VBSO: Kabinet, erken zinvolle plaats van reformatorische scholen in samenleving

beeld RD, Anton Dommerholt

In reactie op de Troonrede roept de Vereniging tot Bevordering voor Schoolonderwijs op Gereformeerde Grondslag (VBSO) het kabinet op om de erkennen dat scholen op gereformeerde grondslag een zinvolle plaats in onze samenleving innemen.

De christelijke boodschap wil bijdragen aan een vredige samenleving, zo zegt bestuurder A. R. Bronkhorst. „Onze scholen op gereformeerde grondslag zien het als hun roeping om kinderen voor te bereiden op een opbouwende plek in onze samenleving. Het christelijk geloof kent een andere levenshouding dan veel andere Nederlanders en dat moet onder ogen worden gezien, ook door de overheid.”

Een gedetailleerde of verstrekkende burgerschapswet is daarom niet nodig, volgens Bronkhorst. „Vanuit onze scholen zien we een verantwoordelijkheid om ons in te zetten voor saamhorigheid en inclusiviteit in ons land. Daarvoor is echter wel een herkenbaar identiteitsbeleid binnen de school nodig, en aansluiting tussen de waarden van thuis en die op school.”

De VBSO heeft nog twee andere aanbevelingen voor het kabinet. Gezinnen en scholen moeten gefaciliteerd worden om hun verantwoordelijkheid voor kwetsbare kinderen te nemen, zo vindt de vereniging. Bronkhorst: „Veiligheid voor kinderen is een basisvoorwaarde voor hun welzijn. Allereerst zijn de ouders in de gezinnen daarvoor verantwoordelijk en ook school moet een veilige basis zijn. Voor die vertrouwde basis is voor kinderen ook belangrijk dat de onderliggende waarden bij de opvoeding thuis, en bij het onderwijs op school, zoveel mogelijk op elkaar aansluiten.”

In dat kader vraagt de VBSO aandacht voor ouderbetrokkenheid. „School en ouders moeten elkaar weten te vinden als dat nodig is. Kinderen moeten ook weerbaar worden gemaakt tegen risico’s, bijvoorbeeld op sociale media. Veel aandacht voor die veiligheid op scholen kan een preventieve werking hebben en de inschakeling van jeugdzorg later voorkomen.”

Tenslotte vraagt de VBSO het kabinet ook werk te maken van een goede aansluiting tussen onderwijs en jeugdzorg. Volgens Bronkhorst blijkt telkens weer dat de waterscheiding in de wetgeving voor onderwijs en jeugdzorg in de praktijk voor problemen zorgt en de noodzakelijke samenwerking belemmert. „Als kinderen zorg nodig hebben, moeten de juiste helpers om hen heen staan, in goede samenwerking. Daarbij vraagt ook de facilitering van identiteitsgebonden jeugdzorg nog wat meer aandacht. Juist in kerkelijke kringen is van belang dat de jeugdzorg vanuit dezelfde identiteit werkt om meer vertrouwen en aansluiting te vinden.”

De VBSO is blij dat het onderwijs extra geld heeft gekregen om in de grote steden volgende stappen te kunnen zetten in de aanpak van het lerarentekort. „Na een uitzonderlijk voorjaar met lege klassen is ook 500 miljoen euro beschikbaar om onderwijsachterstanden weg te werken. Daarmee kunnen bijvoorbeeld extra bijlessen worden gegeven. Mooi dat de regering deze knelpunten ziet en door faciliterende maatregelen het onderwijsveld wil helpen hier iets aan te doen.”

Sympathiek vond de VBSO dat de koning in de troonrede het belang van goed onderwijs onderstreepte. Koning Willem-Alexander zei: „Nergens wordt de verantwoordelijkheid voor de toekomst van onze kinderen en jongeren directer gevoeld en waargemaakt dan voor de klas en in de collegezalen.”