Op naar de warmste dag ooit

In het oosten van Nederland worden donderdag temperaturen tot 40 graden Celsius verwacht.  beeld AFP, Damien Meyer

Grote kans dat donderdag het Nederlandse warmterecord sneuvelt. De weermodellen voorspellen hete dagen met uitschieters naar mogelijk 40 graden. Daarbij zou de meting op 23 augustus 1944 van 38,6 graden Celsius in Warnsveld (Gelderland) kunnen verbleken.

Ook kunnen de zogeheten datumrecords eraan gaan. Het warmterecord voor 25 juli in De Bilt is 31,6 graden, landelijk 35,5 graden. Het temperatuurrecord voor nog bestaande weerstations is 38,2 graden in Maastricht (2 juli 2015) en Arcen (26 juli 2018).

ANP-74353956KNMI geeft code oranje wegens extreme hitte

Wie heeft in 1944 het Nederlandse warmterecord gemeten?

Het absolute temperatuurrecord in Nederland werd gemeten door de Warnsveldse huisarts Johannes B. Thate. Als vrijwillig waarnemer van het KNMI stelde hij vast dat de temperatuur op 23 augustus in zijn achtertuin was opgelopen tot 38,6 graden. Zijn logboek bleef bewaard, maar zijn waarneemstation bestaat niet meer.

Hoe betrouwbaar was die meting?

Daarover is een flinke discussie geweest, meldt weerbureau MeteoGroup op haar website. Zo is de meting gedaan met een gewone kwikthermometer in een achtertuin, waarin het op zomerdagen warmer kan worden dan in het vrije veld. Bovendien mocht hij van de Duitse weermacht absoluut geen weermetingen naar buiten brengen. Logboeken moesten achter slot en grendel worden opgeborgen.

De zoon van de huisarts, H. Thate, maakte in 2008 echter een einde aan de twijfels. Hij liet weten dat de tuin van zijn vader tenminste 50 meter breed en 100 meter diep was. Het perceel grensde aan riviertje de Berkel, met aan de overzijde alleen weilanden. Het grootste deel van de tuin bestond uit open gazon. Het weerhuisje stond halverwege de tuin, zodat het tuineffect verwaarloosbaar was.

Verder was de thermometer van Thate gekeurd en geijkt door het KNMI. Het weerhuisje stond volgens voorschrift op 2 tot 2,5 meter hoogte. H. Thate: „Mijn vader moest altijd een trapje op om de instrumenten af te lezen.”

Bestaan er officiële metingen die Thates lezing bevestigen?

Ja, KNMI-station Maastricht stelde op die datum een maximumtemperatuur van 38,0 graden vast; De Bilt 34,7 graden; Groningen (Eelde) 36,8 graden; en Den Helder 32,0 graden. Hieruit blijkt dat het die dag uitzonderlijk warm is geweest.

De Lelystadse meteroloog Ben Lankamp analyseerde een aantal Duitse metingen van de lucht op 3000 meter hoogte boven Freiburg. De temperatuur was daar op 23 augustus 1944 ruim 7 graden, meldt Lankamp op website weerwoord.be. Bij maximale instraling van de zon zou de grondtemperatuur 38 tot 39 graden zijn geweest. Door de oostelijke wind is de recordtemperatuur van 38,6 graden in Warnsveld heel aannemelijk, concludeert MeteoGroup.

Hoe meet het KNMI vandaag?

Het KNMI houdt zich aan internationale afspraken bij het vaststellen van de temperatuur. Zo moet de geijkte thermometer of temperatuursensor in een wit kastje op 1,5 meter boven een open grasvlakte zijn geplaatst. De wanden van het kastje bestaan uit open jaloezieën, waardoor de wind vrij spel heeft, maar directe instraling van zonlicht wordt vermeden.

Maar is de stedelijke omgeving waarin het KNMI meet dan niet warmer dan het platteland?

Jazeker. Door het hitte-eilandeffect is het in een stedelijke omgeving, vooral door bebouwing en bestrating, warmer dan op het platteland. Tijdens heldere, windstille nachten kan het in een stad met 200.000 inwoners tot wel 7 graden warmer worden dan op het omringende platteland.

Hoe houdt het KNMI daar rekening mee?

Uit onderzoek van Wageningen Universiteit bleek in 2012 dat het KNMI te weinig corrigeerde voor het stedelijk warmte-eilandeffect. Ze schreven in tijdschrift Meteorologica dat de gemeten temperatuur de afgelopen eeuw volgens hun berekeningen 0,3 graden te hoog is geweest. Oorzaak is –inderdaad– de toegenomen verstedelijking. In 2016 paste het KNMI de temperatuurreeksen van na 1950 hierop aan.