Eerlijk in gesprek met je kind

5

Uw peuter weigert verder groente te eten. Wat doet u? U dreigt dat hij geen toetje krijgt, laat hem achter, biedt een toetje aan of u leidt hem af. Zo luidde een vraag in een RD-onderzoek naar opvoedstijlen. Twee deskundigen reageren; vijf opvoeders vertellen over hún stijl.

Reformatorische ouders stellen hun kinderen niet alleen regels, maar leggen die ook uit. Zelf ervoeren de huidige opvoeders het milieu waaruit ze kwamen vaak als autoritair: ouders leggen kinderen hun regels op en handhaven die, soms met straf. Volgens de ouders van nu is hun eigen stijl meer autoritatief: ze stellen grenzen en praten daarover met hun nakomelingen. Dat blijkt zaterdag uit onderzoek onder 766 lezers van het Reformatorisch Dagblad.

Een logische ontwikkeling, vinden zowel prof. dr. Bram de Muynck, hoogleraar christelijke pedagogiek aan de Theologische Universiteit Apeldoorn en werkzaam bij Driestar educatief, als dr. Martine Noordegraaf, lector Jeugd en Gezin aan de Christelijke Hogeschool Ede (CHE).

Noordegraaf: „Reformatorische echtparen zijn niet veel anders dan seculiere echtparen.” De Muynck: „Niet verwonderlijk. De waarden van de dominante cultuur dringen ook christelijke gezinnen binnen. Ook in de gereformeerde gezindte is gehoorzaamheid niet meer de belangrijkste opvoedingswaarde, zoals in de jaren 50 van de vorige eeuw.”

14093wagenaar-2_webReformatorische ouder: Ik praat meer met mijn kind dan míjn ouder met mij

Beide wetenschappers zijn niet negatief over deze beweging. Noordegraaf: „Het is heel goed dat de opvoeding in reformatorische kringen een meer democratisch karakter heeft gekregen. Kinderen groeien steeds minder op met alleen maar gelijkdenkenden. Dan is het belangrijk dat kinderen ook zelf leren nadenken.”

Ook De Muynck vindt het positief dat de meeste reformatorische gezinnen afscheid namen van de autoritaire opvoedstijl. Klip en klaar: „Autoritair is fout. Een autoritaire houding is onderdrukkend. En dat is Bijbels en pedagogisch gezien verkeerd, omdat ouders daarbij macht naar willekeur gebruiken. Kinderen hoeven niet te worden onderdrukt om groot te worden. Integendeel, onderdrukking is slecht voor hen.”

Liefdesgebod

De hoogleraar vindt het overigens prima dat de gereformeerde gezindte niet voorop liep in het overnemen van de autoritatieve opvoedstijl. „Het is goed dat christenen voorzichtig zijn in het zich aanpassen aan de regels van de wereld. Zij zijn onderworpen aan de regels van God. Zijn liefdesgebod dient in alles –dus ook in de opvoeding– leidend te zijn.”

Natuurlijk moeten christenen kritisch kijken naar de cultuur om hen heen en naar zichzelf, vindt hij. „De omringende cultuur bekritiseren is makkelijk, maar onszelf onder de loep nemen is lastiger. Daarom is het niet verkeerd dat de cultuur ons min of meer daartoe dwingt.”

In de autoritatieve opvoedstijl gaan ouders in gesprek met hun kinderen, zonder dat ze de leiding uit handen geven. De Muynck vindt dat een goede manier. Ouders moeten ernaar toewerken dat hun kind zijn eigen verantwoordelijkheid neemt en dat het zichzelf beheerst. Naast duidelijke regels is het gesprek een van de weinige mogelijkheden om dat voor elkaar te krijgen.”

De hoogleraar waarschuwt wel voor doorslaan. Tegenwoordig geven ouders te veel verantwoordelijkheid aan jonge kinderen. „Bij het winkelen zie ik dat hun keuzes worden gevraagd die ze nog lang niet aankunnen.”

Hoe houden ouders dan wel de leiding? „Bij jonge kinderen moeten ouders kordaat zijn. Die bepalen de te dragen kleren en schoenen en wat er wordt gegeten. Ouders moeten met gezag hun verantwoordelijkheid nemen. Door alle dingen die slecht zijn te verbieden en daaraan soms ook straf te verbinden. Dat is niet autoritair, maar schept duidelijkheid.”

Ontregelende vragen

Noordegraaf beklemtoont dat het voor ouders vooral in de puberleeftijd van hun kinderen belangrijk is om in gesprek te gaan. „Pubers willen weleens ontregelende vragen stellen over onderwerpen waarover ouders zelf ook niet goed hebben nagedacht. Voor hen is het dan belangrijk om daarover eerlijk te zijn en om samen met de jongere eens dieper na te denken.”

De CHE-lector vindt het niet zo erg als ouders en hun pubers verschillende overtuigingen hebben. „Ouders zouden de standpunten van jongeren moeten respecteren, maar houden ook de ruimte om dingen te verbieden die zij niet goed voor hun kind vinden. Ikzelf vind dat ouders heel streng zouden moeten zijn op het gebruik van alcohol en op roken voor het achttiende levensjaar.”

Noordegraaf vindt het bij de kerkgang belangrijk dat jongeren daar „ruimte ervaren voor het stellen van vragen en het hebben van twijfels over het geloof. En ook dat ze vrienden in de kerk hebben met wie ze zich kunnen identificeren.”

Weinig verschillen

Binnen de gereformeerde gezindte zijn weinig verschillen in opvoedstijl. Dat verbaast De Muynck niet. „Via het reformatorisch onderwijs hebben ouders veel contact met elkaar. Door die onderlinge communicatie beïnvloeden ze elkaar.”

De reformatorische vader volgt zijn lotgenoten, zegt de hoogleraar. „De Nederlandse cultuur is vrouwelijk geworden: mannen koken, doen het huishouden, voeden op. Ook die pedagogische taak zit diep in de genen van de Nederlandse vaders. Voor christenvaders past dat mooi bij hun priesterlijke verantwoordelijkheid.”

De Ploegen hechten aan nuttige tijdsbesteding

We beslissen democratisch dat jij lekker in de keuken met de trein gaat spelen, zegt Cor Ploeg. De Genemuidenaar hijst zijn jongste spruit, de tweejarige Pavel, van zijn stoeltje. Maar het jochie laat zich niet zomaar uit de woonkamer verdrijven. Daarvoor vindt hij het bezoek te gezellig en te interessant.

Vader Cor (47) en moeder Katya Ploeg (43) voeden doordeweeks hun vier jongste kinderen –Raïsa (15), Stacik (12), Anna-Stasia (10) en Pavel– op. De volwassen Danik (22) en Adriaan (20) komen de weekenden thuis. In de opvoeding staat nuttige tijdsbesteding hoog in het vaandel. De kinderen in het muzikale gezin zitten elk op muziekles voor twee instrumenten en moeten daarvoor veel oefenen – voor hen tevens ontspanning.

„Vrije tijd is kostbaar. We vinden het fijn als onze kinderen lekker actief gaan buiten spelen of fietsen”, vertelt Katya. „Ook lezen ze graag. De kinderen op het voortgezet onderwijs hebben veel huiswerk. Op zaterdag zijn we meestal druk met muziekrepetities en -uitvoeringen en familiebezoek. Dat doen we zo veel mogelijk samen.”

In de opvoeding bespreken Cor en Katya, lid van de hervormde gemeente in hun woonplaats, veel met hun kinderen. Ze denken dat ze een mix van de autoritatieve opvoedstijl hebben, waarin veel wordt gepraat, en van de autoritaire, waarin ouders bepalen wat er gebeurt. Cor: „Wij zijn niet dictatoriaal. Wij bespreken alles met de kinderen, hebben een open houding naar elkaar toe. Samen overleggen is essentieel. Maar wij hanteren niet het type overleg waarin de kinderen de gang van zaken bepalen.”

Katya: „God geeft ook regels. Dat vinden we fijn, die geven houvast. Zoals God weet wat goed voor ons is, weten wij wat goed voor de kinderen is. Bij onbelangrijke dingen geven wij soms toe, maar niet na aandringen en stampij.”

De twee willen consequent zijn in de bestrijding van het kwaad. „Zoals liegen, elkaar pijn doen met woorden of daden. Dat is zonde tegen God en de naaste”, zegt Katya. Met hun opvoeding willen ze het hele gedrag van hun kinderen beïnvloeden. „Zij bepaalt naar welke muziek ze luisteren, welke boeken ze lezen, hoe ze omgaan met hun huiswerk en hoe ze voor zichzelf zorgen.”

Als de kinderen thuiskomen, is er tijd voor wat drinken en gesprek. Daarna gaan ze aan het huiswerk, voor school of voor de muziekles. Als er tijd over is, is er altijd nog speelgoed, zoals lego.

Het Genemuidense echtpaar staat computergebruik alleen toe voor educatief gebruik, niet voor sociale media of het bekijken van filmpjes. Cor: „De kinderen mogen niet bij vrienden achter de computer. Dat verbieden we. Punt.”

Lukt het altijd om deze lijn consequent vol te houden? Katya: „De verleiding om een filmpje te pakken is er steeds; dat heeft een grote aantrekkingskracht. Ik probeer zo veel mogelijk thuis te zijn. Maar als Cor en ik allebei weg moeten, kan het weleens voorkomen dat een van de kinderen een onschuldig filmpje kijkt. Die ongehoorzaamheid is de oude natuur. Als ik erachter kom, ga ik met hen in gesprek. Het gaat er niet om wát ze kijken, maar dát ze kijken. Ik wil dan dat ze oprecht berouw tonen. Ons doel is ten diepste dat onze kinderen opgroeien tot eer van God en met oog voor hun naaste. Daar hebben ouders levenslang werk aan.”

De familie Ploeg uit Genemuiden. beeld Freddy Schinkel

Tips van Cor en Katya Ploeg

Ga niet achterover zitten; opvoeden is hard werken.

Investeer in je kinderen, niet zozeer geld, maar vooral tijd. Opvoeden is belangrijker dan carrière maken of het huis poetsen.

Lees samen met de kinderen de Bijbel met een verklaring erbij.

Lees de krant en bespreek die met de kinderen.

Kijk naar de aanleg van een kind. Ieder heeft verschillende gaven.

Probeer in het gezin het tijdslurpende internet zo veel mogelijk te mijden.

Trek als vader en moeder één lijn in de opvoeding.

Familie Wagenaar heeft de Bijbel als leidraad

Ter voorbereiding van het interview dook Corina Wagenaar (40) uit Kapelle in een studieboek van dochter Pauline, die de opleiding onderwijsassistente volgt. „Ik kende eigenlijk geen opvoedstijlen”, lacht Corina. „Maar de democratische sluit denk ik het meest aan bij onze stijl.”

Dochters Pauline (17), Naomi (15) en Janine (12) zitten op school. Vader Roel (40) en moeder Corina (39) zijn samen thuis. Dat komt vaak voor, nu Roel al twee jaar koster is in de gereformeerde gemeente in hun woonplaats.

Opvoeden is een taak van hen samen. „We geven met liefde leiding aan ons gezin en hebben daarbij oog voor de belangen van het kind. De Bijbel is onze leidraad. We proberen te leven naar wat de Heere van ons vraagt”, vertelt Roel. „We geven onze dochters vrijheid, maar houden op de achtergrond in de gaten wat er bij hen speelt en wat ze nodig hebben. Indien nodig grijpen we in of helpen we hen. Ze kennen onze mening, maar die is niet altijd wet. Soms pakken zij iets op een andere manier aan dan wij zouden doen, maar dat vinden we geen probleem. Onze opvoedstijl wil overigens niet zeggen dat er geen regels zijn. Er gelden duidelijke grenzen. Zo blijven de mobielen ’s nachts beneden en op zondag in de kast. Eten doen we met elkaar en als je niet mee-eet, geef je dat ruimschoots van tevoren aan.”

Ter illustratie van hun opvoedstijl noemt Corina hoe ze omgaan met kleding kopen. „We geven bewust geen kleedgeld. Zo kunnen we blijven meekijken met welke kleren onze dochters uitkiezen. Ik merk dat ze het waarderen dat ik mee ga winkelen.”

Het is belangrijk om in de opvoeding oog te hebben voor de verschillen van de kinderen, vindt Corina. „Als je iets wilt bespreken met een gevoelig kind, vul je dat anders in, terwijl je hetzelfde wilt bereiken.” Roel vindt dat weleens lastig. „Soms zeg ik: „Nu doen we het zo en zo. Punt.” Dan heb ik geen zin in discussie en ga ik soms voorbij aan het gevoel van het kind. Dat lijkt toch wel een beetje autoritair”, lacht hij.

In gezin Wagenaar heerst een open sfeer, stelt moeder Corina. „We weten wat er in onze dochters omgaat en zij weten wat er in ons leeft. Toen we twee jaar geleden verhuisden, betrokken we hen vanaf het begin bij onze plannen. Samen brachten we die bij de Heere. We zeiden dat ze de verhuizing niet leuk hoefden te vinden, maar dat we het niet zouden doen als het voor hen onoverkomelijk zou zijn. Ze hadden het er moeilijk mee om hun vriendinnen achter te laten. Als ouders huilden wij dan ook weleens een potje mee; zo stonden we naast elkaar. Dit zorgt ervoor dat we een hechte band hebben. We weten ons hierin afhankelijk van de Heere.”

Roel en Corina voelen zich gezegend met hun drie meiden. „We hebben het gezellig en goed. Ik kan me voorstellen dat opvoeden lastiger is als je een kind met een gedragsstoornis hebt”, zegt Roel. „Ons verhaal klinkt misschien idyllisch, maar ook hier knalt weleens een deur of schreeuwt er soms iemand.” Corina: „Toen de oudste ging puberen, schrokken we weleens. Bij de anderen kunnen we er om lachen en weten we dat het wel weer goed komt. We beschikken beiden over een dosis humor. Die is goed bruikbaar in de opvoeding.”

De familie Wagenaar uit Kapelle. beeld Dirk-Jan Gjeltema

Tips van Roel en Corina Wagenaar

Neem de Bijbel als leidraad.

Leg moeilijke zaken samen aan de Heere voor.

Zorg dat je genoeg tijd en aandacht hebt voor je kinderen, zodat je weet wat er in hen leeft.

Houd rekening met wat elk kind afzonderlijk nodig heeft.

Laat elk kind in zijn waarde.

Laat je eigen mening niet altijd wet zijn.

Probeer soms de humor van bepaalde situaties in te zien.

Geniet ervan wanneer het goed gaat; dat wordt je niet voor niets gegeven.

Verschuure gaat voor verantwoordelijkheid

Snel rondt ze een telefoongesprek af en pakt haar laptop erbij waarop ze aantekeningen maakte over opvoeding. Daarover heeft Elisabeth Verschuure (40) uit Kapelle een duidelijke visie. Ze is gescheiden en voedt haar dochters Anne-Ruth (16) en Hilde (17) in haar eentje op, net als steeds meer ouders in Nederland die alleen voor de opvoeding staan.

De Zeeuwse is zich ervan bewust dat een scheiding moeilijke situaties in de opvoeding kan opleveren. Maar bij haar loopt die goed en daarom deelt ze haar verhaal, in de hoop anderen te bemoedigen. „Ik vind het lastig om te zeggen welke stijl aansluit bij mijn manier van opvoeden. Gods Woord is mijn leidraad. Ik leer mijn dochters dat ze niet voor zichzelf op aarde zijn, maar om de Heere Jezus te leren kennen en dienend bezig te zijn. Gisteravond las ik een stukje van Spurgeon waarin hij zegt dat God ons niet tot Zijn kinderen wil maken omdat Hij kinderen nodig heeft, maar omdat wij een Vader nodig hebben. Het verlangen naar die Vader hoop ik hun mee te geven.” De autoritatieve stijl sluit waarschijnlijk het beste aan bij Verschuures opvoeding, omdat er ook vrijheid in zit. „Want Gods Woord geeft vrijheid.”

Als de puberdochters aan hun moeder vragen stellen, krijgen ze altijd wedervragen. „„Waarom wil je dat? Waarom zou je het wel doen en waarom niet? En wat zou de Heere Jezus ervan vinden?” Op deze manier geef ik hun een verantwoordelijkheidsgevoel en leren ze zelf keuzes maken.” Dat is als moeder niet altijd makkelijk, vindt Verschuure. „Soms doen ze iets waar ik niet achter sta, zoals sommige uitstapjes. Dat is voor mij vervelend, want dan doen ze iets wat ik niet wil. Maar ik vind het belangrijk dat ze voor zichzelf hun keuze tegenover de Heere kunnen verantwoorden. Dat is belangrijker dan dat ze dat tegenover mij kunnen. Soms blijkt dat een beslissing niet slim was. Dan moeten ze de consequenties dragen, daar leren ze van.”

De Kapelse moeder probeert haar meiden los te laten waar het kan en te omarmen waar ze het nodig hebben. „Dat is anders dan dat je je kinderen erg in de klem houdt. Macht in de opvoeding is altijd fout. Als ik boos ben, stel ik een gesprek altijd uit. Want in drift gaat er veel fout.”

Loslaten en een verantwoordelijkheidsgevoel meegeven, vindt Verschuure belangrijk. „Ieder kind is uniek geschapen en is in staat keuzes te maken. Als moeder mag ik daarin sturen. Ik vind het belangrijk dat de meiden zelf weten waarom ze iets doen. Toen ze nog klein waren, ontstond er weleens ruzie tussen de zussen of met vriendinnen. Dan bemoeide ik me niet daarmee, maar liet ik hen die zelf uitpraten. Kinderen moet leren hun eigen weg te gaan. Volgens mij maak je ze daarmee sterk. Ik hoorde pas de uitspraak: „Het is beter sterke kinderen te maken, dan gebroken volwassenen te repareren.” Die is raak.”

Ondanks dat de meiden veel keuzevrijheid krijgen, stelt Verschuure ook grenzen. „Het zijn pubers en die zoeken nu eenmaal die grenzen op. Over sommige onderwerpen ga ik niet in discussie. Zoals over bepaalde uitstapjes, voor mij onacceptabele kledingstijl en de tijden waarop ze thuis moeten zijn. Dan ben ik heel streng en dan luisteren ze ook. We hebben een goede band en als er liefde is, kan er veel, maar veel ook niet. Als je authentiek bent, respecteren ze je als ouder.”

Elisabeth Verschuure uit Kapelle met haar dochters. beeld Dirk-Jan Gjeltema

Tips van Elisabeth Verschuure

Laat liefde bovenaan staan.

Leer dat kinderen niet voor zichzelf leven, maar voor God.

Respecteer de grenzen van je kinderen.

Laat kinderen zichzelf zijn.

Bid elke dag met elkaar en laat de kinderen gebedspunten inbrengen.

Wees te allen tijde voor de kinderen beschikbaar, ook als er een zorgenkind is.