Het trieste verhaal van het koraal

Witgebleekt koraal in de buurt van Koh Tao, een eiland in de Golf van Thailand. Het witte koraal gaat in de meeste gevallen uiteindelijk dood.  beeld Bert Hoeksema
5

Vraag koraalkenner Bert Hoeksema om bedreigingen voor het koraalrif op te noemen en hij is een poos aan het woord. Vraag hem of er behalve bedreigingen ook nog kansen zijn en het blijft een poos stil. „We kunnen alleen de achteruitgang vertragen.”

De grootste bedreiging voor het koraal is de klimaatverandering, waardoor het oppervlak van het zeewater opwarmt. Koraal kan daar niet altijd goed tegen en kan daardoor doodgaan.

Het resultaat laat Hoeksema zien aan studenten van de Universiteit Leiden. Talloze foto’s van witgebleekt koraal die de senior onderzoeker bij Naturalis Biodiversity Center zelf schoot tijdens onderzoek in de buurt van Koh Tao, een eiland in de Golf van Thailand. „Eerst wordt het koraal bleek en dan gaat het in de meeste gevallen dood. Een langzame, constante opwarming van het water zou het nog wel kunnen overleven, maar niet als het water plotseling 2 à 3 graden warmer wordt.”

Koraal ziet eruit als een plant, maar bestaat doorgaans uit honderden poliepen. Zo’n poliep is een thuisbasis voor eencellige algen. Ook vangt het dierlijk plankton met zijn tentakels.

Van de voeding maken koraaldieren een skelet van kalksteen, waarbij ze worden geholpen door algen in hun zachte weefsel rondom het skelet. Als de algen verdwijnen vanwege het warmere water, verliest het koraal zijn kleur. Het zachte, omhullende weefsel wordt transparant en het witte kalkstenen skelet wordt steeds meer zichtbaar: koraalverbleking.

Een wat minder bekende bedreiging is de aquariumhandel in koraaldieren. Landen zoals de Filipijnen en Fiji hebben de export van koraal verboden, maar in Australië en Indonesië is het nog gewoon toegestaan om levend koraal te verhandelen. „Het economisch belang is groot”, weet Hoeksema. „Er gaat heel veel geld in om. Ook in Nederland kopen we nog steeds koraal uit deze landen.”

Ook de handel in koraalvissen is niet bevorderlijk. „Anemoonvissen zijn natuurlijk prachtig in het aquarium, maar buiten hun natuurlijke omgeving zullen ze niet lang kunnen overleven. Als zulke plantenetende koraalvissen worden weggevangen, overwoekeren algen het koraal.”

Dynamiet

Schade door visserij voor consumptie is er ook. „Als ik in Zuidoost-Azië koraal aan het onderzoeken was, hoorde ik altijd wel harde knallen in de verte”, zo vertelt Hoeksema. „Dat zijn vissers die dynamiet in een school vis gooien. De ontploffing zorgt voor veel dode vis, maar ook voor beschadigd koraal. Gelukkig lijkt deze vorm van destructieve visserij wat af te nemen.”

Vissers raken regelmatig netten kwijt. Sommige daarvan komen terecht in het koraal en verstikken het rif. Andere blijven haken en vormen zogeheten spooknetten. „Ze vissen als het ware gewoon door, zonder dat de gevangen vis geoogst wordt.”

Ook afval in zee is slecht voor het koraal. „We dachten eerst dat plastic niet zo veel schade kon veroorzaken, maar het blijkt ziektekiemen over te kunnen brengen. Als er plastic in het koraal zweeft, worden poliepen sneller ziek en gaan ze dus ook sneller dood.”

Aan de lijst met bedreigingen lijkt maar geen eind te komen. Hoeksema noemt er nog twee: sedimentatie en inpoldering. „Het kappen van bossen is sowieso slecht voor de natuur. Het zorgt voor de erosie van land. Grond verdwijnt in een rivier, die het afvoert naar zee. Koraal in de buurt van de riviermonding wordt bedekt met slib en gaat dood. Of het krijgt door de sedimentatie te weinig zonlicht.”

Landhonger

De landhonger strekt zich ook uit naar zee. Vooral in de buurt van grote steden zoals Jakarta, Makassar en Singapore worden grote stukken ingepolderd, of er nu koraal groeit of niet. „Toeristen zijn daar ook niet blij mee, want die moeten vervolgens verder reizen om nog naar koraal te kunnen duiken.”

Je zou zeggen dat dat toerisme een reden is om er alles aan te doen om het koraal te redden. Het duiken naar koraalriffen levert immers miljoenen op. „Toeristen hebben niet zo in de gaten dat het slecht gaat met het koraal”, weet Hoeksema. „Ze vinden het altijd prachtig en weten niet dat het koraal vroeger nog veel mooier was. Hun gidsen zien die achteruitgang natuurlijk wel, maar zijn machteloos.

Al met al geen opwekkend verhaal. „Aan de grootste bedreiging, de klimaatverandering, kunnen we niet veel veranderen”, denkt Hoeksema. „Die is in gang gezet en stopt niet zomaar. Voor de andere bedreigingen geldt dat vooral de overheid ter plaatse het koraal beter moet beschermen. Het enige wat wij als Nederlanders kunnen doen, is het gebruik van plastic verminderen en voorkomen dat het in zee terechtkomt.”

Kunstrif

Pogingen om het koraal te redden zijn er volop. Bijvoorbeeld door het gebruik van kunstriffen. Het Biorock-rif is een raamwerk van dik metalen gaas dat via een stroomdraad is verbonden aan een zonnepaneel op drijvers. Door de lage stroomspanning op het metaal groeit het koraal er drie tot vijf keer harder op dan normaal. Zo kan verdwenen of aangetast koraal zich herstellen. Hoeksema denkt dat het weinig effect heeft. „Veel te kleinschalig.”