Drie christelijke ic-artsen over gevecht tegen corona

Nederland
Corstiaan den Uil, intensivist bij het Erasmus MC in Rotterdam.  beeld RD, Anton Dommerholt
3

Honderden coronapatiënten belandden afgelopen weken op de ic. De vrees bestond dat de intensieve zorg de toestroom niet aankon. Dat viel mee. Een terugblik met drie christelijke ic-artsen op twee bijzondere maanden.

Ben de Jong, intensivist bij Ziekenhuisgroep Twente.  beeld RD, Henk Visscher

„Wakker gelegen van inperking bezoek”

Ben de Jong (34), intensivist in Almelo, bij Ziekenhuisgroep Twente, behandelde coronapatiënten

Hebt u afgelopen maanden gedacht: De coronacrisis groeit ons boven het hoofd?

„Ik maak in ons ziekenhuis deel uit van het crisisteam. Toen Nederlandse ic’s enorme aantallen ernstig zieke coronapatiënten kregen te verwerken, zaten we met samengeknepen billen. Gaat dit goed? In Almelo hebben we de ic-capaciteit verdubbeld. Gelukkig ontstond er geen tekort aan ic-bedden.”

Wat viel u op aan het ziekteverloop bij coronapatiënten op de ic?

„Corona is een ziekte die we nog niet kenden. Op de ic kwamen patiënten met een ernstig en langdurig probleem met zuurstofopname. Sommigen kampten met nierfalen en belandden aan de nierdialyse. Van de ruim veertig patiënten die bij ons in Almelo op de ic lagen of liggen is tot dusver een enkeling overleden.

In andere ziekenhuizen ligt het sterftecijfer hoger. Misschien heeft het ermee te maken dat in het ene ziekenhuis ziekere coronapatiënten worden opgenomen dan in het andere. Of zijn andere ziekenhuizen eerder met behandeling gestopt van ernstig zieken? Zijn wij streng geweest aan de voordeur? Het blijft lastig om de verschillen in sterftecijfers goed te kunnen beoordelen.

Duidelijk is wel dat de nodige coronapatiënten ernstig zijn verzwakt als ze een paar weken aan de beademing hebben gelegen. Sommigen kunnen nauwelijks praten of slikken. Ze zullen maandenlang moeten revalideren. Dat coronapatiënten na een ic-opname verwardheid vertonen, verbaast mij niet. Je ziet het ook bij andere ic-patiënten. Als je lang aan de beademing ligt, kunnen allerlei orgaansystemen gaan protesteren. Ook de hersenen. We moeten er wel voor oppassen onszelf blind te staren op de ic-patiënten. Het realistische beeld is dat het overgrote deel van de mensen die besmet raakt met corona daar weinig tot geen last van heeft.”

Hoe verliep het contact met familie?

„Beleid van ons ziekenhuis is om familiebezoek aan coronapatiënten sterk in te perken. Ik heb dat als heftig ervaren. Ik heb er wakker van gelegen. Patiënten waren vaak nog helder, voordat ze voor een lange periode in slaap werden gebracht. Ze moesten per telefoon afscheid nemen van hun dierbaren. Ik heb sterk de indruk dat we in Nederland bezoekrichtlijnen te star hanteren. Ik heb daar grote moeite mee. We moeten de menselijke maat niet vergeten. Kennelijk is het voor ziekenhuizen soms verleidelijk om zich vast te klampen aan rigide richtlijnen. Natuurlijk moet je letten op veiligheid en schaarste van materialen. Maar als familieleden goede beschermingsmiddelen dragen, moet een bezoek aan een geliefde op de ic mogelijk zijn, vind ik. Vooral nu de schaarste van de materialen afneemt.”

Welk moment maakte indruk op u?

„Op onze ic lag een jonge vrouw. Ze was tijdens de begrafenis van haar aan corona overleden vader flauwgevallen. De vrouw bleek zelf ook besmet met het virus en is heel ziek geweest. Heftig dat haar uitermate bezorgde familie, die maar al te goed weet wat voor impact corona heeft, haar op de ic niet mocht bezoeken. Gelukkig is de vrouw hersteld en mocht ze afgelopen weekend weer naar huis.”

Hoe ziet u de coronapandemie in Bijbels perspectief?

„Ik vind dat een heel ingewikkeld vraagstuk. Zeker het Nieuwe Testament linkt persoonlijke tegenslag niet direct aan zonde. Wel zucht de schepping na de zondeval onder ziekte, ellende en dood. Ik zie dat in het ziekenhuis en de rest van de samenleving om me heen.

Voor mij komt het dichtbij. Ons dochtertje heeft kanker. Waar is God dan? Voor de christelijke kerk is het een enorme troost te weten dat Jezus dichtbij is, juist in het lijden. We mogen weten dat onze Vader niets uit de hand loopt. Al zouden we sterven, dan wacht ons een mooie toekomst.”

Corstiaan den Uil, intensivist bij het Erasmus MC in Rotterdam.  beeld RD, Anton Dommerholt

„Heftige beelden van longontsteking op scan”

Corstiaan den Uil (38), intensivist in het Erasmus MC in Rotterdam, verantwoordelijk voor niet-coronapatiënten en betrokken bij ic-zorg aan coronopatiënten.

Hebt u afgelopen maanden gedacht: De coronacrisis groeit ons boven het hoofd?

„Die angst bestond toen er dagelijks tientallen nieuwe Covid-patiënten op de ic’s bij kwamen. Het totale aantal ic-bedden in Nederland werd opgeschaald van 1150 naar 2400. Al die bedden hadden we gelukkig niet nodig. Wonderlijk genoeg is de curve afgevlakt en zelfs hard gedaald. Het zal te maken hebben met de overheidsmaatregelen, zoals 1,5 meter afstand houden. Wellicht spelen weersomstandigheden een rol, of is het virus veranderd. Komt er een tweede golf aan besmettingen? Het blijft allemaal ongrijpbaar.”

Wat viel u op aan het ziekteverloop bij coronapatiënten op de ic?

„Covid-19 is voornamelijk een longziekte. Op CT-scans zag ik heftige beelden van longontstekingen. Longen zitten voor een groot deel vol vocht en ontstekingscellen. Daardoor komt er te weinig zuurstof in het bloed. We moesten patiënten regelmatig op hun buik leggen, zodat longblaasjes in de achterste longvelden beter kunnen ventileren, wat goed is voor de patiënt. Dat omdraaien van mensen is een heel karwei. Je moet voorkomen dat bijvoorbeeld een infuus lossschiet. Na hun wekenlange verblijf op de ic zijn coronapatiënten vaak verward. Ze zijn bijvoorbeeld extreem achterdochtig tegenover artsen. Dan proberen we duidelijk te maken dat we geen bedreigers zijn, maar helpers.

Covid-patiënten zijn medisch gezien niet de meest uitdagende patiënten. Ze liggen vaak wekenlang aan de beademing en in diepe slaap. Zo koop je tijd, hopend dat iemand herstelt. Een medicijn tegen corona is er immers nog niet. Op mijn niet-Covid-afdeling kreeg ik iemand binnen met veel verwondingen. De patiënt had onder meer twee gebroken benen, hoofdletsel en een verbrijzelde borstkas. Dat is een ingewikkelder geval. Dan raadpleeg je allerlei specialisten.”

Hoe verliep het contact met familie?

„Wij lieten per dag één bezoeker toe, voor de tijd van een uur. Als iemand op het punt stond te overlijden, mochten maximaal vier familieleden komen. Recent stonden aan het sterfbed van een jonge patiënt alleen twee echtparen. Broertjes en zusjes van de patiënt mochten niet komen. Dat zijn lastige situaties. Soms schipperen we wel. Je wilt dat familie hun naaste in de laatste ogenblikken kan bijstaan, zonder dat mensen het virus verspreiden.”

Welk moment maakte indruk op u?

„Dat minder niet-coronapatiënten zich meldden, gaf mij reden tot zorg. We riepen mensen die last hadden van pijn op de borst op om naar het ziekenhuis te komen. Zo’n symptoom kan wijzen op een hartinfarct. Er verschenen verhalen over keuzes die ic-artsen zouden moeten maken: wie behandel ik wel, wie niet? Dan vergeten mensen dat artsen in Nederland al gewend zijn om dergelijke moeilijke keuzes te maken. Heeft het zin om een ernstig zieke tachtigplusser nog op te nemen op de ic?

Dat het in Italië hier en daar uit de hand liep, heeft onder meer met zo’n vraagstuk te maken. In Italië nemen ze iedereen op de ic op, waardoor mede beddentekorten ontstonden. Een behandeling stoppen komt niet gauw bij die artsen op. Dat heeft te maken met de rooms-katholieke achtergrond van de Italianen.”

Hoe ziet u de pandemie in Bijbels perspectief?

Den Uil, lid van de gereformeerde gemeente van Ridderkerk-Slikkerveer: „In mijn kerk loopt een serie over het Bijbelboek Openbaring. Dat voorspelt dat een groot deel van de wereldbevolking zal overlijden door ziektes en oorlogen. Dat zien we nu gebeuren. Tegelijk is de bevolking enorm gegroeid. Iemand als viroloog Ab Osterhaus, van wie ik les heb gehad, waarschuwt al lang voor een pandemie. Dus zo verbaasd hoeven we niet te zijn.”

Gerard Innemee, intensivist in Tergooi, een ziekenhuis met vestigingen in Hilversum en Blaricum. beeld Sjaak Verboom

„Spieren van patiënten slinken enorm”

Gerard Innemee (53), intensivist in Tergooi, ziekenhuis met vestigingen in Hilversum en Blaricum, behandelde coronapatiënten op de ic in Hilversum.

Hebt u afgelopen maanden gedacht: De coronacrisis groeit ons boven het hoofd?

„Ik was niet in paniek, maar heb wel gedacht: Welke kant gaat dit op? Ik heb meegeholpen aan het opstellen van protocollen voor code-zwart. Hoe selecteer je patiënten als je niet iedereen meer op de ic kunt leggen? Gelukkig zijn we niet in zo’n situatie beland.

We hebben een bizarre tijd achter de rug, ook als maatschappij. Ergens was het ook een fijne periode. Er heerst in het ziekenhuis veel saamhorigheid. Je gaat er met z’n allen voor. Buitenstaanders verwenden ons met kaartjes, fruit en snoep.

Het is wel bewerkelijk, warm ook, om bij coronapatiënten zo veel beschermende kleding te moeten dragen. Veel ic-patiënten zijn mannen tussen de 50 en 70 jaar. Ik val ook in die leeftijdscategorie, en heb me best zorgen gemaakt over het besmettingsgevaar. Ik ben gelukkig niet verkouden geworden. Dat zou heel vervelend zijn. Dan had ik niet mogen werken.”

Wat viel u op aan het ziekteverloop bij coronapatiënten op de ic?

„Covid-19 is vooral een longprobleem. Patiënten kampen vaak met een heel laag zuurstofgehalte, zonder dat je dat meteen aan ze af kunt zien. Velen hebben hoge koorts. Ongeveer de helft van de ic-patiënten kampt met bloedstolsels, bijvoorbeeld in de longen. Om te voorkomen dat er trombose ontstaat, geven we patiënten dubbele doseringen antistollingsmedicatie.

Omdat we coronapatiënten vaak wekenlang in slaap houden, slinken hun spieren enorm. Zo gauw mogelijk proberen we ze dan ook uit narcose te halen, zodat de patiënten weer wat kunnen oefenen met bijvoorbeeld hun beenspieren.”

Hoe verliep het contact met familie?

„Coronapatiënten zijn vaak opvallend helder voordat we ze aan de beademing leggen. Via de telefoon kunnen ze van hun familie afscheid nemen. Best koud en triest als mensen zo moeten communiceren. Wanneer mensen dreigen te overlijden, staan we beperkt bezoek toe. Als mensen aan de beademing worden gelegd, zijn ze vaak angstig en gespannen. We vertellen ze eerlijk dat de toekomst onzeker is. Dat ze misschien wekenlang een beademingsbuis in hun keel krijgen. Het valt me op dat ic-patiënten, voordat ze in slaap gemaakt worden en aan de beademing worden gelegd, vaak gelaten zijn. Ze hebben al heel lang gevochten, geworsteld met heftige benauwdheid. Ze zijn ook dapper en geven zich als het ware aan ons over. Wij zeggen dan: Wij gaan heel goed voor u zorgen.”

Welk moment maakte indruk op u?

„Ik vond het mooi dat ik op onze ic de eerste coronapatiënt kreeg toebedeeld. Spannend, maar ook fijn om de handen uit de mouwen te kunnen steken. Gelukkig is die persoon weer van de beademing af. Een specifiek medicijn tegen Covid-19 is er nog niet, maar we kunnen natuurlijk veel doen om iemand te helpen. Denk aan beademing, het voorkomen van trombose of besmetting met bacteriële en schimmelinfecties. Zondag konden twee mannen van de beademing af. We hebben ze in hun rolstoelen naar buiten gereden, zodat ze onder het genot van een waterijsje van de zon konden genieten. Daar doen we het allemaal voor.”

Hoe ziet u de coronapandemie in Bijbels perspectief?

Innemee is van oorsprong Paauweaan en thuislezer. Hij volgt laatste tijd diensten van kandidaat R. J. Jansen, spreker voor Stichting Ikabod: „Ik denk dat de coronapandemie een oordeel van God is. Een waarschuwing en nodiging tot terugkeer. Om niet op te gaan in onze welvaart, maar God te dienen en te vrezen. Laten we vooral niet denken dat wij, met het nemen van al onze maatregelen tegen het virus, machtiger zijn dan God. We weten niet wat de volgende slag zal zijn. Een virusje kan de wereld in chaos storten.”