Allard Pierson ondergaat gedaantewisseling

Het Allard Pierson Museum in Amsterdam. beeld Peter Eijking
5

Het Allard Pierson Museum in Amsterdam heeft een gedaantewisseling ondergaan. Aan de monumentale voorgevel valt dat niet af te lezen, maar binnen is in de afgelopen vier jaar het nodige veranderd.

Het oudheidkundige museum aan de Oude Turfmarkt beheert de erfgoedcollectie van de Universiteit van Amsterdam. De oorsprong van deze verzameling –met onder meer middeleeuwse handschriften– ligt bij de eerste stadsbibliotheek van Amsterdam. In de zeventiende eeuw werd deze bibliotheek onderdeel van het Athenaeum Illustre, de voorloper van de huidige universiteit.

Het Allard Pierson Museum ontstond in 1934, nadat de Haagse bankier Lunsingh Scheurleer slachtoffer was geworden van de beurskrach van 1929 en de daaropvolgende economische crisis. Hij zag zich genoodzaakt om de collectie van het archeologisch museum dat hij in Den Haag had opgericht te verkopen. De Allard Pierson Stichting kocht de verzameling aan en schonk deze aan de Universiteit van Amsterdam, op voorwaarde dat de collectie voor het publiek toegankelijk zou worden. Op 12 november 1934 werd zo het Allard Pierson Museum opgericht.

Op 1 januari 2019 zijn het Allard Pierson Museum en de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam samengevoegd tot ”Allard Pierson. De collecties van de Universiteit van Amsterdam”. Vanaf dat moment is gewerkt aan de langlopende presentatie ”Van Nijl tot Amstel”, die duizenden jaren cultuurgeschiedenis omspant: van mummies uit het Oude Egypte tot handschriften van Multatuli en van Koptisch textiel tot atlassen van Joan Blaeu. De presentatie is te zien vanaf 15 september.

Nieuw is dat de voorwerpen niet langer per thema of per cultuur worden getoond, maar in tijdvakken. Daardoor worden dwarsverbanden tussen verschillende culturen beter zichtbaar. Bezoekers kunnen kiezen uit diverse onderwerpen en periodes; van de prehistorie en het ontstaan van het schrift bij volkeren in de Nijldelta, tot Amsterdam in de 17de, 18de en 19de eeuw. Bovendien is er een zaal voor wisseltentoonstellingen met 20ste en 21ste-eeuwse collecties. Op de bovenste verdieping van de aanbouw bevindt zich de hoge, lichte afdeling met gipsen afgietsels van klassieke beelden: de Gipsengalerij.

Interessant is de afdeling cartografie, die duidelijk maakt dat Amsterdam in de zeventiende eeuw de belangrijkste producent van kaarten ter wereld was. In het depot van het Allard Pierson liggen zo’n 135.000 losse kaarten, 4500 atlassen en een aantal globes.

Het museum is qua oppervlakte fors uitgebreid: er kwam 500 vierkante meter expositieruimte bij en nog eens 500 vierkante meter voor publieksruimtes. Voor een deel is die ruimte verkregen door een transparante aanbouw aan het Turfdraagsterpad.

De aanpassingen waren ook bedoeld om het museum een meer open karakter te geven, met een duidelijke verbinding met de openbare ruimte. Daarom is onder meer de gratis toegankelijke zone ”Allard Pierson Live” gecreëerd, waar het publiek alvast kan ruiken aan archeologie, de kaartencollectie en de muziek-, film- en audiocollecties.

www.allardpierson.nl