„Mama’s huis is de straat”

Uitgeprocedeerde asielzoekers
beeld Hollandse Hoogte Hollandse Hoogte

De datum staat onuitwisbaar in haar geheugen gegrift. Op 14 december 2009 werd Christiana (29) vanuit het uitzetcentrum in Ter Apel door de Dienst Terugkeer en Vertrek met twee kleine kinderen naar het NS-station in Emmen gebracht. Met 100 euro en een tas vol kleren stonden ze letterlijk op straat. Uitgeprocedeerd.

In een kantoortje van STIL, een organisatie die zich inzet voor vluchtelingen en migranten zonder verblijfsvergunning, doet Christiana haar verhaal. Ze oogt somber en veegt meer dan eens met een papieren zakdoek de tranen van haar gezicht. Terugblikken op de afgelopen jaren valt niet mee.

Christiana groeit op in een moslimgezin in het Nigeriaanse district Lagos. Na haar schoolloopbaan studeert ze business administration. Tijdens de studie leert ze Richard kennen, een Nigeriaan uit Engeland die voor een bezoek in zijn vaderland is. Ze krijgen een relatie en treden in 2003 in het huwelijk.

Na haar trouwdag blijft Christiana bij haar ouders wonen, met de bedoeling na het afronden van een vervolgstudie bij Richard in Groot-Brittannië in te trekken. Haar vader accepteert het huwelijk echter niet, omdat zijn schoonzoon christen is. „Verschillende familieleden hebben mij om die reden mishandeld”, vertelt de Nigeriaanse, terwijl ze de mouw van haar witte trui omhoog schuift om de littekens op haar arm te laten zien.

Alleen van haar moeder krijgt ze enige steun. Als Christiana op een dag in een kamer zit opgesloten, haalt haar moeder het slot van de deur. De jonge vrouw –inmiddels acht maanden zwanger– besluit direct met haar echtgenoot naar Engeland te vertrekken. Tijdens een tussenstop op de luchthaven Schiphol gaat het mis. Vanwege het ontbreken van geldige reisdocumenten mag Christiana niet verder vliegen.

Terwijl Richard doorreist naar Engeland, belandt zijn vrouw begin 2005 in Den Haag in vreemdelingenbewaring. Binnen enkele weken komt in het Bronovoziekenhuis haar oudste zoon ter wereld, die ze de naam King geeft. Na contact met VluchtelingenWerk dient ze een asielverzoek in. Tijdens haar verblijf in asielzoekerscentra (azc’s) in Gilze-Rijen en Musselkanaal bezoekt haar man haar regelmatig vanuit Engeland.

In mei 2006 krijgt het echtpaar een tweede kind, dochter Kelly. Het jaar daarop hoort Christiana dat haar asielaanvraag is afgewezen. Ze dient een tweede verzoek in, nu op medische gronden. Inmiddels is namelijk vastgesteld dat ze sikkelcelanemie heeft, een erfelijke vorm van bloedarmoede. In afwachting van het antwoord op deze aanvraag verblijft ze in het azc in Echt, waar in april 2008 zoon Clinton ter wereld komt.

Als ook de medische procedure geen verblijfsvergunning oplevert, krijgt de Nigeriaanse in 2009 opnieuw te horen dat ze het land moet verlaten. „Nederland kon mij uitzetten, maar mijn kinderen niet”, zegt Christiana. „Zij zijn Europese burgers en hebben vanwege hun vader de Britse nationaliteit.”

Van Richard krijgt ze intussen geen steun meer. Hoewel ze formeel nog steeds zijn gehuwd, beschouwt hij hun relatie als beëindigd. Als King 4 jaar wordt, gaat hij naar zijn vader in Engeland om daar onderwijs te kunnen ontvangen. Christiana blijft met Kelly en Clinton achter.

Na een verblijf in het uitzetcentrum in Ter Apel eindigt haar opvang op een koude decemberdag. De dienst terugkeer en vertrek van het ministerie van Justitie zet haar met 100 euro af op het NS-station in het naburige Emmen. Het merendeel van de schaarse bezittingen die ze de afgelopen vijf jaar heeft verzameld laat ze noodgedwongen achter in het centrum. Alleen een deel van haar kleding en die van haar kinderen gaat mee.

Als ze de feiten in sobere bewoordingen op een rij heeft gezet, slaat Christiana de handen voor haar gezicht. Ze zucht. „Ik had niet langer een plek om te verblijven en kreeg voortaan geen geld meer. Het was verschrikkelijk. Ik stond te huilen op het station en wist niet wat ik moest doen.”

Uiteindelijk belt ze een Nederlandse kennis uit de buurt die een Nigeriaanse vriend heeft. „Ik sta op het station in Emmen.” Deze vrouw, die studeert en zelf van een beperkt budget moet rondkomen, haalt haar op en neemt haar in huis. Christiana en haar twee kinderen mogen tijdelijk in een van de twee slaapkamers bivakkeren. „We slapen op matjes op de vloer.”

Af en toe overnacht ze bij andere kennissen om het adres waar ze doorgaans verblijft te ontlasten. Intussen leeft ze van wat anderen haar geven. „Van vrienden uit Ter Apel krijg ik soms 10 euro of eten voor de baby”, zegt ze geëmotioneerd.

Alles went, zegt Christiana. Ook een maandenlang verblijf in een kleine kamer, zonder vaste inkomsten. Maar de uitgeprocedeerde asielzoeker beseft heel goed dat ze op deze manier geen toekomst heeft. „Pas vroeg Kelly: Wanneer gaan we naar jouw huis? De vrouw bij wie we in huis zitten, zei: „Mama’s huis is de straat.”

Soms wordt het me allemaal te veel en zit ik in alleen in mijn kamertje te huilen. ’s Nachts kan ik vaak niet slapen. Dan lig ik te denken over mijn situatie. Toen ik wegging uit Nigeria wilde ik vergeten wat mij daar was aangedaan. Maar er zijn alleen maar nieuwe trauma’s bij gekomen.”

Via STIL kreeg Christiana nadat ze op straat was beland een nieuwe advocaat. „Zij heeft bepleit dat ik vanwege mijn gezondheidssituatie weer in een azc wordt opgenomen. Ook heeft ze aangegeven dat mijn kinderen, die hier geboren zijn, het recht hebben om in Nederland te wonen en dat ik hen als moeder niet alleen kan laten. Ik wacht nu op een beslissing van de IND.”

Christiana zegt in principe bereid te zijn terug te keren naar Nigeria. „Het is daar gevaarlijk voor mij, maar hier heb ik ook geen toekomst. Misschien kan ik ergens anders in Afrika wonen, maar niet zonder mijn kinderen. Ik wil werken en goed voor hen zorgen.”

Er zijn meer gezinnen die in vergelijkbare omstandigheden verkeren, weet ze. „Toen ik nog in Ter Apel zat, gebeurde het regelmatig dat mensen werden opgepakt en weggebracht. Een zoontje van een vrouw uit Kameroen was erdoor getraumatiseerd. Tegen een beker die voor hem op tafel stond, zei hij iedere keer: „De politie komt jou pakken, de politie komt jou pakken.””

Een dag voor het interview hoorde Christiana nog dat een vrouw uit Angola met twee kinderen op straat was gezet. Enkele uren na het gesprek belt ze nog een actueel bericht door. „Een vrouw uit Congo, moeder van vijf kinderen, heeft vandaag gehoord dat ze volgende week weg moet uit Ter Apel.”

Waar al deze mensen terecht komen, Christiana weet het niet. Ze heeft genoeg aan de zorgen om haar eigen gezin, die als een zware last op haar schouders drukken. „Bij de vrouw bij wie ik nu in huis zit, kon ik een maand blijven. Dat is nu al drie maanden geworden. Hoe het verder gaat, weet ik niet. Ik probeer elke dag maar weer te overleven.”

De naam Richard is gefingeerd.


Sociale rechten

Nederland handelt in strijd met het Europees Sociaal Handvest door uitgeprocedeerde asielzoekersgezinnen op straat te zetten. Een klacht van Defence for Children is door het Europese Comité voor Sociale Rechten gegrond verklaard, zo werd eerder deze week bekend. „Kinderen hebben recht op bescherming en die vind je niet op straat”, vat Defence for Children de uitspraak samen.

Na een negatieve beslissing over hun aanvraag voor een verblijfsvergunning krijgen asielzoekers in het uitzetcentrum in Ter Apel, waar ze worden beperkt in hun vrijheid, een aantal weken de tijd om terugkeer naar hun land voor te bereiden. Lukt dat na twaalf weken niet, dan staan de gezinnen op straat. Kinderen houden in dat geval wel recht op onderwijs en medische zorg, maar niet op opvang.

In Nederland zouden momenteel enkele honderden kinderen buiten de opvang vallen. Stichting Inlia, die zich richt op het helpen van asielzoekers in nood, signaleerde vorige week nog dat het aantal asielzoekers dat op straat belandt de laatste maanden toeneemt. De stichting is een meldpunt dakloze asielzoekers gestart om de problematiek goed in kaart te brengen.

Volgens een woordvoerder van het ministerie van Justitie wordt al het nodige gedaan om uitgeprocedeerde gezinnen te helpen met terugkeer. Harde cijfers ontbreken, maar het ministerie denkt dat de meesten het land uiteindelijk verlaten.