Enthousiasme bij presentatie nieuw barokorgel TivoliVredenburg

Einde van het openingsconcert van het Festival Oude Muziek, vrijdagavond in TivoliVredenburg. beeld RD
2

In muziekcentrum TivoliVredenburg in Utrecht is het nieuwe orgel in de Grote Zaal vrijdagmiddag met groot enthousiasme ontvangen. ’s Avonds vervulde het barokinstrument een prominente rol tijdens het openingsconcert van de 36e editie van het Festival Oude Muziek.

Tijdens een twee uur durend middagprogramma werd het nieuwe tweeklaviers barokinstrument (vijftien stemmen) van de Utrechtse concertzaal gepresenteerd. De firma Van Vulpen heeft het orgel, aansluitend bij de architectuur van de zaal, in een horizontale vorm achter het podium gebouwd. Tijdens een rondetafelgesprek onder leiding van presentator Ab Nieuwdorp van NPO Radio 4 waren de loftuitingen niet van de lucht.

Dirigent Jos van Veldhoven van de Nederlandse Bachvereniging ziet bijvoorbeeld nieuwe kansen voor de uitvoering van 17e- en 18e-eeuwse muziek. „We hebben in feite iedereen voor de gek gehouden door met kistorgels rond te reizen. We weten van componisten als Buxtehude en Bach dat hun muziek gebaseerd is op het gebruik van grote orgels.”

Hij zegt dat het nogal uitmaakt of er een klein kistorgel of een groot kerkorgel meespeelt. „Bij onze opnames voor ”All of Bach” in de Martinikerk in Groningen hebben we dat gemerkt: alles in het ensemble wordt anders. Het orgel staat niet langer aan de zijlijn, maar krijgt een centrale rol. Dat beïnvloedt de muziek.” Hij noemde als voorbeeld de Matthäus Passion, waar Bach in het openingskoor voorschrijft dat het orgel met een sesquialter meespeelt met het jongenskoor. „Dat kan met een kistorgel niet. Volgend jaar gaan we de Matthäus hier op die manier uitvoeren.”

De Utrechter hekelde de kritiek die er is gekomen op het feit dat het geen symfonisch orgel is geworden, wat aanvankelijk veertig jaar geleden ook de bedoeling was, maar een barokinstrument. „Daar heb ik me aan gestoord. Dat Mahlers Tweede symfonie en de orgelsymfonie van Saint-Saëns nog steeds niet uitgevoerd kunnen worden. Daar hebben we prachtige zalen voor. Dit is wat we nog niet hadden. Uniek in de wereld. Utrecht mag trots zijn.”

Verguld

Ook Adjan Smitsman van orgelmakerij Van Vulpen was verguld. „Normaal bouwen we instrumenten waar vooral orgelliefhebbers blij mee zijn. Bij dit orgel wisten we: het komt in een concertzaal waar ook veel andere muziekliefhebbers komen. Dat maakte deze opdracht extra bijzonder.”

De orgelbouwer heeft een speciale techniek moeten toepassen om het instrument naar verschillende toonhoogtes te kunnen transponeren, iets wat nodig is bij het samenwerken met orkesten. Waar Smitsman naar uitziet? „Dat er nog meer concertzalen zijn die zullen volgen. In Den Haag halen ze momenteel hetzelfde trucje uit: ze bouwen een zaal zonder orgel. Hopelijk duurt het daar minder dan veertig jaar.”

Moed

Prof. dr. Hans Fidom, hoogleraar orgelkunde aan de VU, stelde dat het nieuwe orgel van TivoliVredenburg een nieuwe ontwikkeling in de orgelbouw laat zien. „We kennen allemaal de concertzalen in Parijs en Hamburg. Daarvoor zijn mainstreamorgels gebouwd: ze moeten alles kunnen. Maar daardoor kunnen ze niks echt goed. Dit hier in Utrecht is eigenlijk een heel erg groot kistorgel. Daarvoor is moed nodig geweest.”

Volgens Jos van Veldhoven gaan we ook een nieuwe tijd tegemoet qua organisten. „Het is een vak apart om op een groot orgel een ensemble te begeleiden. Dat is iets anders dan wanneer een klavecinist achter een kistorgel plaatsneemt. Het vraagt de allerbeste mensen.”

Xavier Vandamme, directeur van het Festival Oude Muziek, illustreerde dat met wat hij gistermorgen bij de repetitie voor het openingsconcert had gezien. „Het eerste kwartier was het flink wennen om organist en ensemble gelijk te krijgen.”

Peter Tra, programmeur bij TivoliVredenburg, beloofde dat het muziekcentrum nog beter gaat selecteren. Daarbij speelt ook de vraag een rol of een ensemble het grote orgel zal willen gebruiken. „Het aanbod is groot. Ik kan kiezen. Alleen de dapperste ensembles blijven over.”

Aanwinst

Op symbolische wijze overhandigde orgelmaker Smitsman een grote sleutel aan Maarten van Ditmarsch, voorzitter van de stichting Orgel Comité Muziekcentrum Utrecht (OCMU), die ervoor heeft gezorgd dat het orgel er kwam. Van Ditmarsch gaf de sleutel op zijn beurt weer aan directeur Frans Vreeke van TivoliVredenburg. Deze toonde zich enthousiast. „Ik hoop dat het orgel nieuw leven betekent voor TivoliVredenburg. Het betekent veel meer dan de kers op de taart. Dit is een aanwinst voor heel Utrecht.”

Adviseur Peter van Dijk, die aan het begin van het programma de afzonderlijke stemmen van het orgel demonstreerde, besloot de ”orgelpreview” met een recital waarbij hij muziek van Buxtehude, Muffat, Händel, Mendelssohn en Bach ten gehore bracht.

Hoofdrolspeler

Vrijdagavond stond het nieuwe orgel centraal tijdens het openingsconcert van het Festival Oude Muziek, dat tot 3 september in Utrecht wordt gehouden. De Italiaanse organist Lorenzo Ghielmi, artist in residence van het festival, was de hoofdrolspeler tijdens het concert.

Na de onthulling van het instrument soleerde Ghielmi op het Van Vulpenorgel met Bachs Preludium en Fuga in C, BWV 545, gecombineerd met een lyrische Adagio uit BWV 564. Vervolgens illustreerde de Italiaan de verschillende klankkleuren van het orgel met Bachs Aria variata alla maniera italiana, BWV 989.

Daarop begeleidde Ghielmi vanachter het grote orgel Bachs cantate ”Geist und Seele wird verwirret” (BWV 35), terwijl zijn ensemble La Divina Armonia op het podium speelde en de alt Giuseppina Bridelli de solorol vervulde. Met de uitvoering van deze cantate, met spectaculaire orgelpartij, werd de waarheid van de woorden van Van Veldhoven, dat alleen de beste organisten vanachter een groot orgel een ensemble kunnen begeleiden, bevestigd.

Als slot van het concert voerde Ghielmi, nu vanachter het kistorgel, met La Divina Armonia en het Chor der Salzburger Bachgesellschaft Bachs cantate ”Gott der Herr ist Sonn und Schild” (BWV 79) uit. Sopraan Alice Rossi en bas Wolf Matthias Friedrich soleerden in dit stuk in een prachtig duet. Joan Boronat Sanz, continuospeler bij het ensemble, mocht nu het nieuwe barokorgel bespelen.