„Aan stier voor bioboer moet niet gesleuteld zijn”

De biologische sector is superprofessioneel. Veel grote ondernemingen uit de gangbare land- en tuinbouw staan ook met een stand op de Bio-beurs. beeld Ruud Ploeg

Biologisch is in. En de branche is superprofessioneel. Ook genetisch uitgangsmateriaal moet bijvoorbeeld aan steeds strengere eisen voldoen, blijkt op de Bio-beurs.

De vakbeurs voor de biologische sector is bijna uit zijn jasje gegroeid. Woensdag en donderdag presenteerden zich in de Zwolse IJsselhallen ruim 400 bedrijven. Woordvoerster Miriam van Bree van organisator Bionext, koepel van de brancheorganisaties van biologische boeren en tuinders, winkeliers, verwerkers en groothandelaren, raamt het aantal bezoekers op een kleine 12.000. Die komen naar de beurs om contacten te leggen en zich te oriënteren op nieuwe producten, nieuwe afzetmogelijkheden en nieuwe technieken.

Stieren

Melkveehouder Douwe Zijlstra uit het Friese Hallum bemant de stand van Bio-KI. Deze coöperatie wil een zelfstandige fokkerij binnen de biologische rundveehouderij bevorderen. Biologische boeren insemineren hun koeien vaak nog met sperma van gangbaar opgefokte stieren. Vreemd, vindt Zijlstra. „Die stieren zijn meestal via embryo-transplantatie geselecteerd. Daarvoor zijn aan de moeder hormonen toegediend. Steeds vaker is ook aan het DNA van zo’n stiertje gesleuteld. Allemaal zaken die in de biologische veehouderij zelf niet zijn toegestaan. Het is niet meer dan logisch om ook de selectie en opfok van stieren en stiermoeders volgens biologische standaarden te laten gebeuren.”

In de plantaardige sectoren is het al lange tijd gebruikelijk dat uitgangsmateriaal speciaal voor de biologische teelt wordt gekweekt. Grote veredelingsbedrijven hebben bio als groeiende nichemarkt ontdekt en zetten allemaal in op de ontwikkeling van nieuwe rassen. Vandaar dat bedrijven als Agrico, Nedato en Meijer (aardappelen) en Rijk Zwaan (groentezaden) prominent op de Bio-beurs aanwezig zijn. Rundveeverbeteringsorganisaties, op Bio-KI na dan, ontbreken.

Ook in de pluimveehouderij komt er meer oog voor de ontwikkeling van ‘eigen’ rassen voor de biologische sector. Wytze Nauta uit Amersfoort promoot in Zwolle zijn Vredelinger dubbeldoelkippen: leghennen die nadat ze uitgelegd zijn, ook nog een aantrekkelijk stukje vlees opleveren. Hij heeft er tien jaar over gedaan om het nieuwe ras uit vijf ouderlijnen te kruisen en brengt de kippen inmiddels op bescheiden schaal op de markt. Het is weer een stap op weg naar een geheel gesloten biologische productieketen.

Wie over de Bio-beurs loopt, kan naar hartelust proeven van nieuwe producten. Grote en kleine bedrijven presenteren hun waar. Neem het voedingsmiddelenconcern Wessanen, dat onder meer de nieuwe look van zijn plantaardige dranken Isola Bio in de schijnwerpers zet. Of fruitsappenproducent Schulp, voor wie volgens verkoper Daniël Rovers bio een groeiend onderdeel van het pakket vormt.

Eetcultuur

Op het Foodplein bereiden koks van Dutch Cuisine, dat de Nederlandse eetcultuur internationaal op de kaart wil zetten, biologische lekkernijen. Ze doen dat in het kader van de campagne Man in de Pan van Bionext. Doel van die campagne is om ook mannelijke dieren uit de biologische sector een goede bestemming te geven, zodat bijvoorbeeld eendagshaantjes van legrassen niet meer gedood hoeven te worden maar kunnen worden opgefokt voor het vlees.

De koks zijn ook in de weer met vlees van stieren en bokken en haantjes. De proeverijen trekken veel aandacht, merkt projectleider Heleen Klinkert. „De mensen reageren heel positief. Als je nog nooit bokkenvlees hebt gegeten, is het best een stap om het te doen, maar het is gewoon heel lekker. We hopen met dit project de drempel bij de consument te verlagen.”

Bezoeker Herman van de Munt (34) uit Lunteren is naar de beurs gekomen om kennissen uit het wereldje te ontmoeten. Samen met een broer houdt hij biologische varkens en legkippen. De zaken gaan goed. „Je hebt veel minder prijsschommelingen dan in de gangbare landbouw. Maar het is wel zaak dat je het technisch goed voor elkaar hebt. Bio heeft de wind mee.”