Eilanden hebben water van elders nodig

„Als je het slim aanpakt, kunnen de Waddeneilanden zelfvoorzienend zijn zonder dat de natuur geschaad wordt.” beeld ANP, Catrinus van der Veen

De Waddeneilanden halen bij lange na hun ambitie niet om in 2020 volledig zelfvoorzienend te zijn qua watervoorziening. Met name voor Terschelling moeten wel snel keuzes worden gemaakt.

Drinkwaterbedrijf Vitens en Wetterskip Fryslân lieten op het duurzaamheidsforum Springtij onlangs weten dat er veel dilemma’s zijn, die het onmogelijk maken de ambitie voor 2020 te halen. Toch kan de drinkwaterkwestie niet langer worden uitgesteld. Terschelling krijgt ongeveer twee derde deel van zijn water uit een financieel afgeschreven leiding vanaf Noardburgum. Hoe lang deze technisch nog meegaat, kan Vitens niet zeggen, maar hij zal op termijn vervangen moeten worden.

Urgent

Ook de provincie Friesland heeft reden om de zelfvoorzienendheid op de Waddeneilanden te onderzoeken. In de STRONG stelde het rijk in 2018 dat drinkwater ook op de lange termijn moet kunnen worden geleverd. De provincie wil daarom zo snel mogelijk weten of de waterleiding naar Terschelling moet worden vervangen, of dat het eiland voor drinkwater de eigen broek zal kunnen ophouden.

Onderzoek naar zelfvoorzienendheid op Terschelling deed Vitens jaren geleden ook al. Dat leek toen kansrijk, maar halverwege zette de directie van Vitens het onderzoek stop, om financiële redenen, vertelt Jan Luinstra, beleidsmedewerker van de provincie. Inmiddels is het onderzoek wel weer gaande, nu uitgevoerd door de gemeente Terschelling, provincie, Wetterskip Fryslân én Vitens.

De onderzoekers kijken naar alle Waddeneilanden, vertelt Luinstra. Ook naar Vlieland en Schiermonnikoog, die nu nog zelfvoorzienend zijn, maar wel tegen hun maximale drinkwatercapaciteit aanlopen. „Als we bij Ameland en Terschelling slimme dingen ontdekken, kunnen we die oplossingen als soort laaghangend fruit ook op Schiermonnikoog en Vlieland toepassen.”

Toch is het maar de vraag of alle water wel alléén van een eiland als Terschelling of Ameland kán komen. Onder de eilanden zit een zoetwaterbel, omringd door zout water. Als er teveel zoet water verdwijnt, komt het zoute water omhoog en brengt het door verzilting en verdroging de kwetsbare natuurgebieden in gevaar. Dit zou kunnen worden gecompenseerd door minder regenwater af te voeren naar zee.

„Als je het slim aanpakt, kunnen de Waddeneilanden zelfvoorzienend zijn zonder dat de natuur geschaad wordt”, zegt Arjen Kok, ambassadeur van het waddengebied bij Natuurmonumenten. Volgens Kok zijn er goede redenen voor Terschelling om zelfvoorzienend te willen zijn. „Zo’n waterleiding vanuit Noardburgum is een navelstreng naar het eiland. Als die breekt, heb je een probleem, met name in het hoogseizoen. Dan heb je liever je watervoorziening op het eiland zelf.” Luinstra ziet nog een groot voordeel. „Hoe dichterbij het water wordt gewonnen, hoe schoner het voor de eilander is.”

Piekmoment

Maar de watervoorraad moet óók groot genoeg zijn tijdens de piekmomenten in het jaar, zegt Evy Elschot, woordvoerder van Vitens. Tijdens festivals en vakanties kan het waterverbruik wel drie keer zo hoog zijn. Wethouder Hoekstra (VVD) van Terschelling is kritisch over de plannen. „Zelfvoorzienendheid is een mooi streven, maar geen doel op zich.”

Bovendien noemt ze het een risico. „Nu hebben we nog twee opties: als de ene het af laat weten, is er nog een andere drinkwaterbron.”