„Meer hulp nodig voor daklozen”

beeld ANP, Dingena Mol
2

Het kabinet moet de regie nemen in het daklozenprobleem. Dat vinden de Nationale ombudsman en de Kinderombudsman. De nood is zo hoog dat kinderen van hun ouders worden gescheiden omdat er geen opvangplekken voor gezinnen meer zijn.

„We zijn vele actieprogramma’s, brandbrieven, debatten en Kamervragen verder, maar het aantal daklozen blijft stijgen, net als de wachtlijsten voor opvang”, schrijven de Nationale ombudsman Reinier van Zutphen en Kinderombudsman Margrite Kalverboer woensdag in een brief aan premier Rutte. De oplossing van het daklozenprobleem is gemeenten boven het hoofd gegroeid, zeggen de twee. Ze vinden dat het rijk de regie moet pakken.

De ombudsmannen staan niet alleen in hun zorgen. In oktober schreven de vier grote steden al een brandbrief aan het kabinet waarin ze vroegen om meer geld voor de opvang. Volgens het CBS verdubbelde het aantal daklozen de afgelopen tien jaar tot 40.000.

Het Leger des Heils roept al jaren dat er meer woonruimte moet komen voor daklozen, zegt een woordvoerder desgevraagd. „De opvang is overvol en uit- en doorstroom is er nauwelijks. Dat probleem speelt overal, niet alleen in Amsterdam. Als er nu niets gebeurt, hebben we volgend jaar nog veel meer daklozen. Wij willen dat er 40.000 wooneenheden komen voor deze mensen. Minimaliseer verder de kortdurende opvang. Want in de opvang gaan mensen eerder achteruit dan vooruit.”

Dat er soms ouders van kinderen moeten worden gescheiden, noemt de woordvoerder van het Leger des Heils schrijnend. Maar dit is volgens hem niet de grootste categorie. Ook voor andere kwetsbare groepen –zoals vrouwen die noodgedwongen in onveilige situaties moeten blijven wonen– is de nood hoog. „Je wilt mensen plek en perspectief bieden; er voor je naaste zijn. Als iemand niet opgevangen kan worden, is dat vreselijk verdrietig.”

Brancheorganisatie Federatie Opvang is „heel blij” met de brief van de ombudsmannen, reageert beleidsadviseur Rina Beers. „We krijgen het niet meer voor elkaar om iedereen onderdak te bieden en moeten mensen wegsturen.” Volgens Beers gaan nu te veel departementen over daklozen. „Als vijf ministeries met elkaar gaan bakkeleien wie wanneer wat gaat doen en elkaar de bal toespelen, worden de problemen niet opgelost. De minister-president moet zelf de regie nemen.”

Het klopt dat ouders die van kinderen moeten worden gescheiden, niet de grootste groep is die gedupeerd wordt door volle opvang, zegt Beers. „Maar kinderen en jongeren zijn wel de grootste getroffen groep aan het worden. Zo gebeurde het de afgelopen tien jaar steeds vaker dat kinderen bij hun moeder werden weggehaald vanwege dakloosheid. Als zo’n situatie voortduurt, zegt de rechter dat het kind is onthecht en krijgt de moeder het nooit meer terug. Onvoldoende opvangplekken kan onvoorstelbare gevolgen hebben.”

De oproep van de ombudsmannen aan de premier helpt om het daklozenprobleem urgent te houden, reageert Marit Postma van De Regenboog Groep Amsterdam. De instelling heeft acht inloophuizen in de hoofdstad waar daklozen een gezonde maaltijd, warme douche en schone kleren kunnen krijgen. De Regengroep Groep ervaart elke dag de problemen van de overvolle opvang aan den lijve. „Het is een heel goed idee als het kabinet de regie krijgt en met gemeenten in gesprek gaat.”

De Regenboog Groep biedt niet het type opvang waar gezinnen op zitten te wachten, zegt Postma. Wel ziet de organisatie meer jongeren dan voorheen en dat heeft met de kostendelersnorm te maken. „Ouders zeggen soms tegen hun kinderen dat ze niet meer thuis kunnen wonen, omdat ze anders gekort worden op uitkeringen.”

Een groeiende groep zijn de zogenoemde ”economische daklozen”, weet Postma. „Zij krijgen vanwege baanverlies, faillissement, echtscheiding of een combinatie van factoren met schulden te maken en raken hun huis kwijt. Vaak verblijven ze tijdelijk bij vrienden of familie, maar op een gegeven moment houdt ook dat op. Vaak kost het moeite om nieuwe huisvesting te vinden, omdat de woningmarkt op slot zit. Het gevolg kan zijn dat economisch daklozen in enkele maanden afglijden en met zwaardere problematiek te kampen krijgen.”