Auschwitz-museum overweegt juridische stappen om documentaire abortus

Demonstratie tegen abortuskliniek met plastic foetusjes. beeld ANP

Een documentaire uit 2011 over abortus doet stof opwaaien. Herdenkingsmuseum Auschwitz overweegt juridische stappen tegen prolifer Dorenbos vanwege de parallel die hij daarin trekt met de Holocaust.

De documentaire ”Evolutie, Auschwitz en abortus” wordt zondag voor het voetlicht gehaald in een uitzending van Medialogica, een tv-programma over het handelen van media. In de uitzending komen onder meer de oprichter van prolifeorganisatie Schreeuw om Leven Bert Dorenbos aan het woord en Kees van Helden, de huidige directeur, die een kleine rol in de documentaire heeft.

In de documentaire –die nog steeds online te vinden is– wordt een parallel getrokken tussen de evolutieleer, de Holocaust en abortus. Met een koffer vol plastic foetussen bezoekt Dorenbos vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau in Polen. De foetussen zijn onder meer gemonteerd in beelden van een verbrandingsoven.

De programmamakers van Medialogica legden het herdenkingsmuseum Auschwitz de beelden voor. Medewerkers van het museum stellen te zijn misleid door Dorenbos over de opnames die hij in het kamp maakte. Volgens hen is de documentaire „respectloos richting mensen die in Auschwitz zijn vermoord.” Het museum overweegt juridische stappen tegen Dorenbos.

Verbaasd

Die is daar verbaasd over. „Ik wist hier nog niets van. Het is wel laat om op iets uit 2011 terug te komen.” Dorenbos zegt dat hij bij de opnames in Auschwitz nooit hoefde te laten weten wat de inhoud van de documentaire werd.

Terugkijkend zou Dorenbos een dergelijke documentaire nu anders aanpakken. De parallel tussen de plastic foetusmodelletjes en Auschwitz zou hij niet meer trekken. „Ik wil daarvoor mijn excuses aanbieden aan de Joodse gemeenschap.”

Ook Van Helden neemt afstand van de beelden die in de documentaire te zien zijn. Het gaat hem onder meer om de foetusmodellen die de verbrandingsoven in lijken te gaan en de tekst ”Abortus macht frei” op de plek van ”Arbeit macht frei” bij de ingang van het kamp. „In deze vorm zou ik niet meer aan de documentaire meewerken. De beelden staan niet meer op onze site. Ik ben verbaasd dat ze nog op internet staan.”

Hij begrijpt dat de vergelijking tussen de Holocaust en abortus kritiek oproept. Mensen die zeggen dat je op die manier de Holocaust voor je karretje spant, hebben volgens hem „een punt.”

Zowel Dorenbos als Van Helden uitten vrijdag kritiek op de programmamakers van Medialogica. Van Helden kreeg de indruk dat ze een vertekend beeld wilden neerzetten. „De aandacht wordt verlegd naar één persoon: Bert Dorenbos. In plaats van dat het gaat over abortus in Nederland.”

Dorenbos verwijt de programmamakers dat ze de documentaire over Auschwitz na acht jaar hebben opgerakeld en aan het herdenkingsmuseum hebben voorgelegd.

Logische stap

Erwin Otten, programmamaker bij Medialogica, bevestigt dat hij bij het museum om een reactie op de documentaire heeft gevraagd. Volgens hem een logische stap aangezien de beelden op het terrein van het voormalige vernietigingskamp zijn gemaakt. Bovendien had het herdenkingsmuseum, anders dan veel Joodse organisaties in Nederland, nog niet eerder op de documentaire gereageerd.

Volgens Otten klopt het dat de focus van het programma ligt op Dorenbos. „Hij is een belangrijke partij. Dorenbos is de eerste die het plastic foetusje in Nederland gebruikte.” De programmamaker benadrukt dat de Auschwitz-documentaire in de uiteindelijke uitzending niet centraal staat.

Otten is verbaasd over de kritiek van Dorenbos en Van Helden. Er is volgens hem altijd helder gecommuniceerd over de inhoud van het programma.

Jacobs: Vergelijking met holocaust onethisch

De holocaust en abortus met elkaar vergelijken, dat is „niet echt netjes”, vindt opperrabijn Binyomin Jacobs. Hij kent de documentaire ”Evolutie, Auschwitz en abortus” niet, maar volgens hem is iedere vergelijking met de Holocaust „pijnlijk.” „Ik ben tegen abortus. Maar om de praktijk van abortus te vergelijken met de gaskamers, dat vind ik volledig onethisch.”

De rabbijn werkt al veertig jaar met overlevenden van de Holocaust. „Het verdriet dat mensen is aangedaan in Auschwitz, dat is niet te filmen. Dat moet je nooit vergelijken met andere rampen.”

Hij vraagt zich wel af of het nemen van juridische stappen, zoals het herdenkingsmuseum Auschwitz overweegt, de zaak dient. „Ik weet niet precies waarom het museum juridische stappen overweegt, maar bij een mogelijk proces rakel je veel emoties op. Het is de vraag of dat verstandig is. Aan de andere kant: misschien is dit juist wat nabestaanden willen.”