langer in Moria voordat hun asielaanvraag wordt behandeld. Degenen die in het kamp aankomen en kwetsbaar worden verklaard, moeten een jaar wachten op het eerste gehoor voor hun aanvraag, zegt Spoelstra van Stichting Bootvluchteling. „Al die tijd zitten ze in een omgeving die hun toestand geen goed doet en waarbij ze alleen maar meer achteruitgaan.”

Als ze in het kamp om zich heen kijkt, verliest Van den Herik soms de moed. „Dan luister ik maar weer naar de verhalen van mensen die me op de thee vragen. Hun laat ik voelen: Ik zie je niet als vluchteling, maar als mens. Dat geeft hun wat hoop. Ik merk dat een klein beetje aandacht al veel voor hen betekent. Daar haal ik energie uit.”