„Jaar 2020 is een uitroepteken bij smeltende Noordpool”

Een ijsschots in de Laptevzee. Niet eerder was er in deze tijd van het jaar zo weinig zee-ijs in deze Russische zee boven de poolcirkel.

In al het mediageweld rond corona raakt ander nieuws algauw ondergesneeuwd. Zoals dat over de Noordpool. Er zijn namelijk meerdere opmerkelijke trends gaande op het koude, uiterste puntje van de planeet.

„Het is een gek jaar geweest in het noorden: de hoeveelheid zee-ijs rond het laagterecord, een hittegolf in Siberië met temperaturen van 38 graden en enorme bosbranden”, stelde Mark Serreze, directeur van het National Snow and Ice Data Center (NSIDC) van de universiteit van Colorado, onlangs in een nieuwsbericht. „Het jaar 2020 is als een uitroepteken voor de neerwaartse trend in de omvang van Arctisch zee-ijs. We zijn op weg naar een seizoensgebonden ijsvrije Noordelijke IJszee, en dit jaar is weer een spijker aan de doodskist.”

De tweet kan niet getoond worden, omdat Twitter cookies plaatst die volgens uw cookie-instellingen niet toegestaan zijn.
Sta doelgroepgerichte cookies toe om de tweet te tonen en ververs dan de pagina.

De omvang van de Noordpool bereikte op 15 september het op één na laagste minimum in de 42 jaar dat er satellietmetingen worden gedaan. Er restte nog 3,74 miljoen vierkante kilometer aan ijs. Dat lijkt veel, maar een aantal decennia geleden was dat nog meer dan het dubbele. Alleen in het recordjaar 2012 lag het zomerse minimum lager met 3,39 miljoen vierkante kilometer.

„Het was dit jaar simpelweg heel warm in het noordpoolgebied, en het smeltseizoen begon vroeger”, aldus Nathan Kurtz, wetenschapper bij het Goddard Space Flight Center van NASA, op de site van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie. „Hoe vroeger het smeltseizoen begint, hoe meer ijs je doorgaans verliest.”

Neerwaartse spiraal

Niet alleen de omvang van het zee-ijs neemt af, maar ook het meerjarig ijs smelt weg, zei Serreze van het NSIDC. „Het ijs wordt dus dunner. Het is een dubbele klap.”

Daarmee belandt het Noordpoolgebied volgens Serreze meer en meer in een neerwaartse spiraal. Warmer oceaanwater vreet meerjarig ijs weg, wat resulteert in grotere oppervlakten dun eenjarig ijs na de winter. Dat dunne ijs smelt in de daaropvolgende lente en zomer weer makkelijker. De afname van ijsvolume is dan ook nog dramatischer dan de afname van het oppervlakte: zo’n 75 procent minder dan in de zomer van 1979.

Een frappant voorbeeld van het dunner wordende ijs kwam van de gloednieuwe Russische ijsbreker Arktika. Ondanks een eerder persbericht over succesvolle tests tijdens de eerste vaart naar de geografische Noordpool meldde kapitein Oleg Shchapin dat het schip niet echt op de proef was gesteld. Het ijs was dun –ruim 1 meter dik– en de krachtigste ijsbreker ter wereld had „geen enkele weerstand” ondervonden. „We probeerden een ijsschots van 3 meter te vinden, maar vonden die niet.”

De neerwaartse spiraal waar de Noordpool zich in bevindt, kan de opwarming van de aarde ook nog eens versnellen. Vanouds reflecteert het witte oppervlak van het zee-ijs het zonlicht, het zogeheten albedo-effect. Door klimaatverandering verdwijnt het witte ijs echter als sneeuw voor de zon en maakt het plaats voor donker oceaanwater. Daardoor neemt de terugkaatsing van het zonlicht flink af. Het zeewater absorbeert nu de straling, inclusief de warmte. Volgens een recente studie in Nature Communications zou dit mechanisme in 2050 –alleen al voor het Noordpoolgebied– 0,19 graden Celsius aan de wereldwijde temperatuur gaan toevoegen.

Meer aan de hand

In 2020 blijft het niet bij een bijna-record wat zee-ijs betreft. Er is meer aan de hand. In voorbije jaren nam het oppervlak van zee-ijs in oktober alweer rap toe, waarna het in maart –aan het eind van de winter– zijn maximum bereikte. Dit jaar niet. Niet eerder was de omvang van het ijs in deze tijd van het jaar zo laag (zie grafiek). Het ligt ongeveer 37 procent onder het historische gemiddelde.

Een schrijnend voorbeeld van de uitblijvende aangroei is de Laptevzee – die wel de kraamkamer van het Arctisch zee-ijs wordt genoemd. Van eind augustus tot half oktober was deze zee bijna helemaal ijsvrij. En dat terwijl er in de jaren 80 nog meerjarig ijs was. In sommige van de afgelopen jaren was de complete Laptevzee in oktober al dichtgevroren. Nu is er nog maar een fractie van de bijna 700.000 vierkante kilometer bedekt met zee-ijs.

Slapende reus

Ander verontrustend nieuws kwam van Noorse en Russische wetenschappers. Dat was eveneens vorige maand en eveneens vanaf de Laptevzee. De onderzoekers vonden bewijs dat de opwarming „de slapende reus van de koolstofcyclus” wakker maakt: methaan dat vrijkomt uit de bevroren poolbodem. Methaan staat te boek als een tachtig keer sterker broeikasgas dan CO2.

De onderzoekers troffen op de bodem van de Laptevzee grote hoeveelheden sediment aan met methaan. Op zes meetpunten over een gebied van 150 kilometer lang en 10 kilometer breed zagen ze wolken bellen met methaan uit het sediment vrijkomen. Ook aan de oppervlakte van het water maten de wetenschappers niveaus van methaan die vier tot acht keer zo hoog waren als verwacht.

Of en hoe snel de grote hoeveelheden opgeslagen methaan uit de permafrost (bevroren bodem) en de Arctische zeebodem gaan vrijkomen, is onderdeel van discussie in de wetenschap. Het vormt een van de grootste onzekerheden in klimaatmodellen. Igor Semiletov, een van de Russische wetenschappers, vertelde tegen The Guardian dat het tot nu toe onbekend was dat methaan actief uit de zeebodem vrijkwam. „Dit is een nieuwe pagina. Mogelijk kan het (vrijkomend methaan uit de zeebodem, MK) ernstige klimaatgevolgen hebben, maar we hebben meer onderzoek nodig voordat we dat kunnen bevestigen.”

De Canadese onderzoeksijsbreker CCGS Amundson in de buurt van de Noordpool. beeld AFP, Clement Sabourin

Nieuw klimaat

In een andere studie van september dit jaar concluderen wetenschappers dat het poolklimaat ontregeld is. De luchttemperatuur op de Noordpool warmt twee keer zo snel op als het gemiddelde tempo wereldwijd. Ze spreken van een „nieuw Arctisch klimaat.” Volgens de onderzoekers zijn extremen normaal geworden op de Noordpool. Het nieuwe klimaat staat onder meer voor hogere temperaturen en meer regen.

Uit een studie uit 2016 bleek al dat er een correlatie is tussen het maandgemiddelde aan zeeijs in september en de wereldwijde, cumulatieve CO2-uitstoot. Als de uitstoot van CO2 niet drastisch wordt ingeperkt, verwachten wetenschappers tussen 2030 en 2050 de eerste zomer met een ijsvrije poolzee. Zoals Walt Meier, senior onderzoeker bij het NSIDC, het zei tegen The Guardian: „Het is de vraag wanneer, niet of.”