„Bloedbaden niet door Van Heutsz”

Beeldenstorm
De Coevordense geschiedschrijver Ger Kleis bij het monument van Van Heutsz in de haven van hun beider geboortestad. beeld Sjaak Verboom

De hond van een Duitser doet bijna een plasje tegen het beeld van generaal Van Heutsz in Coevorden. Het is tekenend voor de beeldvorming rond de omstreden militair. „Ik wil hem niet kennen.”

De buurvrouwen Ina Vink (49) en Alie Halmingh (57) uit Coevorden weten niet wie hun buurman, het standbeeld van generaal Van Heutsz, is. Laat staan dat ze iets afweten van de oorlogsmisdaden waarvan hij wordt beschuldigd. „Ieder heeft zo zijn oordeel; ik niet”, zegt Vink.

Het borstbeeld van de militair met zijn mooie puntsnor staat in een plantsoen, dicht bij de plek waar eens zijn wieg heeft gestaan. Eerst stond het prominent voor het toenmalige gemeentehuis. Toen dat in 2009 transformeerde tot hotel werd het beeld weggemoffeld op een plekje aan de haven.

Met vreugde of niet

Het Duitse echtpaar Patermann (67) meert een schip af. De vrouw laat de hond uit. Die licht bij het borstbeeld van de militair zijn poot op om te urineren. De bazin trekt hem snel weg. Heeft deze man oorlogsmisdaden op zijn geweten? „Dan wil ik hem niet kennen”, zegt ze stellig. Daarna nuancerend: „Het hangt ervan af of hij dat met vreugde heeft gedaan of niet.”

Tegenwoordig is het niet veel beter, vindt de vrouw. Syrië bijvoorbeeld? „Ja, precies. Ik kan er niet meer tegen.”

Het echtpaar Koning uit Kampen doet een dagje Coevorden. Ze kennen de discussie rond Van Heutsz niet, maar „je moet elk mens in zijn tijd plaatsen. David heeft prachtige psalmen geschreven, maar hij heeft ook dingen gedaan die niet kunnen. Voor hem zou je nu ook geen standbeeld oprichten. Jan Pieterszoon Coen zou mijn vriend niet zijn geweest, maar in zijn tijd was hij een held”, aldus Henk Koning (69), emeritus predikant van de Zevende-dags Adventisten.

Bloedbad

De visie op Van Heutsz kantelt in de loop van de vorige eeuw. Hoewel hij zich al in 1908 moet verantwoorden voor een bloedbad dat hij in 1903 aanricht, is het beeld over hem in die jaren in Nederland én in Indië positief.

Drie jaar nadat de oud-generaal in 1924 in het Zwitserse Montreux overlijdt, krijgt hij vanuit het koninklijk paleis op de Dam een staatsbegrafenis in een praalgraf op de Nieuwe Oosterbegraafplaats in Amsterdam. In 1935 wordt in de hoofdstad een megalomaan monument voor hem opgericht, ondanks protesten van communisten en socialisten. Coevorden is twee jaar eerder met het borstbeeld voor het stadhuis, en ook in Indië verrijzen twee standbeelden.

Dan komen de roerige jaren zestig, waarin alle gezag onder kritiek komt te liggen. Op 9 april 1965 plaatsen de latere defensieminister Relus ter Beek en Alard van Lenthe, beiden redacteur van de Rooie Drentse Courant, een protestbord bij het beeld in Coevorden: „Gesneuveld bij het uitmoorden van het 39ste Atjehse dorp; bij het verkrachten van de 79ste Atjehse vrouw, om het geschokte vertrouwen van het Ned.-Indisch bestuur opnieuw te funderen.”

Ondergeschikte

Historicus Ger Kleis (78) kent de discussie over Van Heutsz op zijn duimpje. „Vaak wordt vergeten dat het zijn ondergeschikte Van Daalen was die de dorpen uitmoordde.” Ook weet het publiek meestal niet dat Van Heutsz in Indonesië zeer geliefd was en ís. Kleis: „Indonesiërs vereren hem zeer. Ze zien hem als de schepper van de huidige eenheidsstaat Indonesië. Atjehers hebben een met het Coevordense beeld vergelijkbaar standbeeld in de Tweede Wereldoorlog verborgen voor de Japanners. Dat ging na de onafhankelijkheid naar Bronbeek in Arnhem. Ik ben niet trots op Van Heutsz. Hij was de trots van onze grootouders –niet van alle–, maar hij behoort wel tot onze geschiedenis. Desnoods als vermaning.”

J. B. van Heutsz (1851-1924)

Joannes Benedictus van Heutsz werd in 1851 in Coevorden geboren. Hij koos voor een militaire carrière in Nederlands-Indië. Daar ontwikkelde hij de visie om Atjeh, het Noord-Sumatraanse sultanaat waarmee Nederland in een hevige strijd was verwikkeld, met harde hand te verslaan.

Dat laatste gebeurde toen hij als hoogste militair in Indië kolonel Frits van Daalen de opdracht gaf om de tactiek van de verschroeide aarde toe te passen bij de verovering van Atjeh. Die overmeesterde diverse dorpen, waarbij zeker 2900 Atjehers omkwamen, onder wie 1150 vrouwen en kinderen.

Van Heutsz kreeg een staatsbegrafenis en een enorm monument in Amsterdam, dat in 2004 werd omgedoopt tot Monument Indië-Nederland. Hij wordt geëerd met standbeelden in Amsterdam, Arnhem en Coevorden. Ook kazernes, parken, pleinen en singels werden naar de omstreden militair vernoemd.

zomerserie Beeldenstorm

Dit is het zesde deel in een serie over standbeelden van historische personen. Is het terecht dat ze een standbeeld hebben? Dinsdag deel 7.