Eindelijk weer zelf kunnen staan met een robotpak

Ruben de Sain heeft al een exoskelet, maar testte donderdag een nieuwe versie.  beeld Sint Maartenskliniek, Bart van Dieken

In 2005 kreeg Ruben de Sain een ongeluk met zijn motor. Een dwarslaesie was het gevolg. Met behulp van een exoskelet kan De Sain toch weer lopen. De TU Delft testte donderdag zo’n robotpak.

Een exoskelet, of uitwendig skelet, is een soort robotpak dat je lichaam omsluit. Het pak kan de volledige functie en controle over je benen overnemen, zegt Marise de Baar, teamlid van Project March, de groep studenten die aan het skelet heeft gewerkt. „Je hebt nog wel krukken nodig om jezelf te stabiliseren.”

Maar aan dat nadeel denkt Ruben de Sain voorlopig niet. Hij is al dolblij dat hij weer enigszins mobiel is. De Sain heeft al anderhalf jaar een exoskelet, dat hij door een crowdfundingsactie kon aanschaffen. Aan het apparaat zit een prijskaartje van 85.000 euro.

Dat geld was het meer dan waard. „Ik voel me er veel fitter door”, zegt De Sain. „Het heeft vooral een therapeutische werking. Je onderhoudt je lichaam veel beter. Als je af en toe staat, worden je botten sterker, is je doorbloeding beter en heb je minder last van spasmes. Ik ben minder ziek en heb ook veel minder last van mijn rug sinds ik het pak gebruik.”

Maar het mentale aspect is ook belangrijk, weet De Baar. „Je kunt mensen weer op ooghoogte aankijken. Mensen kijken niet meer op je neer, je staat weer gewoon.”

De TU-student heeft met een groep studenten een exoskelet ontwikkeld voor Ruben dat tegemoet komt aan nadelen van zijn huidige pak. De Sain testte het donderdag.

Het is niet alleen een technologische verbetering, het is ook een schreeuw om aandacht voor exoskeletten. De technologie staat nog in de kinderschoenen en de prijs is torenhoog. De Baar: „In de toekomst hopen we mensen met een dwarslaesie de volledige mobiliteit terug te kunnen geven. Het doel is dat mensen het pak ’s ochtends onder hun kleren aantrekken en gewoon een normaal leven kunnen leiden.”

Ook De Sain is hoopvol. „Ik woon in Nijmegen. Veel restaurantjes zijn daar niet rolstoelvriendelijk. Ik word al warm als ik denk aan het idee dat ik gewoon weer ergens naar binnen kan waar alleen maar trappen zijn.”