Prinses Beatrix bij allerlaatste reünie Engelandvaarders

beeld ANP, Robin Utrecht
4

De tien nog levende Engelandvaarders uit Nederland kwamen woensdag voor het allerlaatst bijeen. Prinses Beatrix bracht de heldhaftige dame en heren –95 jaar of ouder– een bezoek.

De verzetshelden zitten rond een tafel in landgoed De Zwaluwenberg, in de bossen bij Hilversum. Ze drinken wijn, eten een nootje en keuvelen wat. Om 13.30 uur komt „de koningin, o nee: prinsés Beatrix” binnen. Ze schudt handen en neemt plaats tussen de Engelandvaarders.

Engelandvaarders

Wat zijn Engelandvaarders? Mannen en vrouwen die in de Tweede Wereldoorlog naar Engeland uitweken om zich bij de geallieerde strijdkrachten aan te sluiten. Simpelweg de Noordzee oversteken kon niet. Sommigen gingen daarom de hele wereld over om in Engeland te komen.

Naast Beatrix zit generaal-majoor Rudi Hemmes, voorzitter van het Genootschap Engelandvaarders. Dat genootschap organiseerde in 1969 de eerste reünie. Vanwege de leeftijd van de Engelandvaarders werd vier jaar geleden de laatste reünie gehouden. Dat was zo leuk dat men het feestje dit jaar herhaalde. Maar nu echt voor de állerlaatste keer. De reünie is tevens het laatste wapenfeit van het Genootschap Engelandvaarders, dat na woensdag is opgeheven.

De taken van dat genootschap –zoals educatie en het organiseren van herdenkingen– worden door Museum Engelandvaarders in Noordwijk overgenomen. De vicevoorzitter van dat museum is Paul Bartelings, de zoon van Engelandvaarder Charles Bartelings (96). Beiden zijn aanwezig in De Zwaluwenberg.

Charles vluchtte in 1942 via Portugal naar Engeland. De reis duurde eenhalf jaar. Op blote voeten ging de toen 20-jarige jongeman de besneeuwde Pyreneeën over. Eenmaal in Londen kwam hij in contact met koningin Wilhelmina en werd hij opgeleid om aan de strijd tegen de Duitsers deel te kunnen nemen.

„Vader zei nooit veel over de oorlog”, vertelt Paul. „Ik wist lange tijd niet eens dat hij zo’n goed verhaal bij zich droeg. Hij loopt er niet mee te koop. Dat doen die Engelandvaarders sowieso niet. Ze zijn niet trots, want ze zien hun heldendaad als een volbrachte plicht.”

Pauls interesse voor de oorlog werd gewekt toen hij als scholier naar het Bevrijdingsdefilé in Wageningen ging. „Daarna begon ik mijn vader vragen te stellen. Toen hoorde ik pas wat hij allemaal had meegemaakt. En nog steeds komt hij weleens met nieuwe anekdotes uit die tijd”, aldus Paul, die bezig is met een boek over zijn vader.

Het gezelschap gaat naar buiten. Tijd voor een groepsfoto. Na een minuut of tien staan alle rolstoelen op hun plek en beginnen de fototoestellen te ratelen. De hoogbejaarde helden genieten zichtbaar van de aandacht. „Ik vind jullie ook interessant, hoor. Maar m’n toestel ligt thuis”, lacht barones De Smeth-Brandon, op Beatrix na de enige vrouw in het gezelschap.

De barones heeft er vrede mee dat dit de allerlaatste reünie is. „We worden te oud; het is mooi geweest.” Paul Bartelings denkt daar anders over: „Als ze volgend jaar nog gezond zijn en er genoeg animo is, regel ik zo weer wat.”