Kleinschalige verpleegzorg in eigen sfeer

„De band tussen werkers en bewoners is heel sterk.” beeld RD, Henk Visscher
7

Zo lang mogelijk thuis, is de nieuwe lijn in de ouderenzorg, maar er komt een grens. Zeker bij ernstige vormen van dementie. Naast de grote verpleeghuizen ontstonden kleinschalige instellingen die dan soelaas kunnen bieden. Wat heeft christelijk Nederland op dit terrein te bieden?

Lachend observeert een fragiele bejaarde dame hoe zorgondernemer Frank Engberts een buitentafel in elkaar zet. Het haar heeft ze in een vrolijk knotje. Ineens is ze weg, na een paar minuten keert ze terug met een blikken doos vol knopen. „Deze is voor jou, ik vond het hier zo’n kale boel.”

„De band tussen werkers en bewoners is heel sterk.” beeld RD, Henk Visscher

„Ik zet hem even op de grond”, stelt Engberts voor. „Als de tafel gereed is, komt hij daarop te staan. Zullen we dat doen?”

Ze reageert instemmend: „Je hebt kinderen, dus dat moet allemaal goed gaan. Maar één ding mag je niet, hè, dat weet je. Ik ben een oude schooljuffrouw: geen ruzie zoeken! En alles op een nette afstand. Dan weet je wie je voor je hebt. Nou, een prettige zondag samen.”

„Dit is toch prachtig”, zegt Engberts als de bewoonster van Zorghuis De Groenendael is teruggekeerd naar een van de twee woonkamers van het pand in IJsselmuiden. Het werd gebouwd door Stichting Philadelphia, als kleinschalige voorziening voor bewoners met een verstandelijke beperking. Sinds 2019 biedt het onderdak aan ouderen uit de gereformeerde gezindte met ernstige dementie.

Het huis werd volledig gestript en opnieuw ingedeeld. De woon-zorgvoorziening biedt nu plaats voor veertien bewoners met een psychogeriatrische aandoening. Ze hebben allemaal hun eigen zit-slaapkamer, tien van de veertien kamers zijn voorzien van eigen toilet. De vier royale badkamers bieden alle gerief voor mensen met een hoge zorgbehoefte. In totaal werd voor 6 ton verbouwd. Inclusief de aanschaf en bijkomende kosten kwam de initiële investering op bijna 1,6 miljoen euro. „Je moet met deze doelgroep aan heel veel veiligheidsvoorschriften voldoen”, ontdekte Engberts. „De regels worden steeds verder aangescherpt.”

Accountant Frank Engberts en zorgmanager Evert Top begonnen samen Zorghuis De Groenendael. beeld RD, Anton Dommerholt

Woon-zorghuis

De reformatorische accountant, medeoprichter en -eigenaar van E&M Consultants had door zijn werk zijdelings te maken met zorginstellingen. Als bestuurslid van stichting De Vluchtheuvel ging hij meer in de keuken van de zorg kijken. In dit bestuur leerde hij Evert Top kennen, oprichter en eigenaar van Top Zorgadvies. Samen besloten ze in Kampen of omgeving een reformatorisch woon-zorghuis voor achterbanners met gevorderde dementie op te zetten.

Top, van origine verpleegkundige, heeft op dit gebied een ruime ervaring. Na een gevarieerde loopbaan in de ziekenhuiswereld en de thuiszorg besloot hij met echtgenote Elly een eigen woon-zorgvoorziening te starten. In 2005 realiseerden ze hun droom in het monumentale landhuis Dannenborgh in Lunteren. Zeven jaar later openden ze in Barneveld een tweede vestiging: Zorghuys Vellerveste.

Enkele maanden later werd bij Elly borstkanker geconstateerd. Vanwege de beperkingen die ze daardoor opliep, verkocht het echtpaar in 2016 het zorgbedrijf. Na wat jaren als projectleider bij Stichting Ontmoeting te hebben gewerkt, begon bij Top het oude bestaan toch weer te trekken. „Dit is een ideaal pand en met Frank klikte het goed. Waarom zou ik mijn talenten op dit gebied dan helemaal begraven?”

Evert Top. beeld RD, Anton Dommerholt

Medische zorg

De twee eigenaars van De Groenendael vullen elkaar naadloos aan. Engberts is verantwoordelijk voor de financiële, administratieve en facilitaire kant van de onderneming, Top voor de zorg. Allebei in deeltijd, naast het bedrijf dat ze al hadden. Ze worden bijgestaan door ruim dertig parttime medewerkers, goed voor zo’n veertien fte. Een zus van Engberts verricht operationele taken zoals het maken van dienstroosters en de inkoop van levensmiddelen en zorgproducten. „Anders zou een van ons hier elke dag moeten zitten.”

Over de vulling van de kamers maakte het duo zich geen zorgen. Ondanks het behoudende karakter van Kampen en omgeving, kende de streek zelfs geen algemeen christelijke zorginstelling. De start liep gesmeerd. „Bij de aankoop en aanpassing van het vastgoed zijn we niet met grote tegenslagen geconfronteerd, ook het aantrekken van personeel liep lekker.”

De problemen ontstonden bij het invullen van de eerstelijns medische zorg. De veronderstelling dat die geleverd zou worden door lokale huisartsen, bleek in IJsselmuiden onjuist. „Na een aantal gesprekken, die aanvankelijk positief verliepen, hoorden we medio maart 2019 dat ze er niet voor voelden. Terwijl we anderhalve maand later open zouden gaan. Dat heeft de nodige stress gegeven.”

Frank Engberts. beeld RD, Anton Dommerholt

Boer en Zorg

Ze zijn niet de enigen die met dit probleem worden geconfronteerd. Eind 2018 adviseerde de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) de leden terughoudend te zijn in het bieden van zorg in kleinschalige woon-zorgvoorzieningen. De werkdruk zou daardoor te groot kunnen worden. Pas per 1 november 2019 was voor de medische zorg in De Groenendael een structurele oplossing gevonden. Die wordt nu geboden door IJsselheem, een woon-zorgcentrum in Kampen en omstreken. „De specialist ouderengeneeskunde levert tegelijk de huisartsenzorg. We maken ook gebruik van de andere disciplines die in IJsselheem vertegenwoordigd zijn, zoals ergotherapeut, fysiotherapeut, psycholoog en diëtist.”

Door de wettelijke scheiding van wonen en zorg zijn de bewoners formeel geen cliënten maar huurders. De huurprijs, inclusief alle servicekosten, varieert van 1300 tot 2000 euro, afhankelijk van de grootte van de kamer. De financiering van de zorg loopt via het zorgkantoor, op basis van een verpleeghuisindicatie. Ook de voeding valt onder de zorgbijdrage in het kader van de Wet langdurige zorg.

De twee zorgondernemers begonnen met bewoners met een persoonsgebonden budget. Vanwege alle bureaucratische rompslomp die daaraan verbonden is, sloten ze zich in maart 2020 aan bij de coöperatie Boer en Zorg. Sinds 2019 staat dit collectief van zorgboerderijen ook open voor kleinschalige zorginitiatieven buiten de agrarische sector. „Via Boer en Zorg kunnen we nu declareren bij het zorgkantoor. De huisartsenzorg valt gewoon onder de zorgverzekeringswet.”

Bureaucratie

In de brede samenleving schieten de kleinschalige woonvoorzieningen als paddenstoelen uit de grond. Vaak onder de koepel van grote organisaties, zoals Dagelijks Leven en Stepping Stones. Binnen de gereformeerde gezindte neemt het aantal eerder af dan toe. „Vanwege gebrek aan deskundigheid”, verklaart Top. „Het is een complexe sector, waar je met veel partijen en een woud aan regelgeving te maken hebt. Op allerlei gebied, van wonen en zorg tot veiligheid en voedselbereiding.”

Engberts knikt bevestigend. Vanuit zijn ervaring als accountant weet hij wat er te koop is in ondernemersland, maar het opzetten van een particulier woon-zorgcomplex viel hem niet mee. „Grootschalige verpleeghuizen hebben daar een team van deskundigen voor. Met een kleine instelling moet je alles zelf uitzoeken en in de gaten houden. Voldoe je niet aan de regels, dan heb je een probleem. Voor de aansluiting bij Boer en Zorg was het HKZ-kwaliteitscertificaat vereist. Ook met het behalen daarvan zijn we druk geweest.”

Momenteel denkt het tweetal na over de consequenties van de Wet zorg en dwang (WZD), opvolger van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen. De nieuwe wet, van kracht sinds 1 januari 2020, vloeit voort uit de wens van de overheid om mensen zo lang mogelijk thuis te verzorgen en te behandelen. Daardoor moeten soms ook in de thuissituatie maatregelen worden getroffen die de vrijheid van burgers ernstig beperken.

Hans Lokker is manager van Zorghuys Vellerveste in Barneveld en Huize Nieuwoord in Woudenberg. beeld RD, Henk Visscher

„Begrijpelijk dat de wetgeving wordt aangepast”, constateert Top, „maar de regelgeving schiet aan alle kanten door. We krijgen te maken met een uitgebreid stappenplan, voor vrijheidsbeperkende maatregelen moeten externe deskundigen en WZD-functionarissen worden ingevlogen. Vooral voor kleinschalige instellingen is die wet een gedrocht, net als veel andere wetten. Regels die voor grote organisaties zijn ontworpen, worden ook aan kleine voorzieningen opgelegd. Ik ben er geleidelijk in gegroeid, dan lukt het om je weg te vinden, maar ik begrijp goed dat een idealist van buitenaf na enige tijd denkt: wil ik dit wel? De bureaucratie is de achterliggende vijftien jaar enorm toegenomen, vanwege wantrouwen bij de overheid. Zet bijvoorbeeld in de massa formulieren voor een persoonsgebonden budget één kruisje op de verkeerde plek, en het kan maanden langer duren eer je het geld ontvangt waarop je recht hebt.”

Lelie zorggroep

Hans Lokker, locatiemanager van Zorghuys Vellerveste in Barneveld en Huize Nieuwoord in Woudenberg, heeft met dergelijke sores weinig te maken. Beide woon-zorghuizen, elk met vijftien appartementen, vallen onder Lelie zorggroep, een grote christelijke zorgorganisatie. Administratie, inkoop van zorg, huisvesting, kwaliteitszorg en -toezicht, facilitaire zaken, aanvullende scholing van medewerkers en implementatie van nieuwe regelgeving zijn centraal geregeld. „Dat bespaart mij veel tijd en kopzorgen.”

De inwoner van Houten, van origine revalidatieverpleegkundige, kent de zorgwereld van haver tot gort. Hij had een staffunctie in een verpleeghuis, was jaren zorgmanager in woon-zorgcentrum Nebo in Zwijndrecht en werkte negen jaar als beleidsadviseur en inkoper bij Zorgverzekeraar en Zorgkantoor Zilveren Kruis. „Daar kwam ik alle mogelijke vormen van zorg tegen, maar weinig is mooier dan dit.”

Uit een box in een van de twee woonkamers van Vellerveste klinkt niet-ritmisch psalmgezang. Een bewoner in een rolstoel neuriet zachtjes mee. De warme maaltijden worden ter plekke bereid, met voedingsmiddelen van de lokale middenstand. Bewoners die het leuk vinden, worden ingeschakeld bij het jassen van de aardappels en het doppen van de boontjes. „Dat is een groot voordeel van kleinschaligheid”, vindt Lokker. „Mensen worden meegenomen in hun vertrouwde structuur. De band tussen werkers en bewoners is sterk. Ook de lijntjes tussen verzorging en familie zijn kort.”

Hans Lokker. beeld RD, Henk Visscher

Wachtlijst

De huisartsenzorg leverde bij de kleinschalige woon-zorglocaties van Lelie zorggroep geen problemen op. In Woudenberg konden goede afspraken worden gemaakt met huisartsengroep De Schans; de verpleeghuiszorg wordt daar geleverd door Zorggroep Charim. „In Barneveld maken we gebruik van de huisartsengroep Ederveen en levert verpleeghuis Neboplus de verpleeghuiszorg. De onderlinge samenwerking is prima. Ik weet dat er onder huisartsen weerstand is ten opzichte van kleine woon-zorgvoorzieningen, maar daar hebben wij gelukkig niet mee te maken. Ik begrijp die weerstand ook niet. Praktisch bezien kunnen patiënten met dementie toch beter bij elkaar wonen dan verspreid over je wijk?”

Gezien de gestage groei van de groep mensen met ernstige dementie zou het mogelijk moeten zijn om het aantal kleinschalige woon-zorglocaties onder de paraplu van Lelie zorggroep uit te breiden. Belangrijk is volgens Lokker dat de vraag naar kamers wel groter blijft dan het aanbod. „Je moet een behoorlijke wachtlijst hebben om rendabel te kunnen draaien. Als een appartement leeg staat, mis je huurinkomsten. Ook het zorgteam is afgestemd op volledige bezetting. De kleinschaligheid maakt je economisch kwetsbaar. Als bij ons in één maand drie mensen overlijden, met deze doelgroep een reële mogelijkheid, zijn we in die locatie 20 procent van onze populatie kwijt. De lege plekken moet je dan vanuit je wachtlijst snel weer kunnen vullen.”

Onbekendheid

De tevredenheid van bewoners en familieleden over de zorg is opvallend groot. „Waar het ons aan ontbreekt, is bekendheid”, stelt Lokker vast. „Veel mensen weten van ons bestaan niet af of denken dat zulke voorzieningen alleen voor de bovenlaag betaalbaar zijn. Terwijl je hier vaak al terechtkunt met AOW en een modaal pensioen. Heb je een eigen huis dat in de loop der jaren netjes is afgelost, dan is het helemaal geen probleem. Dit najaar start Lelie zorggroep een campagne om ons meer in de schijnwerpers te zetten en de voordelen van kleinschalig wonen in een vertrouwde sfeer te benadrukken.”

In z’n algemeenheid is de reformatorische gezindte zich wel bewust van de behoefte aan identiteitsgebonden voorzieningen voor ouderen. Door een toenemend aantal kerken worden wooncomplexen voor senioren gerealiseerd, ondergebracht in een stichting. De thuiszorg wordt zo nodig door een externe partij geleverd. Voorbeelden daarvan zijn te vinden in Ermelo, Kootwijkerbroek, De Valk, Putten en Utrecht. Andere complexen zijn in ontwikkeling.

Een nadeel van dit concept is dat kerkelijke molens uitermate langzaam malen, waardoor de besluitvorming vaak jaren in beslag neemt. Nog bezwaarlijker is voor Lokker dat bewoners die zwaar zorgbehoeftig of ernstig dement worden, vaak alsnog naar het verpleeghuis moeten. „Bij ons kunnen ze tot hun overlijden blijven. We bieden zo nodig ook palliatieve zorg. Geregeld krijgen we mensen voor de terminale periode, dan vervullen we een hospicefunctie. Beide huizen bieden ook de mogelijkheid van respijt- en logeerzorg, om mantelzorgers tijdelijk te ontlasten.”

Ons huis

In Zorghuis De Groenendael staan anderhalf jaar na de opening nog steeds drie kamers leeg, mede door de coronapandemie. Toch heeft Frank Engberts, ondanks de onderbezetting en alle hobbels die genomen moesten worden, geen spijt van zijn stap. „Na jaren waarin ik in allerlei besturen zat, ben ik nu actief betrokken bij de dagelijkse gang van zaken in een instelling met een ideële spits. Ik merk dat me dat energie geeft. Vanochtend om halfacht stond ik hier de tuin al te sproeien. Dan zie je wat er in zo’n huis gebeurt en hoe blij bewoners naar buiten komen.”

Top denkt er net zo over. „Als je hart hebt voor de zorg, is er niets mooiers dan een kleinschalig huis dat aansluit bij de identiteit van de bewoners. Ook voor de zorgverleners. Die meiden hebben allemaal het gevoel: dit is óns huis en daar gaan we voor.”