Het Evangelie in de Schilderswijk

Christen in de Schilderswijk
Ds. Peter Strating van de Havenkerk: „Onze plek als kerk in de Schilderswijk is marginaal. Als christenen zoeken we goed contact met mensen in de buurt, ook met moslims.” beeld RD, Henk Visscher
4

Op straat klinken diverse talen en lopen veel vrouwen met hoofddoek. Ook moskeeën en Turkse en Marokkaanse winkels wijzen op het grote aantal allochtonen dat de Haagse Schilderswijk bevolkt. Op diverse plaatsen in de overwegend islamitische buurt gaat de Bijbel open.

Ds. P. A. Strating (54) is al vele jaren vertrouwd met de Schilderswijk. De Nederlandse gereformeerde predikant, die elders in Den Haag woont, is verbonden aan de Havenkerk, die in 2005 ontstond. De kerk kreeg een plek in een voormalig buurtcentrum aan het Om en Bij. In dezelfde straat zijn ook de protestantse Lukaskerk en een beschermdwonenlocatie van het Leger des Heils te vinden.

Schilderswijk

In zijn werkkamer in het kerkgebouw vertelt ds. Strating dat hij zo’n dertig jaar geleden, toen hij aan het Nederlands gereformeerd seminarie in Amersfoort studeerde, bewust in de Schilderswijk ging wonen. „In de zomervakantie had ik evangelisatiewerk gedaan op een camping aan de rand van Den Haag. Daar kwamen ook veel jonge Hagenezen, onder wie de harde kern van voetbalclub FC Den Haag. Ik wilde proberen het contact met hen vast te houden.”

De theologiestudent betrok een woonruimte aan de Hoefkade in de Schilderswijk. „In mijn beleving zag het er op een nazomerdag buiten letterlijk zwart van de mensen. De sfeer was er grimmiger dan nu.” Toen hij predikant werd in achtereenvolgens Katwijk en Rijswijk liet de Schilderswijk ds. Strating niet los. Zo deed hij er een periode pastoraal werk onder prostituees uit voornamelijk Zuid-Amerikaanse landen. Dat leidde in 1996 tot de oprichting van stichting De Haven.

„Het werd voor mij steeds duidelijker dat wanneer je met het Evangelie aanwezig wilt zijn in zo’n wijk je er als kerk present moet zijn”, zegt ds. Strating. Zo ontstond in 2005 vanuit de Nederlands gereformeerde kerk in Rijswijk de Havenkerk, waarvan ds. Strating predikant werd.

De gemeente groeide van 45 tot zo’n 150 leden. Twee derde heeft een christelijke achtergrond en sloot zich na verhuizing naar Den Haag bij de gemeente aan. Onder de overige leden zijn Hagenezen die in een onkerkelijk milieu opgroeiden. Ook vluchtelingen en mensen zonder verblijfspapieren bezoeken de diensten. In het gebouw van De Haven komt ook een Arabischtalige gemeente samen.

Verzuild

De Schilderswijk roept associaties op met radicaliserende moslims, armoede en criminaliteit. De werkelijkheid is genuanceerder, zegt ds. Strating. „Het is een kleurrijke wijk waarin de islam sterk aanwezig is. Typerend vind ik ook dat de buurt initiatiefrijk is. Er zijn allerlei groepen mensen die activiteiten organiseren, bijvoorbeeld rond buurthuizen. Dat gebeurt vaak verzuild: de Turken voor de Turken en de Marokkanen voor de Marokkanen.”

De predikant beseft dat er in de wijk „een groep jongeren is die zich buitengesloten voelt en geen of weinig toekomst ziet. Dat leidt tot grote problemen op het gebied van criminaliteit en radicalisering. Maar tegelijk leven een heleboel mensen uit diverse culturen goed met elkaar samen. Recent leidde ik een groep CHE-studenten theologie rond in de wijk. Het viel hen op hoe vriendelijk de mensen waren.”

Dit laat onverlet dat er in de Schilderwijk een „sluimerend explosief” aanwezig is. „Dat kan op elk moment tot een uitbarsting komen. We zagen dat bijvoorbeeld rond de opkomst van IS en tijdens de rellen na de dood van de Arubaan Mitch Henriquez, die overleed aan de gevolgen van zijn arrestatie.”

Geregeld ontmoet de predikant mensen die met armoede te kampen hebben. Hij wijst erop dat de protestantse Lukaskerk en een rooms-katholiek ontmoetingscentrum elk een voedselbank hebben. „In de Havenkerk bieden we twee keer per week een gratis maaltijd voor dertig personen aan. De ene avond richten we ons vooral op dak- en thuislozen, de andere primair op mensen uit de volksbuurt.”

In beide gevallen gaat het om meer dan een maaltijd. „We bidden, zingen en lezen uit de Bijbel. Daar houden we een korte overdenking bij, een minuut of drie. Het gebeurt meer dan eens dat iemand na afloop zegt: „Bedankt voor de preek, dominee.” Ook dit is voor ons een vorm van kerk-zijn, net zoals de dienst op zondagochtend en de viering met een kleine groep buurtbewoners op zondagmiddag.”

Beatrixschool

De Koningin Beatrixschool is een andere plek in de wijk waar het Evangelie klinkt. De school met de Bijbel, in 1883 begonnen vanuit de Vergadering van Gelovigen, heeft een uitgesproken christelijk profiel en trekt desondanks voornamelijk kinderen uit moslimgezinnen. Zij horen elke dag een Bijbelverhaal. Ook is er elke maandag een weekopening, waarbij ook ouders welkom zijn, evenals bij de kerst- en paasvieringen.

Directeur Lineke de Jong (52) spreekt van een „unieke school” in de Schilderswijk waarop de identiteit leidend is. „Ongeveer het eerste wat ik tijdens een kennismakingsgesprek met ouders zeg, is: „U bent hier op een christelijke school.” Daar kan geen misverstand over bestaan. Die openheid is belangrijk en voorkomt problemen”, zegt De Jong, zelf lid van een evangelische gemeente.

De Jong vindt het mooi dat leerkrachten soms vrijmoedig met ouders over hun geloof spreken. „Dan hoor ik bijvoorbeeld een meester tegen een moeder met hoofddoek zeggen: „Ik zal voor u bidden.” In de zomervakantie wordt in de school een vakantiebijbelclub gehouden. Een aantal leerkrachten werkt daar als vrijwilliger aan mee.”

De Beatrixschool, die 325 leerlingen telt, heeft zich ontwikkeld tot een brede buurtschool. Hij werkt nauw samen met onder meer welzijnsorganisaties, jeugdhulpverleners, politie en sportclubs. „De huisbezoeken zijn heel belangrijk. Leerkrachten gaan elk jaar bij een derde van hun leerlingen thuis op bezoek. Achter de voordeur merk je pas goed wat er speelt in gezinnen. Zo nodig verwijzen we door naar onze schoolmaatschappelijk werker of andere hulpverleners.”

”Stille nacht”

In de directiekamer schuiven intern begeleider Tineke Vavier (58) en groepsleerkracht Adriënne Dekkers (25) aan tafel. Beiden kozen bewust voor een baan op de school in de Haagse aandachtswijk. Dekkers, afkomstig uit de Hersteld Hervormde Kerk en in Den Haag nog op zoek naar een kerkelijke gemeente, liep er stage als pabostudent aan Driestar educatief. Na de afronding van haar studie in 2013 kreeg ze er een baan. „Ik vind het fijn de kinderen liefde en veiligheid te bieden.”

Vavier kwam ruim zeven jaar geleden op de school in de Schilderswijk. In het verleden werkte ze in het reformatorisch onderwijs. „Toen ik een vacature op deze school zag, dacht ik: Wow, wat leuk! Het is net zoiets als wat Frinsel indertijd in de Amsterdamse Jordaan deed. Het spreekt me aan dat elk kind hier het Evangelie hoort, terwijl veel ouders geen christen zijn”, zegt Vavier, die woont in Leiden en lid is van de gereformeerde gemeente in Leiderdorp.

Bekendheid met kinderen in aandachtswijken had ze al door evangelisatiewerk in Rotterdam en Leiden. Voordat ze solliciteerde, had Vavier een gesprek met de directeur over de identiteit. „Ik wilde weten of die voldoende gewaarborgd is. De directeur vertelde dat in elk sollicitatiegesprek de vraag aan de orde komt of je een persoonlijke band met de Heere Jezus hebt. Dat is heel belangrijk.”

Dekkers geeft les in een tussengroep die twee jaar over groep 3 doet. In de klas zitten veel Poolse en Marokkaanse kinderen. Andere leerlingen komen uit landen als Turkije, Bulgarije of Ghana. „De moslimouders hebben bewust voor deze school gekozen vanwege de normen en waarden die we hier hanteren, zoals het respect voor leerkrachten.”

Dekkers merkt dat leerlingen vaak aandachtig luisteren naar de Bijbelvertellingen. „Het valt me op dat kinderen die heel druk zijn rustig een halfuur naar een Bijbelverhaal zitten te luisteren. Toen ik over Jozef vertelde, vroeg een kind: „Waar is Jezus in dit verhaal?” Soms merk ik dat moslimkinderen een beetje bang zijn voor Allah. Dan laat ik zien dat wij een God van liefde hebben.”

Vavier en Dekkers noemen de viering van de christelijke feestdagen heel belangrijk. Vavier: „Ouders weten dat dit erbij hoort op deze school. Tijdens een kerstviering zaten er een paar moslimvaders voor me die ”Stille nacht” meezongen en ”Nu zijt wellekome”. Dan denk ik: Kijk, daar doen we het voor. Vanaf groep 5 leest elk kind in de klas op school in zijn eigen Bijbel, die hij meekrijgt als hij van school gaat.”

Dekkers: „Ik vind het bijzonder dat moslimouders hun kinderen aan ons toevertrouwen. Ze zeggen vaak dat de sfeer op deze school zo bijzonder is. Ik geloof dat dit komt doordat God dicht bij ons is. Wij zaaien, in de hoop dat het iets uitwerkt in het leven van mensen, al zien we dat vaak niet.”

Soms komt het Evangelie op een ongedwongen manier ter sprake. Vavier: „Een ouder van een kind dat niet zo goed kon leren, zei een keer: „Waarom straft Allah mij?” Dan leg ik uit dat wij geloven dat God ons niet op zo’n manier straft, maar dat Hij met ieder mens een plan heeft en dat elk kind gaven heeft. Een kind dat minder goed kan leren is bijvoorbeeld heel sociaal en behulpzaam.”

Bijbeluurtje

Vanuit de Havenkerk is er ook contact met moslims in de wijk, maar er heeft geen grootschalig evangelisatiewerk onder hen plaats. Ds. Strating: „Onze plek als kerk in de wijk is marginaal. Als christenen zoeken we goed contact met mensen in de buurt, ook met moslims. Daarbij schamen we ons het Evangelie niet, maar dat is iets anders dan actief zending te bedrijven.”

De predikant wijst erop dat de wijk voor ruwweg 70 procent uit moslims bestaat. „Zij beschouwen dit heel sterk als hun buurt. Dat is een realiteit waar we rekening mee moeten houden. Als moslims bijvoorbeeld de indruk krijgen dat wij kinderactiviteiten in de wijk organiseren met het doel kinderen te bekeren, levert dat spanningen op. We zoeken allereerst naar verbinding. Als mensen vervolgens zelf de stap zetten naar activiteiten in de kerk, spreken we vrijmoedig over het Evangelie.”

Buurtbewoners die interesse hebben in de Bijbelse boodschap kunnen deelnemen aan een Bijbeluurtje. Ook volgen op dit moment vijftien personen, van wie ongeveer de helft een Surinaamse achtergrond heeft, een Alpha-cursus.

Door uiteenlopende activiteiten probeert de kerk steeds weer in contact te komen met wijkbewoners. Ds. Strating noemt als voorbeeld een Hart voor de Schilderswijkweek die afgelopen zomer plaatshad. Op het programma stonden sportactiviteiten, een schaakavond en een koffiehuisbezoek. „Daarmee leggen we relaties met de buurt. Door als christenen iets positiefs te doen voor deze wijk, laten we ook het licht van Jezus schijnen.”

Schilderswijk in het kort

De Schildersbuurt in een van de bekendste aandachtswijken in Den Haag. De wijk, onderdeel van het stadsdeel Centrum, telde op 1 januari 31.182 inwoners. Van hen is 8,5 procent autochtoon en 91,5 procent allochtoon. De grootste groep (circa 27 procent) is Turks. Ook zijn er veel mensen van Marokkaanse, Surinaamse of Antilliaanse komaf, terwijl er eveneens westerse allochtonen zijn.

Volgens de huishoudenschatting van de gemeente Den Haag telde de Schildersbuurt begin dit jaar 13.781 huishoudens, waarvan 44 procent alleenstaand, 16 procent samenwonend zonder kinderen, 26 procent samenwonend met kinderen en 15 procent eenoudergezinnen.

De laatste Armoedemonitor van Den Haag verscheen in 2015. Deze wijst uit dat 39 procent van de huishoudens in de Schilderswijk een inkomen heeft tot 105 procent van het wettelijk sociaal minimum. Voor heel Den Haag ligt dit op bijna 15 procent.

Bron: Buurtmonitor Den Haag

Christen in de Schilderswijk